Waarom proberen geen goed vertrekpunt is voor succes

Vol energie iets proberen of vol energie ergens voor gaan; een wereld van verschil

 

“Ik ga vol energie proberen om betaald werk te krijgen”, zo mailde mij iemand laatst.

Je zegt het zo gemakkelijk, je niet realiserend welke aannames en percepties er onder liggen. En wat de invloed daarvan is op je gedrag.

Die aannames en percepties maken dat bij iets proberen de kans op succes niet groot is. De kans is in elk geval vele malen kleiner, dan wanneer je gericht gaat voor je doel.

En als je gericht te werk gaat, dan wordt de kans dat het je echt lukt ook nog eens groter, naarmate je meer vertrouwen hebt in jezelf.

Dat heeft veel te maken met psychologische mechanismen als selffulfilling prophecy en intern en extern attribueren.

Meer daarover lees je in mijn artikel.

 

Waarom proberen geen goed vertrekpunt voor succes

 

Vol energie proberen om betaald werk te krijgen

 

In een van mijn eerdere artikelen heb je wellicht al gelezen, dat op zoek zijn naar een baan wezenlijk anders werkt dan bezig zijn met het vinden van je baan.

Datzelfde geldt ook voor vol energie proberen om betaald werk te krijgen en vol energie gaan voor betaald werk. Ook al ben je je daarvan misschien niet bewust.

Proberen geeft al aan, dat je denkt dat je weinig kans maakt om aan een betaalde baan te komen. Je kunt het proberen, maar toch…….

Proberen wordt helemaal riskant, als je al een alternatief in gedachten hebt.  Bijvoorbeeld dat je op voorhand bereid bent om te aanvaarden dat het vinden van betaald werk niet zal lukken. En dat je er vrede mee hebt, dat jouw werkzame leven daarmee eindigt.

 

 

Selffulfilling prophecy; de zichzelf waarmakende voorspelling

 

De zichzelf waarmakende voorspelling is een voorspelling die direct of indirect leidt tot het uitkomen van die voorspelling.

Ik leg je uit wat het is en hoe dat mechanisme werkt.

 

De zichzelf waarmakende voorspelling is in aanvang een foute definitie van de situatie.

Bijvoorbeeld dat jij ervan uit gaat dat je te oud bent voor de arbeidsmarkt, dat je te weinig te bieden hebt, dat geen enkele werkgever zit te wachten op mensen zoals jij.

 

Die foute definitie van de situatie roept gedrag van jou op waardoor de oorspronkelijke foute kijk op de situatie waar wordt.

Waarom zou je je bijvoorbeeld voor de volle 100% inzetten om aan passend werk te komen, als de kans op succes door jou als gering wordt ingeschat?

Met die manier van denken en handelen zul je er inderdaad niet in slagen om aan passend werk te komen.

 

Zo houdt de schijnbare juistheid van de voorspelling een foute voorstelling van zaken in stand.

De voorspeller zal namelijk datgene wat uiteindelijk gebeurd is, aanvoeren als bewijs dat hij van begin af aan gelijk had.

 

Ik lees dergelijke verhalen met regelmaat. Misschien herken jij ze ook in discussies in sommige groepen op LinkedIn. Het is niet gemakkelijk om daar dan iets tegen in te brengen.

Voor betrokken personen is het dé definitie van de situatie. Als betrokken persoon realiseer je je niet, dat je mogelijk door eigen gedrag de schijnbare juistheid van de voorspelling werkelijkheid hebt gemaakt.

 

Dat mechanisme heeft ook veel te maken met attributie, een theorie uit de sociale psychologie.

 

 

Hoe attributie van invloed is op je motivatie en op je gedrag

 

De attributietheorie gaat over de manier waarop mensen het gedrag van zichzelf en van anderen verklaren in termen van oorzaak en gevolg. En hoe dit van invloed is op hun motivatie.

Volgens die theorie kun je de oorzaken en gevolgen van je gedrag toeschrijven aan factoren in jezelf (interne attributie) of aan factoren buiten jezelf (externe attributie).

 

Ik geef je een voorbeeld.

Je gelooft in je succes. Je gaat ervoor. Helaas lukt het je niet om gelijk te realiseren wat je voor je ogen hebt. Je hebt echter vertrouwen in je eigen kunnen.

Misschien ervaar je het als pech als het je niet direct lukt om als uitverkozene uit de bus te komen. Pech is net als geluk een voorbeeld van externe attributie. Je hebt er voor jouw gevoel namelijk zelf geen aandeel aan.

Dat aandeel er aan hebben wordt anders, als je inschat dat je succesvoller was geweest als je beter was voorbereid. Het incidentele falen schrijf je dan toe aan jezelf, aan interne factoren. Dat noemt men interne attributie.

Het staat voor jou vast: de volgende keer ga je er extra tegenaan. Je gaat je super goed voorbereiden. Je bent overtuigd van je kwaliteiten. En met enige vasthoudendheid gaat het je lukken om te realiseren wat je voor ogen hebt.

 

Dat wordt anders, als je bij voorbaat inschat dat je weinig kansen hebt. Of omdat je voor jouw gevoel te oud bent, te weinig te bieden hebt of dat geen enkele werkgever zit te wachten op mensen zoals jij.

Waarom zou je je dan extra inspannen om bijvoorbeeld daadwerkelijk de baan te bemachtigen die je voor ogen hebt?

Jij bent toch te min en anderen hebben het voor het zeggen?

 

 

Vol energie iets proberen of vol energie ergens voor gaan, is echt een wereld van verschil

 

Iemand die gelooft in succes en vol energie ervoor gaat, is geneigd om zich extra in te spannen en door te gaan. En zo te realiseren wat hij voor ogen heeft.

Iemand die vol energie iets probeert, uit daarmee twijfel aan zichzelf en zijn invloed op de situatie.

Als je daaraan twijfelt, dan ben je ook eerder geneigd om af te haken.

Waarom zou je immers doorgaan als je inschat dat je toch niet kunt realiseren wat je voor ogen hebt? Zeker als je gevolgen van je gedrag geneigd bent toe te schrijven aan factoren buiten jezelf?

 

Schrap proberen dan ook uit je vocabulaire. Want proberen is geen goed vertrekpunt voor succes.

 

 

 

Kun je wel wat hulp gebruiken, zodat je je zelfverzekerd kunt bewegen op de arbeidsmarkt?

Neem gerust contact met me op.

 

 

 

 

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *