Berichten

Rationeel een goede keuze; toch geen goede match

Waarom de beste keuze niet per definitie een weloverwogen keuze is

 

Veel mensen hebben moeite met kiezen. Zeker als het kiezen voor een opleiding, baan of loopbaan betreft.

Ze willen vooral een goede keuze maken.

Ze zijn dan geneigd om te denken dat daarvoor weloverwogen kiezen nodig is.

Maar wist je dat het kan zijn dat je rationeel goed gekozen hebt, maar dat je keuze toch niet goed voelt? Dat je keuze niet op zijn plek valt? Misschien zelfs helemaal mis is?

Kies je louter rationeel, dan maak je geen fit met je gevoel.

Aan de andere kant, vertrouw je blindelings op je intuïtie, dan loop je het risico in een diep gat te stappen.

Het is dan ook mooi als je bij het maken van keuzes met betrekking tot je werk en loopbaan de rationele benadering kunt combineren met een meer intuïtieve, gevoelsmatige strategie.

Voor je psychisch welbevinden is het namelijk belangrijk, dat een keuze niet alleen een verstandige, rationele keuze is, maar dat die keuze ook goed voelt.

Rationeel een goede keuze; toch geen goede match

 

Te veel om te kiezen bemoeilijkt een goede keuze

 

Ik zie dat met regelmaat bij mijn coachklanten. Zeker bij coachklanten die al jaren worstelen met een keuzeprobleem.

Zoals een van mijn klanten het verwoordde: “Zelfs al met betrekking tot mijn studie kon ik niet kiezen.”

Zij heeft dan ook een Propedeuse Psychologie gedaan. Vervolgens een Bachelor Bestuurskunde en ze heeft haar studie afgerond met een Master Internationale betrekkingen.

Achteraf is zij voor zichzelf tot de conclusie gekomen dat een studie Politicologie misschien een betere optie was geweest.

 

Veel te kiezen hebben lijkt gemakkelijk, maar dat is het niet.

Integendeel, het zorgt ervoor dat het maken van een goede keuze eerder moeilijker wordt dan makkelijker.

Niet alleen wordt het kiezen zelf moeilijker. Het blijkt ook, dat een uitgebreid pallet aan keuzes leidt tot het hanteren van hoge normen (maximizing) en grotere ontevredenheid en meer spijt achteraf

Als je veel alternatieven hebt, dan pik je er namelijk ook eerder het verkeerde uit. Wellicht kun je je daarbij iets voorstellen.

 

 

Een goede keuze maken door het opvolgen van een goede strategie

 

Maar wat is een goede strategie?

 

Een goede strategie is om te beginnen sterk persoonsgebonden.

De ene persoon is nu eenmaal rationeler of intuïtiever dan de andere. En de een is eerder geneigd om advies in te winnen bij anderen, terwijl een ander het liefst zijn eigen boontjes dopt.

 

Een goede strategie wordt daarnaast ook bepaald door de keuze waarvoor je staat.

Sommige keuzes maak je misschien heel intuïtief, terwijl je bij andere keuzes eerder geneigd bent om rationeel te werk te gaan.

Zo maak je de keuze voor een partner wellicht eerder op je gevoel. En zo maak je de keuze voor een baan misschien eerder door rationele afwegingen te maken.

Overigens is ook dat voor iedereen verschillend.

 

Een goede strategie is niet per definitie een rationele strategie.

Ook al zijn veel mensen geneigd om zo te denken. Ze denken dan, dat je een keuze goed moet doordenken. Bijvoorbeeld door alle voors en tegens van de alternatieven op een rij te zetten en af te wegen. En vervolgens te komen tot een besluit.

In de praktijk blijkt echter dat een rationele benadering niet per definitie leidt tot een goede keuze. Laat staan, de beste keuze.

De beste keuzes blijken te worden gemaakt door rationele denkers, die zich naast hun ratio laten leiden door hun intuïtie.

 

 

Een rationele strategie: bewust en gebalanceerd beoordelen van informatie?

 

Dat had je misschien gedacht, maar op grond van onderzoeken blijkt dat niet zo te zijn.

 

Wist je dat we informatie die we hebben, lang niet altijd rationeel verwerken?

Dat je hersenen gevoelig zijn voor een bepaald soort informatie? Dat het vooral informatie is die betrekking heeft op je streefdoelen?

Wil je bijvoorbeeld een goede keuze maken met betrekking tot een baan? Het blijkt dat je dan minder gevoelig bent voor de informatie die gaat over doelen die je wilt vermijden.

Denk daarbij bijvoorbeeld aan kenmerken van mensen, kenmerken van organisaties of arbeidsomstandigheden die je zou moeten vermijden, wil je groeien en bloeien in je werk.

Eenzijdige focus op streefdoelen leidt gauw tot eenzijdige informatieverwerking.

 

Een tweede verklaring voor het eenzijdige oordeel van baanzoekers heeft te maken met afstand.

Bij het maken van een goede keuze voor een baan ben je niet alleen gericht op het nu, maar ook op de toekomst.

Op basis van sociaal psychologisch onderzoek blijkt, dat afstand (ver of dichtbij, heden of toekomst) uitmaakt voor het soort informatie dat mensen in gedachten nemen en voor de besluiten die ze daaraan koppelen.

Als mensen een besluit moeten nemen over de toekomst, dan zijn ze kennelijk geneigd de positieve kanten van een mogelijke keuze zwaarder te laten wegen dan de negatieve.

 

Afstand beïnvloedt niet alleen de positief-negatief balans van een keuze, maar ook de inhoud van de afwegingen die we maken.

Als je een besluit over de toekomst van werk moet nemen, dan doe je dat met name op grond van cognitieve overwegingen. Daarbij maak je je een voorstelling van de uitkomsten, die je verwacht. Bijvoorbeeld je toekomstige salaris, ontwikkelingsmogelijkheden en andere aspecten die je wenst aan te treffen.

Het blijkt dat je je minder goed kunt inbeelden hoe je je in die baan zult voelen; blij, teleurgesteld, gespannen?

En kennelijk, als je iets negatiefs nog niet ervaren hebt, dan onderschat je de daadwerkelijke latere ernst ervan. De emoties ervaar je pas als je je eenmaal in die situatie bevindt.

 

 

Wil je een goede keuze maken? Laat je intuïtie dan spreken

 

Realiseer je dat er meer is dan het rationele, dat uiteindelijk bepaalt of een keuze een goede keuze is.

Realiseer je dat het bij het intuïtieve, het gevoelsmatige vaak gaat om moeilijk of nauwelijks benoembare zaken of aspecten.

Te rade gaan bij je gevoel kan je helpen om de zaken op het spoor te komen die je niet weegt met je rationele brein.

Zo kan het zijn dat een keuze op basis van bewuste afwegingen de juiste lijkt, terwijl die niet goed voelt.

Het omgekeerde kan ook: een keuze kan niet logisch zijn, maar beter voelen.

Het onbewuste zendt kennelijk signalen uit en het is goed om daaraan niet voorbij te gaan.

 

Matcht je gevoel niet met je ratio?

Zorg dan dat je op het spoor komt waar de weerstand vandaan komt of waarom je een alternatief zo aantrekkelijk vindt.

Wellicht helpt het je om je keuze aan een ander uit te leggen.

Begrijpt de ander je overwegingen? Ben je in staat om daarbij ook je gevoel te verwoorden?

 

 

Kortom:

Wil je een goede keuze maken met betrekking tot je werk en loopbaan?

Ga af op je verstand én op je gevoel.

Vraag je niet alleen af wat je in je ideale baan wenst aan te treffen, maar ook wat je moet vermijden als je wilt groeien en bloeien in je werk. Neem dat laatste mee in je afwegingen.

Richt je baankeuze op de korte of middellange termijn.

 

 

Kun je daarbij wel wat hulp gebruiken?

Bel (0575-544588 / 06-54762865) of e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) me gerust voor het maken van een afspraak voor een vrijblijvend oriënterend gesprek.

 

 

Hoe je ervoor zorgt dat je werk werkt als een dynamo

Hoe je je accu oplaadt door inzet van jouw ‘top five’

 

“Ik hoop een nieuwe start te kunnen gaan maken met nieuwe energie en motivatie, iets wat nu ver te zoeken is…….”

Zo mailde me een potentiële klant.

Zit je niet goed op je plek in je werk, dan kost dat inderdaad veel energie. Zoveel energie dat je na een werkdag wellicht uitgeblust thuiskomt. Te moe, om wat dan ook nog op te pakken.

Dat wordt anders, als je werk doet dat optimaal bij je past.

Je kunt het je misschien niet voorstellen, maar dan hoeft werk je geen energie te kosten. Integendeel, het levert je energie op.

Als je werk doet dat écht bij je past, dan werkt dat werk als een dynamo. Je laadt je accu ermee op.

Of je werk optimaal bij je past, heeft onder andere te maken met welke kwaliteiten van jezelf, jij inzet in je werk. Het is het mooist als je jouw top five kunt inzetten in het werk dat je doet.

Want dan kost je werk je niet alleen minder energie, het levert je zelfs energie op, doordat je werk werkt als een dynamo.

Meer daarover lees je in mijn artikel.

 

Hoe je ervoor zorgt dat je werk werkt als een dynamo

 

Wil je dat je werk werkt als een dynamo? Zorg dan dat je je kwaliteiten helder hebt.

 

Waar ben je met name goed in? Wat gaat jou zo goed af, dat je het bijna als vanzelf doet? Dat je het zelf misschien niet eens meer onderkent als een kwaliteit?

Als je je échte kwaliteiten kunt inzetten in het werk dat je doet, dan kost je dat minder energie dan wanneer je kwaliteiten inzet die je je met veel moeite hebt eigen gemaakt.

Zo vertelde iemand mij laatst dat hij jarenlang teveel op zijn tenen had gelopen. Dat hij van zichzelf niet zo analytisch was. Hij had zich, ook gestimuleerd door zijn omgeving, die vaardigheid wel eigen gemaakt. En zette die ook volop in, in zijn werk.

Omdat het analytische niet van nature in hem zat, kostte het werk hem veel energie. Bij tijd en wijle was hij ook bang om door de mand te vallen. Bang dat men in de gaten kreeg, dat hij eigenlijk niet zo analytisch was.

Om dat te voorkomen zette hij zich nog meer in voor zijn werk. Dat werd nog versterkt doordat het leveren van kwaliteit voor hem een belangrijke drijfveer was.

Helaas uiteindelijk resulterend in een burn-out.

 

Waar liggen met name jouw kwaliteiten? Welke activiteiten gaan jou zo gemakkelijk af dat je ze als het ware als vanzelf doet?

Kun je bij het in kaart brengen van je kwaliteiten nog wat handreikingen gebruiken? Lees mijn artikel over het werken met succesverhalen.

 

 

Wil je dat je werk werkt als een dynamo? Zorg dan dat je kwaliteiten inzet waar je graag mee bezig bent.

 

Een paar kanttekeningen wil ik daarbij maken.

Met regelmaat hoor ik dat mensen denken, dat als je goed bent in iets, dat je het dan ook leuk vindt om te doen.

Dat is een misverstand, want dat hoeft lang niet altijd zo te zijn.

Zo ben je misschien goed in organiseren en coördineren van zaken. Maar moet je er niet aan denken dat je van die kwaliteiten je werk zou moeten maken.

Veel liever ben je met andere zaken bezig, ook al zien mensen in jouw omgeving jou heel makkelijk in een coördinerende rol of functie.

 

Het is ook niet zo, dat als je iets leuk vindt om te doen, dat het dan voor de hand ligt om er gelijk je werk van te maken.

Zo herinner ik me een deelnemer aan een van mijn trainingen. Ze was heel creatief met haar hobby.

“Waarom maak je daar je werk niet van?”, zo kreeg ze kennelijk met regelmaat te horen. “Maar dat wil ik helemaal niet”, was haar reactie.

Aan haar stem was te horen hoe boos ze er nog over kon worden.

 

Als je iets leuk vindt, dan wil dat nog niet altijd zeggen dat je er ook goed in bent.

Door menigeen wordt aangenomen dat iets leuk vinden per definitie inhoudt dat je er ook goed in bent. Dat hoeft helemaal niet zo te zijn.

En vind je iets leuk, maar ben je er niet goed in, dan kan het werk je meer energie kosten dan het je oplevert. En uiteindelijk trek je je accu dan leeg.

 

 

Wil je dat je werk werkt als een dynamo? Zet je top five dan in, in je werk.

 

Kom tot een gewogen rangordening van je kwaliteiten.

Welke zijn de kwaliteiten die je relatief het liefste inzet? En welke kwaliteiten  zijn relatief jouw sterkste kwaliteiten?

Door je kwaliteiten te rangordenen op deze twee aspecten kom je tot jouw ‘top five’; een gewogen rangordening van de kwaliteiten die je relatief het liefste inzet in je werk en waarin je relatief het beste bent.

Als je die kwaliteiten kunt inzetten in het werk dat je doet, dan werkt dat als een dynamo. Je laadt je accu ermee op.

 

 

Hoe je komt tot een gewogen rangordening van je kwaliteiten

 

Ik help je graag op weg met een stappenplan.  

 

Stap 1: ‘Welke kwaliteiten zet je het liefst in, in je werk’?

Pak je lijst met kwaliteiten.

Heb je die nog niet, breng dan eerst jouw kwaliteiten in kaart.

Bekijk jouw kwaliteiten en schrijf op welke kwaliteit je het liefst inzet in je werk. Welke kwaliteit komt op de tweede plaats? En welke op de derde? En op de vierde? Ga zo door tot je al jouw kwaliteiten een plek hebt gegeven in jouw rangordening.

Geef je kwaliteiten een nummer dat correspondeert met de plek in de rangorde met betrekking tot de vraag ‘Welke kwaliteit zet ik het liefste in, in het werk dat ik doe?’.

Leg je rangordening vast.

 

Stap 2: In welke kwaliteiten ben je het beste?

Waar ben je het beste in, als je kijkt naar jouw lijst van kwaliteiten? Zet die bovenaan.

Wat vervolgens kun je het best?

Maak zo een rangordening van je kwaliteiten naar aanleiding van de vraag ‘Waar ben ik het beste in?

Het is het handigst als je voor de nummering de cijfers aanhoudt die je de kwaliteiten bij stap 1 hebt gegeven.

 

Stap 3: Het samenvoegen van de twee lijsten in één lijst, waarin de gewogen rangordening naar voren komt.

Zet je twee lijsten naast elkaar.

De twee lijsten zijn nooit helemaal hetzelfde. Zie daarvoor ook mijn onderstaande voorbeeld.

In mijn voorbeeld kun je de nummers zien als alternatief voor de namen van de kwaliteiten.

Trek nu een lijn tussen het punt waarop een kwaliteit scoort in de lijst ‘Hoe graag doe ik het?’ en het punt waarop een kwaliteit scoort in de lijst ‘Hoe goed ben ik erin?’.

Doe dat voor elke kwaliteit.

Trek dan een middenlijn tussen beide kolommen. Welke vijf kwaliteiten scoren het hoogst op de snijpunten op de middenlijn?

Die vijf zijn jouw ‘top five’.

 

Rangordening

 

Het is het mooist als die vijf terugkomen in het werk dat je doet.

Als je jouw top five in kunt zetten in het werk dat je doet, dan werkt je werk als een dynamo. Je laadt je accu ermee op.

 

 

Kun jij wel wat hulp gebruiken bij het in kaart brengen van jouw kwaliteiten?

Meld je aan voor de 3-daags training ‘Bouw je ideale loopbaan’ of neem contact met me op voor een vrijblijvend oriënterend gesprek.

 

 

 

 

Voldoening in je werk of alleen werken voor de euro’s?

Een drietal factoren die een cruciale rol spelen bij het ervaren van voldoening in je werk

 

“Eind 2014 ben ik afgestudeerd aan de universiteit. Sindsdien heb ik vier banen gehad, maar die geven me geen voldoening. Ik werk nu als beleidsmedewerker bij een gemeente, maar dit kost me bakken met energie. Ik besef me dat ik niet het werk doe waar ik gelukkig van word, want ik ben geen denker, maar wil graag concreet bezig zijn, uitvoeren, verschil maken.” (Miranda, op loopbaanadvies.net)

 

Hoe is dat voor jou? Krijg jij voldoening van je werk of werk je om te werken?

 

Het verhaal van Miranda staat namelijk niet op zichzelf. Opmerkingen over ervaringen met dezelfde strekking hoor ik meer. Vaak zijn die ook aanleiding om contact te leggen met mij als loopbaancoach.

De meesten van ons werken niet alleen voor het geld, maar daarnaast willen we ook graag voldoening krijgen van ons werk. Bij voldoening denken we dan aan met plezier ons werk doen en tevreden zijn over het resultaat.

 

Voldoening in je werk of alleen werken voor de euro's

 

Voldoening krijgen van je werk, wat is daarvoor nodig?

 

Dat is natuurlijk heel subjectief. Maar voor iedereen geldt:

  • dat er een relatie is tussen het inzetten van je top 5 aan kwaliteiten en de arbeidstevredenheid die dat geeft
  • dat de werkomgeving en de condities die daarin een rol spelen een bepalende factor zijn bij het ervaren van plezier in je werk
  • dat een hoge mate van congruentie van jouw waarden en doelen en die van de organisatie belangrijk is voor het ervaren van voldoening.

 

 

In hoeverre past het werk bij jouw vaardigheden en bij jouw persoonlijkheid?

 

Zo is Miranda naar eigen zeggen geen denker. Zij is liever concreet bezig. Ik schat in dat ze dan ook graag resultaten wil zien van haar werk.

Het kan best zo zijn, dat Miranda haar werk als beleidsmedewerker voor de buitenwacht goed doet. Maar kennelijk kost het haar veel energie. Bijvoorbeeld omdat ze ‘op haar tenen moet lopen’, of omdat ze liever andere vaardigheden gebruikt.

Mensen denken vaak dat je vooral werk moet kiezen waar je goed in bent. Alsof dat hét criterium is om te bepalen of werk al dan niet passend is.

Zo denkt men ook vaak dat bezig zijn met iets dat je goed kunt ook als vanzelf plezier oplevert, terwijl dat beslist niet zo hoeft te zijn. Je kunt bijvoorbeeld heel goed zijn in het werken met Excel, maar het stomvervelend vinden.

Met de Meer Waarde Benadering, zoals beschreven in mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?‘ ontdek je waar je goed in bent in relatie tot arbeidstevredenheid. Je komt tot een gewogen rangordening van je kwaliteiten. Bij die rangordening kijk je niet alleen naar hoe goed je in iets bent, maar ook naar de vraag hoe graag je die kwaliteit inzet.

Zo kom je dan tot een ‘top vijf’, de vijf kwaliteiten waarin jij het beste bent en waar je relatief ook het liefst mee bezig bent.

Als je die ‘top vijf’ daadwerkelijk kunt inzetten in je werk, dan werkt dat als een dynamo. Daar krijg je energie van. Daar laad je je accu mee op. En zo voorkom je dat je, net als Miranda, leegloopt en geen energie meer over hebt aan het eind van je dag.

 

 

In hoeverre passen je werkomgeving en de condities die daarin een rol spelen bij jou?

 

Om voldoening te ervaren en je goed te voelen in je werk is niet alleen de inhoud belangrijk. Ook de omgeving waarin je werkt en de condities spelen daarbij een rol. Zie mijn artikel over dat onderwerp.

Heb jij je optimale werkomgeving nog niet in kaart gebracht, doorloop dan eens de vragen in mijn artikel en schrijf de antwoorden voor jezelf op.

 

 

In hoeverre past je werk bij je persoonlijke doelen en waarden?

 

Waar loop jij warm voor? Wat betekent werk voor jou? En welke bijdrage wil jij leveren door hetgeen je doet in je werk?

Jouw antwoord op die vragen zegt iets over jouw persoonlijke drijfveren, jouw waarden, jouw persoonlijke missie met betrekking tot werk.

Je werkmissie vinden en zeker die missie formuleren is niet gemakkelijk. Maar als je je missie eenmaal helder hebt, dan geeft je dat enorme kracht. In een coachtraject ga je daar aan de hand van allerlei opdrachten dan ook mee aan het werk.

Als voorbeeld ter inspiratie, een fragment uit de werkmissie van een van mijn coachklanten:

“Ik lever een bijdrage aan de groei van de organisatie door de organisatie efficiënter te maken door slimmer werken en door nieuwe groeikansen te vinden en de concurrentie te slim af te zijn”.

Bij de organisatie waar hij werkt krijgt hij alle kansen om zijn missie daadwerkelijk vorm te geven. Temeer omdat zijn persoonlijke missie perfect aansluit bij de missie van de organisatie waarvoor hij werkt: “Our mission is to help companies of all sizes and industries to run better”.

Hetzelfde geldt voor zijn waarden. Zo hecht mijn coachklant bijvoorbeeld veel waarde aan ‘vrijheid’. Die waarde heeft ook de organisatie hoog in het vaandel staan: “Since the company’s founding, we have set out to create the kind of corporate culture that gives employees the personal freedom they need to achieve their individual goals, while supporting the objectives of the company”.

 

 

Een goede match tussen jouw persoonlijke doelen en waarden en de waarden en doelen van de organisatie waar jij werkt geeft voldoening

 

Zo heeft mijn coachklant, zeker na enige bijsturing van zijn koers, veel voldoening in zijn werk. En kennelijk is dat voor Miranda niet het geval. Zij wil graag ’verschil maken’ en als beleidsmedewerker bij de gemeente heeft zij niet het gevoel dat zij dat doet.

 

Wist je dat gedeelde waarden en doelen ook het bedrijf ten goede komen?

Dat ze zorgen voor een krachtige bedrijfscultuur, die leidt tot hoge winsten? Ik las daarover een artikel in P&Oactueel.

Als voorbeeld Apple: ‘Hoe komt het dat Apple financieel zo succesvol is?’

Het antwoord daarop:

“Natuurlijk omdat het systeem goed georganiseerd is en iedereen gecommitteerd is aan een goede uitkomst………… Maar vooral omdat alle medewerkers intrinsiek willen bijdragen aan het belangrijkste doel: Design insanely great products that people can use.” (Laouchez, P&Oactueel-Management)

 

Logisch, dat organisaties bij een sollicitatie of in een netwerkgesprek van jou willen weten waarom je bij hun organisatie wilt werken. Zij willen toetsen in hoeverre jouw doelen en waarden passen bij hun bedrijf.

Want als er sprake is van een goede match, dan komt dat niet alleen de organisatie, maar ook jou als werknemer ten goede.

 

 

Ben jij op zoek naar meer voldoening in je werk, maar heb je onvoldoende zicht op waar het in je huidige werk aan schort, lees mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?‘.

Heb je specifieke vragen met betrekking tot je loopbaan of geef je de voorkeur aan een individueel begeleidingstraject, bel (0575-544588) of e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) me voor een afspraak voor een oriënterend gesprek.

 

 

© foto  Martin Langbroek

 

 

 

Verdubbel je kans op werk met een goed curriculum vitae

Zes tips voor een cv dat eruit springt

 

Naar aanleiding van een discussie in de LinkedIn groep ‘Wij zoeken werk’ had ik telefonisch contact met Wim. Wim is naarstig op zoek naar ander werk en worstelt met het schrijven van zijn curriculum vitae. “Wat is nu een goed cv?” vraagt hij zich af. “En hoe schrijf ik dat dan?”

Over een goed curriculum vitae is al veel geschreven en gediscussieerd. De meningen blijven verdeeld, zelfs onder P&O’ers en recruiters. Dat lijkt me heel verwarrend. Zeker als je zelf je cv moet schrijven. Ik kan me voorstellen dat het heel prettig is als je in elk geval een basisrichtlijn hebt. Op grond van mijn ervaring en recente vakliteratuur kan ik je die geven. Maar realiseer je dat hoe naar een cv gekeken wordt en welke eisen eraan worden gesteld, sterk aan ontwikkeling onderhevig is.

 

In dit artikel geef ik je zes tips voor een curriculum vitae dat eruit springt.

 

1. Pas je curriculum vitae aan, aan de functie die je ambieert

Het is altijd zaak om je cv toe te spitsen op het werk dat je wilt doen, de functie die jij ambieert. Het is handig om een goed ‘basis cv’ te hebben. Dat is een mooi startpunt. Van daaruit kom je tot maatwerk. Vraag je steeds af, welke ervaringen en welke opleidingen, trainingen en cursussen vooral van betekenis zijn voor de functie waarnaar jij solliciteert. Zet die met name in de ‘picture’.

Zo laat je in je cv zien waarom vooral jij geschikt bent voor die baan.

 

verdubbel je kansen op werk met een goed cv.

 

2. Laat zien wie je bent

Neem een beschrijving van je persoonlijk profiel op in je cv. Een logische plaats is na je personalia. Maak er echt een beschrijving van. Beperk je niet tot het benoemen van een aantal persoonskenmerken en vaardigheden, maar beschrijf wie je bent, wat je kwaliteiten zijn, wat je ermee kunt én wat je ambities zijn.

Afhankelijk van de functie pas je de profielschets aan en laat je in je omschrijving cruciale persoonskenmerken en kwaliteiten naar voren komen. Je laat zien hoe jij voldoet aan de ‘kritieke succesfactoren’. Die factoren kun je destilleren uit het functie- en organisatieprofiel.

Wel een foto plaatsen, of toch niet? Wil je werkelijk laten zien wie je bent, dan is een foto op je curriculum vitae is een vereiste. Ikzelf bijvoorbeeld heb graag ‘een gezicht’ bij mensen. Ik kijk dan ook met regelmaat op LinkedIn om letterlijk ‘een beeld te hebben’ bij een naam.

Voor een aantal functies is een foto cruciaal, mits het een professionele foto is. Denk daarbij bijvoorbeeld aan representatieve functies.

Ook je leeftijd kan een aanleiding zijn om een foto op te nemen op je cv. Zo herinner ik me twee coachklanten, beiden de vijftig gepasseerd. Alleen de geboortedatum roept in zo’n geval misschien vragen op. Voel je je nog jong en energiek en straal je dat ook uit, dan kan een passende foto in je voordeel werken.

 

3. Zet de belangrijkste informatie op de eerste pagina

Je curriculum vitae moet in één oogopslag duidelijk zijn. Wist je dat er recruiters zijn die maar 9 seconden besteden aan het lezen van een cv? Maak je cv dus niet te uitgebreid. Twee pagina’s is het maximum.

De eerste pagina is de belangrijkste. Heb je in je loopbaan meetbare resultaten behaald, vermeld die dan ook expliciet op de eerste pagina. Bijvoorbeeld onder een apart kopje ‘belangrijkste resultaten’ onder je profielschets. Of zet je prestaties bij de betreffende werkervaring.

Wat het eerst vermelden, je werkervaring of je opleidingen? Ook die volgorde is maatwerk. Vraag je af wat het beste scoort voor de functie die je beoogt. Zijn dat de opleidingen, trainingen en cursussen die je hebt gevolgd? Of is dat je werkervaring?

Heb je bijvoorbeeld veel werkervaring die gewicht in de schaal legt voor het werk dat jij wilt doen en liggen je opleidingen ver achter je? Vermeld dan in je cv eerst je werkervaring en pas daarna je opleidingen.

Wil je je graag ontwikkelen in een andere richting dan je tot nu toe bent gegaan? Heb je daar wel al opleidingen of cursussen voor gevolgd, maar nog geen vakspecifieke werkervaring opgedaan? Vermeld dan die relevante opleidingen eerst en daarna jouw werkervaring.

Wees sowieso selectief met het vermelden van opleidingen. Die hoeven niet allemaal in je cv. Noem vooral de hoogst genoten opleidingen.

 

4. Schrijf jouw werkervaring toe naar het werk dat je wilt doen

Vermeld met name die werkzaamheden en taken, die van belang zijn voor de functie. En vermeld de meest relevante taken en verantwoordelijkheden eerst. Dat geldt ook voor de resultaten die je tot nu toe in je werk hebt neergezet.

Zo laat je zien waarom jij met name geschikt bent voor die baan.

 

5. Gebruik bij de beschrijving van je werkervaring functietitels waarop jij gevonden wilt worden.

Kies functietitels die jobmarketingtechnisch het beste passen. Beperk je niet tot de functietitels op je contracten. Maar wees daarbij wel eerlijk! Zet niets in je cv wat niet overeenkomt met de werkelijkheid.

Gebruik de functietitel die op dit moment voor de betreffende set aan taken het meest gangbaar is. Zo was een van mijn coachklanten in het verleden medewerkster verkoop binnendienst. ‘Commercieel medewerker binnendienst’ is op dit moment een veel gangbaarder functienaam voor hetzelfde takenpakket.

Bepaal of de functienaam recht doet aan de zwaarte van je functie. De functietitel ‘Medewerkster Marketing’ roept een ander beeld op dan ‘Personal Assistent Divisiedirecteur Marketing’.

 

6. Kies voor een overzichtelijke en passende opmaak

De gemiddelde beoordelaar/selecteur neemt niet meer dan 2 minuten voor een curriculum vitae. Ook al wordt het cv echt gelezen. Overzicht is dus heel belangrijk. Een cv moet snel gescand kunnen worden.

Een origineel cv dat eruit springt is mooi, maar het moet wel passen bij de functie, de organisatie en bij jou als persoon. Wil je iets origineels? Laat je inspireren door de cv’s op deze website.

Origineel of niet, het beste cv is nog altijd het cv dat makkelijk leesbaar is. Zorg in elk geval voor een mooie bladspiegel en een brede kantlijn, zodat er aantekeningen gemaakt kunnen worden, als een cv wordt geprint.

 

Al met al is een goed curriculum vitae maken een klus op zich, om niet te zeggen een vak op zich. Het is mijn ervaring dat coachklanten over het algemeen onvoldoende uit de verf komen in het cv dat ze zelf maken. Collega Aaltje Vincent, auteur van o.a. het boek ‘Jobmarketing’, heeft het zelfs over ‘nog niet voor 30%’.

Het is een uitdaging om onderscheidend te zijn.

Een goed cv verdubbelt je kansen op de arbeidsmarkt. Sterker nog, een goed cv opent deuren die anders wellicht gesloten blijven.

Heb je aanvullende tips voor een goed cv of wil je anderszins ervaringen met een cv met ons delen? Ik lees het graag.

 

 

 

 

Hoe zit het met jouw bevlogenheid in je werk?

Hoe je door inzicht in factoren die van invloed zijn op bevlogenheid, daar meer grip op krijgt in je werk

 

Een baan die aansluit bij waar jij warm voor loopt, waarin je je talenten kunt inzetten en waar je energie van krijgt, maakt gelukkig.

Ben je een bevlogen werker, dan ben je enthousiast over wat je doet, voel je je betrokken bij je werk en de organisatie waarvoor je werkt.

Hard werken houd je dan goed vol, omdat je tijdens je werk vooral flow ervaart. Je gaat helemaal op in wat je doet, beleeft er plezier aan en bent intrinsiek gemotiveerd.

Als je bevlogen je werk doet, dan levert werk je energie op, in plaats van dat het je energie kost.

 

Hoe zit het met jouw bevlogenheid in werk?

Sta je op een enthousiaste en energieke manier in je werk? Of heb je het gevoel dat je er meer plezier en bevrediging uit zou kunnen halen dan nu het geval is? Of heb je nu misschien nauwelijks plezier in je werk en raak je er ook totaal niet door geboeid?

Dan is het tijd om bij te sturen.

 

Hoe zit het met jouw bevlogenheid in je werk?

 

Bevlogenheid; wat is het eigenlijk?

 

In plaats van over bevlogenheid als losstaand begrip te praten, heb ik het liever over bevlogen je werk doen.

Naar mijn idee zegt bevlogenheid vooral iets over hoe je iets doet.

Bevlogen mensen gaan helemaal op in wat ze doen. Dat kan zijn in werk, maar ook daarbuiten. Bijvoorbeeld in de vrije tijd.

 

Ze hebben een positieve attitude, zijn enthousiast over wat ze doen, vol energie. Als ze bezig zijn met iets kunnen ze alles om zich heen vergeten, ook de tijd.

Zij lopen warm voor wat ze doen en voelen zich er capabel voor. Die twee componenten, willen en kunnen, maken dat bevlogen mensen alles geven in wat ze doen.

Gefocust werken ze aan hun taken en als je focust, dan kun je ook goede prestaties leveren. Dat is wat je bij bevlogen mensen ziet.

 

 

De werkomgeving is voor vijftig procent bepalend voor bevlogenheid

 

Bevlogenheid heeft voor minder dan een kwart te maken met iemands persoonlijkheid.

Ook al zegt men soms dat iemand bevlogen is, alsof het een persoonskenmerk is.

Het blijkt dat in werk, de werkomgeving voor vijftig procent bepalend is.

Dat betekent dat als je nu weinig bevlogenheid in je werk ervaart, mogelijk verandering van werkomgeving je al een flinke boost kan geven.

Als je tenminste inzicht hebt in de factoren in je werkomgeving die maken dat je nu niet bevlogen bent.

 

Taakeisen die aan je worden gesteld kunnen als stressoren worden ervaren, maar ook als uitdaging.

Dat hangt af van de energiebronnen die er zijn om de taakeisen op te vangen.

Die energiebronnen kunnen persoonlijk gerelateerd zijn, maar ook werk gerelateerd en dus gekoppeld aan je werkomgeving.

Ervaar je bijvoorbeeld volop steun van collega’s en je leidinggevende en zijn er ook volop mogelijkheden om je te ontplooien, dan zal je taakeisen eerder zien als een uitdaging. Wetend dat je hulpbronnen in je omgeving aan kunt boren, mocht dat nodig zijn.

Is dat het geval, dan kun je je taken over het algemeen ook beter aan en kun je goed op hoog niveau functioneren.

Ontbreekt sociale steun, krijg je weinig feedback over je functioneren en ervaar je weinig autonomie in je werk?

Dan heeft dat een negatief effect op jouw bevlogenheid. Taakeisen zal je dan eerder als stressoren ervaren. En houdt dat lang aan, dan kan dat bijvoorbeeld leiden tot burn-out.

 

 

Een goede balans tussen taakeisen en energiebronnen is cruciaal voor bevlogenheid

 

Arnold Bakker heeft dat weergegeven in zijn JD-R-model. JD staat voor Jobdemands (taakeisen) en R voor Resources (hulpbronnen/ energiebronnen).

 

© JD-R-model: Arnold Bakker

 

Arnold Bakker is hoogleraar arbeids- en organisatiepsychologie aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Hij doet onderzoek naar bevlogenheid op het werk.

 

Volgens Bakker is het belangrijk voor bevlogenheid dat er een balans is tussen taakeisen en hulpbronnen.

Is die balans er, dan zullen werknemers niet gauw opbranden, maar juist heel bevlogen hun werk kunnen doen.

Is er disbalans en kosten de taakeisen heel veel energie, dan roept dat stress op. Houdt dat lang aan, dan kan de stress chronisch worden, gaan de prestaties omlaag en kan de chronische stress leiden tot burn-out.

 

Hulpbronnen zoals ontplooiingsmogelijkheden, autonomie, sociale steun en feedback over je prestaties geven vooral energie, maar ook motivatie.

Dat helpt om je enthousiasme vast te houden en je doelen te realiseren, zodat je prestaties goed zijn.

Bovendien helpen de hulpbronnen jou om het ongewenste effect van taakeisen of stressoren op te vangen.

 

De hulpbronnen hebben overigens vooral effect op bevlogenheid als de taakeisen heel hoog zijn.

 

 

Hoe taakeisen, werk gerelateerde en persoonlijke hulpbronnen in onderlinge samenhang invloed hebben op bevlogenheid

 

Als je bevlogen bent en goed presteert, dan heb je alle kans dat je niet alleen meer steun van anderen krijgt, maar ook meer autonomie.

In het model van Bakker vind je die autonomie terug bij de werk gerelateerde hulpbronnen.

Bovendien krijg je als je goed presteert, ook meer zelfvertrouwen, meer gevoel van eigenwaarde en zelfeffectiviteit en word je stressbestendiger.

In het model zie je dat bij de persoonlijke hulpbronnen.

 

Zo kan de werkomgeving in combinatie met de persoonlijkheid ervoor zorgen dat iemand opbrandt in zijn werk of juist heel gemotiveerd presteert.

 

En zo kun jij door meer inzicht in factoren die van invloed zijn op bevlogenheid, daar meer grip op krijgen in je werk.

 

 

 

Kun je daarbij wel wat hulp gebruiken?

Bel (0575-544588/06-54762865) of e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) me gerust voor het maken van een afspraak voor een vrijblijvend oriënterend gesprek.

 

 

 

Een bullshitbaan of zinvol werk

Wil je iets nuttigs doen, maak dan werk van zinvol werk

 

Vier op de tien medewerkers vinden hun werk niet zinvol. Dat blijkt uit onderzoek van Schouten en Nelissen. Ze zijn minder bevlogen in hun werk, hebben geen regie en laten hun baan niet aansluiten op hun drijfveren en talenten. Hierdoor zijn ze minder gelukkig dan medewerkers die hun werk wel zinvol vinden.

Twijfel je aan het nut van je werk? Of is het voor jou duidelijk dat je niets wezenlijks uitvoert? Ervaar je jouw baan als onzinbaan, maar voel je je verplicht om te doen alsof dat niet het geval is?

Dan heb jij mogelijk wat Graeber noemt een ‘bullshitbaan’.

Volgens Graeber zullen die banen in aantal alleen maar toenemen. Met alle negatieve effecten voor werknemers van dien, zoals gevoelens van leegte door gebrek aan zingeving.

Dus, herken jij je in onderstaande omschrijvingen en voorbeelden? Durf eerlijk in jouw spiegel te kijken en de confrontatie aan te gaan.

Durf los te laten en maak werk van zinvol werk.

 

Een bullshitbaan of zinvol werk; wat voor werk heb jij?

 

Het verhaal van Marlies

Ter inspiratie deel ik het verhaal van Marlies met je. Het verhaal is een aangepaste versie van een van haar succesverhalen.

Mijn werk als assistente op het makelaarskantoor. 

“In eerste instantie was het voor mij fijn werken op het kantoor. De makelaar ging vaak naar klanten om huizen te taxeren en in de verkoop te nemen en ik was het aanspreekpunt op het kantoor. Ik moest ervoor zorgen dat de etalage met alle woningen er goed en compleet uitzag. Ook werd van mij verwacht dat ik de taxatierapporten uitwerkte en deze naar de klanten stuurde. En ik stond klanten te woord die het kantoor kwamen inlopen met vragen over een bepaalde woning.

Er kwam een dip in de huizenmarkt. In plaats van een nieuw jaarcontract werd mij een contract aangeboden via een uitzendbureau. Ze wisten niet wat ze met het kantoor gingen doen en of het kantoor waar ik werkte wel openbleef.

Na drie maanden was nog steeds niet duidelijk wat er met het makelaarskantoor ging gebeuren. De makelaar had zijn baan opgezegd en was iets anders gaan doen. Daardoor werd het nog stiller op kantoor. Er waren dagen dat ik een romannetje kon lezen zonder dat ik iemand had gesproken. Als ik dan een keer een opdracht kreeg om een taxatierapport te maken, had ik daar helemaal geen zin meer in.

Op een gegeven moment heb ik de telefoon gepakt en gebeld met het hoofdkantoor met de vraag of de baas aanwezig was. Ik wilde weten wat er nu ging gebeuren en ik verveelde mij op mijn werk.

Na een paar keer bellen had ik eindelijk de baas aan de telefoon. Hij snapte niet dat ik vragen had over hoe het stond met het kantoor, want ik was maar een uitzendkracht. Toen ben ik erg boos geworden en ik heb tegen hem gezegd dat als ik dan uitzendkracht was, ik hem ook meteen kon vertellen geen interesse meer te hebben in de baan en wilde vertrekken. Hier schrok hij van, maar hij vond nog steeds dat ik mijn mond diende te houden. Tijdens dat gesprek heb ik toen aangegeven dat ik de sleutel ging inleveren bij de receptie van de hoofdvestiging.

Vervolgens heb ik na het gesprek alle lichten uitgedaan, de deuren op slot gedraaid en ben ik naar de hoofdvestiging gegaan. Op het moment dat ik het pand binnenging, kwam de directeur de trap aflopen. Hij vroeg me waar ik mee bezig was. Hij gaf te kennen dat er van mij werd verwacht dat ik weer aan de receptiebalie bij het makelaarskantoor ging zitten.

Toen werd ik weer boos en heb ik aangegeven dat elk persoon graag met respect behandeld wil worden en graag wil weten waar hij/zij aan toe is. Of je nu onderaan of bovenaan de ladder staat. Dit gebeurde niet en daarom besloot ik om te gaan. Ik heb de directeur de sleutel gegeven en ben het pand uit gelopen.”

 

 

Bullshitbanen volgens Graeber

 

Volgens Graeber is een bullshitbaan een onzinbaan.

Volgens hem gaat het dan om banen die niet echt nodig zijn. Hij heeft daarbij banen voor ogen die ontstaan zijn met het verdwijnen van productiegerichte beroepen. Dat proces is in de vorige eeuw al in gang gezet, maar voltrekt zich nu in versneld tempo.

Denk daarbij aan banengroei op het gebied van bijvoorbeeld management, administratie, sales en dienstverlening. En het ontstaan van een heel scala aan dienstverlenende beroepen, zoals bijvoorbeeld hondenuitlaters of maaltijdbezorgers.

Volgens Graeber lijkt het erop dat er allerlei zinloze banen worden bedacht, enkel en alleen om ons allemaal aan het werk te houden. Bovendien zijn die banen niet alleen zinloos, maar vaak ook gevaarlijk. Als voorbeeld daarvan noemt hij het werken als telemarketeer, waarbij het jouw opdracht is om mensen producten of diensten aan te smeren die ze niet nodig hebben. En die mogelijk zelfs schadelijk zijn.

 

 

Of een baan een bullshitbaan is of niet, is deels subjectief

 

Wie bepaalt welke banen er echt ‘nodig’ zijn?  En wat betekent ‘nodig’ trouwens?

Zelf heb ik bijvoorbeeld geen hond. Maar zou ik die wel hebben en veel van huis zijn, dan lijkt een hondenuitlaatservice me een heel mooie oplossing die voorziet in een behoefte.

En zo zie ik ook bij de jongere generatie hoe handig het kan zijn als je op momenten je maaltijd kunt laten bezorgen.

Dus of hondenuitlaatservice of maaltijd bezorgen echt bullshitbanen zijn? Dat is voor mij nog maar de vraag.

Aan de andere kant vind ik het werk van telemarketeers bijvoorbeeld heel irritant. Ze zijn me alleen maar tot last. Ze roepen zelfs agressie bij me op, omdat ze vasthoudend producten of diensten aan me proberen te slijten waar ik totaal geen behoefte aan heb. Waar ik bovendien ook niet om gevraagd heb.

Voor de telemarketeer zelf hoeft zijn baan geen onzinbaan te zijn. Integendeel, ik ken coachklanten die helemaal kicken op de resultaten van hun telefonische verkoop. En de bijdrage die ze op die manier leveren aan het succes van de organisatie waarvoor ze werken.

 

 

Een onzinbaan is pas echt een bullshitbaan als je als werknemer zelf je baan als onzinbaan ervaart

 

Zoals in het voorbeeld van Marlies. Als je als een soort decor bij de receptiebalie zit, terwijl er geen bezoeker komt. En er verder amper werk voor je te doen is.

Of zoals een van mijn ooms vertelde, dat hij aan het begin van zijn loopbaan als werktuigbouwkundige bij Philips producten moest ontwerpen, waar volgens hem niemand op zat te wachten en waar hij kwalitatief niet achter kon staan. Het is de vraag of het een onzinbaan betrof, maar door de betreffende werknemer werd de baan wel als zodanig ervaren.

Iets vergelijkbaars was de ervaring van een van mijn coachklanten. Als architect werkte hij op een groot, gerenommeerd architectenkantoor. Als architect was hij alleen maar bezig met kleine onderdelen van grote projecten. Omdat hij geen zicht had op zijn bijdrage aan het grotere geheel, vroeg hij zich af waar hij überhaupt mee bezig was.

Ook al lijkt het dan voor een buitenstaander mooi om bij een gerenommeerd bedrijf te werken, voor hem was het bullshit.

 

 

Een onzinbaan wordt pas echt pijnlijk als je je verplicht voelt om te doen alsof de baan geen onzin is

 

Als werknemer kun je het bestaan van je baan dan niet rechtvaardigen, maar je voelt wel de verplichting om te doen alsof dat niet het geval is.

Bijvoorbeeld omwille van arbeidsvoorwaarden als zekerheid van een goed inkomen, het zelf in kunnen vullen van je takenpakket en werktijden. Bovendien geven sommige onzinbanen, bijvoorbeeld overbodige managementfuncties, je ook een zekere status.

 

Je verplicht voelen om te doen alsof je baan geen onzinbaan is, is volgens Graeber kenmerkend voor een echte bullshitbaan.

Na een aantal werkdefinities komt hij in zijn boek al redenerend tot zijn uiteindelijke definitie van een bullshitbaan:

“Een onzinbaan is een vorm van betaald werk, die zo volkomen zinloos, overbodig of schadelijk is, dat zelfs de werknemer het bestaan ervan niet kan rechtvaardigen, hoewel de werknemer zich, als onderdeel van de arbeidsvoorwaarden, verplicht voelt om te doen alsof dat niet het geval is.”

 

 

Mijn aanbeveling aan jou

Ervaar je jouw huidige baan als een bullshitbaan, volgens de definitie van Graeber?

Ga de confrontatie aan en maak werk van voor jou zinvol werk. Dat is werk waar je gelukkig van wordt.

Dat ideale werk is werk dat past bij jouw persoonlijke missie en de bijdrage die jij wilt leveren met wat je doet in je werk. Dat is werk dat past bij jouw kwaliteiten en waarin je jouw kwaliteiten verder kunt ontwikkelen. Dat alles in een omgeving die optimaal bij jou past.

Het is mijn missie als loopbaancoach om jou daarbij te begeleiden, zodat jij jouw ideale werk kunt realiseren.

 

 

 

In mijn programma ‘Bouw je ideale loopbaan’ gaan we daarmee aan de slag.

Meer informatie over dat programma vind je hier.

Schat je in dat een individueel traject beter bij je past? Maak een afspraak voor een oriënterend gesprek via deze link.

 

 

 

 

 

De kracht van authenticiteit

Hoe echtheid, authenticiteit je helpt bij de baanverwerving

 

Heb jij ook zo’n moeite met mensen waarbij het voelt alsof ze vooral anderen nadoen?

Het overkwam mij laatst bij een workshop die ik volgde. Het thema sprak mij erg aan. Verwachtingsvol zat ik in de zaal. Maar al gauw begonnen er bij mij allerlei bellen te rinkelen en was ik volkomen afgeleid. Ik herkende de woorden van Laura en het stappenplan aangereikt door Lianne. Het eigen verhaal van de spreekster hoorde ik niet.

Het voelde voor mij alsof de spreekster een rol speelde in haar eigen theater en zij speelde die rol bovendien nog slecht.

 

Herken jij zulke ervaringen?

Dat iemand heel gemaakt bij jou overkomt? Dat je het gedrag ervaart als maniertjes, als een aangeleerd kunstje dat wordt vertoond? Daarbij het eigen gezicht voor jouw gevoel verstoppend achter een masker?

Ik ervaar dat als erg hinderlijk. Ik word dan ook nieuwsgierig naar de persoon die erachter zit en kijk uit naar het moment dat ik daarmee echt contact kan maken. Ik heb daar enorm veel behoefte aan en ik ben benieuwd hoe dat is voor jou.

 

Ook bij de baanverwerving is echtheid, authenticiteit een cruciale factor. Ook al lukt het sommigen, om een baan te verwerven louter door het goed spelen van hun rol.

 

De kracht van authenticiteit

 

Baanverwerving is meer dan een kunstje

 

De spreekster in mijn workshop had duidelijk een kunstje geleerd. Helaas herkende ik het kunstje en werd ik op scherp gezet. De letterlijke toepassing van het kunstje triggerde mij en speelde een belangrijke rol bij de herkenning.

Ze had zich de techniek nog onvoldoende eigen gemaakt. Daardoor voelde zij voor mij als onecht, onbetrouwbaar en viel ze bij mij door de mand.

Bij de baanverwerving is dat niet anders.

Dat doet me denken aan min of meer gestandaardiseerde sollicitatiebrieven. Op internet kun je kosteloos veel voorbeelden vinden. Tegen betaling kun je zelfs brieven laten schrijven op maat.

Helaas worden dat soort brieven door de kritische selecteur snel onderkend en vaak zelfs als geen eigen werk, onecht, niet-authentiek terzijde gelegd.

Maar heb je veel geluk en wordt het kunstje niet herkend, dan kan het zijn dat je naar aanleiding van zo’n standaardbrief toch uitgenodigd wordt voor een gesprek.

 

 

Een goed acteur kan het lukken om mensen in te pakken

 

Als je het kunstje van de baanverwerving goed in je vingers hebt, kan het zomaar zijn dat het je lukt om daarmee een baan te krijgen. Ook al past die baan niet optimaal bij jou. Dan nog kan het je lukken om je overtuigend te presenteren, alleen al omdat je het kunstje goed beheerst.

Als voorbeeld, een van mijn coachklanten. Door een reorganisatie kwam haar functie te vervallen en haar contract werd niet gecontinueerd. Vaardig als zij was in het solliciteren wist zij, nog voor de start van ons traject, in enkele dagen een nieuwe baan te verwerven. Ook al wist zij bij voorbaat dat die baan onvoldoende matchte. Als commerciële vrouw kende zij de kneepjes van het verkoopproces en wist de selecteurs te overtuigen.

De selecteurs waren erg gecharmeerd van haar optreden in het theater en gingen graag met haar in zee. Maar na een paar maanden was de euforie verdwenen. Zeker voor mijn coachklant was er absoluut geen sprake van een goede match.

 

 

Een goede match ontstaat door open interactie op basis van de werkelijkheid

 

Wist je dat organisaties steeds meer waarde hechten aan authentieke medewerkers? Dat men graag medewerkers heeft die weten wat zij willen en weten waar zij voor staan? Die open en eerlijk zijn, niet alleen naar zichzelf, maar ook naar anderen?

Laat in interactie met organisaties dan ook gerust zien wie je bent. Schroom in een selectie dan bijvoorbeeld ook niet om je vragen te stellen. Daarmee laat je juist je ware zelf zien. En door die interactie kun je komen tot een goede match.

Dat geldt niet alleen voor jou als kandidaat, maar ook voor de organisatie.

 

 

Een goede match is sustainable, een goede match blijft

 

Wist je dat authentieke medewerkers succesvoller zijn dan collega’s die een rol spelen op de werkvloer? Eigenlijk hoef ik je dat niet te vertellen. Jij herkent dat vast ook. Misschien heb je het zelfs aan den lijve ervaren.

Als je voor je gevoel een rol speelt, dan mis je je passie. Misschien ben je zelfs je idealen helemaal kwijtgeraakt. En dat werkt zeer zeker door in de manier waarop je bezig bent met je werk.

Doe je werk dat je op het lijf geschreven is, dan kost dat werk je ook vaak weinig energie. Grote kans dat het werk je zelfs energie oplevert. Zeker als het werk voor jou stimulerend en uitdagend is. Lees een vorig artikel van mij daar nog maar eens op na.

Zit je lekker in je vel in je werk, dan zul je ook veel minder stress en werkdruk ervaren dan medewerkers die een rol spelen in hun werk. Bovendien zul je eerder geneigd zijn om in open communicatie zaken bespreekbaar te maken

Ben je daarentegen uitgekeken op de dingen die je doet, dan kost het je moeite en energie om jezelf te motiveren. Je zult waarschijnlijk ook eerder ontevreden zijn met je werk en afhaken of het conflict aangaan als iets je niet zint.

Authentieke medewerkers zijn ook gedreven om zich verder te ontwikkelen. Zij willen actief betrokken blijven bij de organisatie en zij willen vooruit. Ze zijn eerder geneigd om zich proactief op te stellen, mee te denken en hun aandeel te leveren in de ontwikkeling van het bedrijf.

Zo ontstaat er een duurzame relatie tussen organisatie of opdrachtgever en professional, een relatie die blijft.

 

Het is dan ook geen wonder dat organisaties steeds meer waarde hechten aan authentieke professionals.

 

 

Authentieke professionals geven zelf sturing aan hun loopbaan

 

Loopbaanzelfsturing vraagt vaardigheden. Net als het besturen van een auto gaat dat niet vanzelf, maar moet je dat besturen leren. Om het je vervolgens eigen te kunnen maken. Zo eigen, dat je er eigenlijk niet meer bij na hoeft te denken, maar dat het voelt als geautomatiseerd of zo je wilt, geïnternaliseerd.

Bij loopbaanzelfsturing is het niet anders dan bij rijvaardigheid. Zo ga je ook bij Life\Work Design volop oefenen en trainen, totdat je de loopbaanvaardigheden je helemaal eigen hebt gemaakt.

Net als een ervaren chauffeur durf je je dan in het verkeer op de arbeidsmarkt te begeven. Je bepaalt je koers, je weet daarop te sturen en te anticiperen, je weet behendig te manoeuvreren en alert te reageren op onvoorziene situaties die zich voordoen.

Zo hoef je niet langer een kunstje te vertonen, maar kun je je authentiek presenteren op een manier die past bij jou. En zo kun je laten zien wie jij bent en waar jij voor gaat.

Zo kun je komen tot een tot een match die optimaal past bij jou en wat de organisatie nodig heeft.

 

Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen bij de baanverwerving. Ik lees graag je reactie.

 

 

 

 

Te goed voor de vacante functie, ook al wordt dat niet als reden opgevoerd

Waarom de werkelijke reden voor een afwijzing niet altijd verteld wordt  

 

“Hi Marlène, afgelopen donderdag heb ik voor de vierde keer na een sollicitatiegesprek te horen gekregen dat ze niet met mij doorgaan in de sollicitatieprocedure. Iets in mijn presentatie maakt dat ik de verwachtingen die zij hebben door mijn cv en brief niet waar maak. Wil je meedenken?

Voor de vierde keer op rij een afwijzing na een eerste gesprek. Ik kan me goed voorstellen dat je je afvraagt ‘Wat gaat er mis?’ of ‘Wat is er mis met mij?’. En dat je daar greep op wilt krijgen.

Dat wilde mijn coachklant ook.

In het gesprek over waarom ze niet voor hem gekozen hebben voor de vervolggesprekken, gaven zij hun argumenten. Zo noemden ze bijvoorbeeld dat hij gezien de samenstelling minder goed zou passen in het team. En dat ze verwachtten dat de andere kandidaat flexibeler taken op zou pakken die bij collega’s blijven liggen.

 

Je bent bij een afwijzing al gauw geneigd om te denken dat je niet geschikt bent voor de vacante functie.

Maar wist je, dat het ook kan zijn, dat je er juist heel geschikt voor bent? Zo geschikt zelfs dat je als een bedreiging gezien wordt door collega’s of de leidinggevende? Dus eigenlijk te goed voor de vacante functie?

En dat je daarom afgewezen wordt, terwijl men met andere argumenten op de proppen komt.

De werkelijke reden van afwijzing is dan ook echt niet altijd wat als reden aangegeven wordt.

 

Te goed voor de vacante functie, ook al wordt dat niet als reden opgevoerd

 

Soms wordt gaande de sollicitatiegesprekken pas helder welk type collega men zoekt

 

Vanachter een bureau kan er van alles bedacht worden, maar in de confrontatie met kandidaten realiseert men zich soms pas wat de organisatie echt nodig heeft. 

Ook al lijkt dat vreemd, het komt regelmatig voor.

 

Zo riep de beschrijving van de vacature waarop mijn coachklant gereageerd had een heel ander beeld op van de baan, dan waaraan gerefereerd werd in de argumentatie met betrekking tot de afwijzing.

Flexibel oppakken van taken die bij collega’s blijven liggen paste daar niet in. Overigens ook niet in het werk waarin mijn klant optimaal tot zijn recht komt. Daarvoor is hij veel te senior.

Wat dat betreft is het dus eigenlijk goed dat de keuze voor de vervolggesprekken niet op hem gevallen is. Dat mag zo zijn, maar elke afwijzing heeft zijn impact en elke afwijzing doet pijn.

 

 

Geen goede match met het team

 

Niet in het team passen wordt vaak genoemd als een nep reden voor een afwijzing.

Of er wordt mee verhuld dat een of meer leden van de selectiecommissie moeite hebben met jou als persoon. En dan geneigd zijn om de samenwerking met het team als rookgordijn te gebruiken.

Dat kan veroorzaakt worden door jouw presentatie. Het heeft in elk geval te maken met hoe jij overkomt in het gesprek en wat dat met je gesprekspartners doet.

Jouw presentatie hoeft dan niet per definitie ineffectief te zijn. Ook al ben je waarschijnlijk geneigd om het zelf zo te interpreteren.

Het kan zelfs zijn dat je presentatie heel krachtig is. En dat juist dat, onrust en een gevoel van onveiligheid oproept bij je gesprekspartners.

De selecteurs kunnen het gevoel krijgen dat je door je kwalificaties een potentiële bedreiging bent voor toekomstige collega’s en misschien wel toekomstig leidinggevende.

En dat ‘paard van Troje’ halen ze liever niet in huis.

Het is moeilijk om daar de vinger echt achter te krijgen. En doorvragen op de slechte match met het team heeft meestal weinig effect. Mijn ervaring is, dat men het achterste van de tong toch niet gauw laat zien.

Er zal zeker niet gauw toegegeven worden dat je een bedreiging bent voor zittende mensen, in hun ogen dus te goed voor de vacante functie.

 

 

Zie een sollicitatiegesprek als wederzijds oriënterend

 

Stel je niet afhankelijk op. 

Een sollicitatiegesprek is voor een organisatie een gelegenheid om zich een beeld te vormen van kandidaten voor de vacante functie. Voor jou als kandidaat is het een gelegenheid om je een beeld te vormen van de vacante functie, de organisatie en potentiële toekomstige collega’s of leidinggevende.

Wees je bewust van wat je te bieden hebt en houd voor ogen het beeld van het werk dat je wilt doen.

Tast in het gesprek af of de functie en de organisatie bij je passen. Voel ook hoe dat voelt. Richt daarop je focus en niet, misschien wel ten koste van jezelf, op het verkrijgen van de baan.

En voelt het gesprek niet goed, maak dan zelf de keuze om niet verder mee te gaan in de procedure.

Want misschien ben je wel te goed voor de vacante functie en is het beter om je horizon te verruimen.

 

 

 

Heb jij ervaring met een afwijzing bij een sollicitatie waarbij je de indruk had dat de werkelijke reden van afwijzing niet klopte met wat aangegeven werd?

Wil je jouw ervaring delen?

Ik lees het graag.

 

 

 

 

Help, ik weet wat ik echt wil!

Je tijd managen voor de balans tussen werk en privé

 

Het is maandagochtend. Als loopbaancoach heb ik een afspraak met Jolanda. Zoals gewoonlijk starten we met een kop koffie. Spontaan stel ik haar de vraag “En, hoe is het?”. Jolanda kijkt bedenkelijk. “Helemaal niet goed”, zegt ze. Ik ben verbaasd. “Hoezo, vertel”, nodig ik haar uit. Jolanda vertelt haar verhaal. “Ik heb bar slecht geslapen”, zegt ze “en sowieso ben ik erg onrustig de laatste tijd”.

Jolanda heeft tot voor kort 32 uur gewerkt, naast haar gezin met drie kleine kinderen. En lange reistijden bovendien. Elke werkdag was een tour de force om op een redelijke tijd op haar werk te zijn. Jolanda was er niet echt rouwig om dat ze na haar ontslag meer tijd had voor zichzelf. En voor haar kinderen.

 

 

Gaande het traject is voor Jolanda heel duidelijk geworden wat naast haar werk belangrijk voor haar is

 

Bijvoorbeeld sporten, schilderen, wandelen met haar kinderen in het bos. Door er met haar over te praten is ze dat daadwerkelijk gaan doen: wekelijks sporten, deelnemen aan een schilderscursus en in het weekend is ze met regelmaat met haar kinderen in het bos.

Schilderen is een passie uit haar jeugd, zo werd me al snel duidelijk in ons traject. Graag was Jolanda naar de kunstacademie gegaan, maar dat werd haar toentertijd sterk ontraden. “Daar kun je je kost niet mee verdienen. Bovendien is de kunstwereld maar een vreemde wereld”, zo werd haar voorgehouden.

Het is overduidelijk dat ze haar enthousiasme voor het schilderen niet is kwijtgeraakt, hoewel ze een andere richting heeft gekozen. Integendeel, in het coachtraject heeft ze des te meer ervaren waar ze echt warm voor loopt. En schilderen hoort daarbij.

 

Help, ik weet wat ik echt wil

 

Geen probleem, zou je denken. Maar het tegendeel was waar

 

“Hoe moet dat nou, als ik straks weer aan het werk kan gaan?”, vraagt ze zich af. Dat benauwt haar. Slapeloze nachten heeft ze ervan.

Ze stelt zich voor hoe het straks weer zal zijn. Laat thuiskomen van haar werk. Geen tijd meer om te schilderen, geen vrije ochtend meer voor de sport. En sowieso zich opgejaagd en druk voelen. Het is voor Jolanda niet zo moeilijk om dat gevoel weer te ervaren.

En dat is beslist niet meer wat ze wil. Dat gevoel van tekort schieten, zowel op haar werk als privé, dat er aan alle kanten aan haar getrokken wordt. Met frustrerende uitputting als resultaat.

 

 

Een belangrijk besluit heeft ze al genomen

 

Die 32 uur werken is het niet meer, voortaan is 24 uur haar max. Want dat schilderen wil ze niet meer missen. Sterker nog, daar wil ze beslist verder mee. Ook voor het sporten moet er genoeg ruimte zijn. “En wie weet”, zegt ze “misschien kan ik dan ook gemakkelijker stoppen met roken. Ik weet nu hoe prettig het is goed in mijn vel te zitten”.

Doorpratend met Jolanda realiseert zij zich dat het eigenlijk heel goed met haar gaat. Niet voor niets heeft ze even minder goed geslapen. Het was voor haar een hele strijd om zich over te geven aan wat naast werk echt belangrijk voor haar is en de consequenties daarvan te aanvaarden.

 

Bij een volgend coachgesprek zit Jolanda er heel ontspannen bij. Het gaat zichtbaar heel goed met haar. Door het besluit minder te gaan werken ervaart zij nu alle rust en ruimte om het profiel van het voor haar ideale werk verder te specificeren, in balans met haar privéleven.

Want werk kun je niet los zien van alle andere zaken die belangrijk voor je zijn. Mijn bureau draagt juist daarom de naam Life\Work Design.

Kiezen is vaak lastig, want je kiest voor iets terwijl je iets anders laat vallen. Dat wordt gemakkelijker als je je prioriteiten scherp hebt. Uiteindelijk brengt dat balans tussen werk en privé.

 

 

Ken je het ongemakkelijke gevoel dat naast je werk andere dingen erg belangrijk voor je zijn? Wil je je ervaringen delen? Ik lees je reactie graag.

 

 

 

photo credit: J.BC

Een organisatiecultuur leren kennen: gedraag je als een detective

Een vijftal tips om je onderzoek te doen naar de cultuur van een organisatie

 

Wist je:

  • dat maar liefst 60% van de nieuwkomers in een organisatie de baan vindt tegenvallen?
  • dat bij 6 op de 10 personen minimaal één aspect tegenvalt bij de start van hun nieuwe baan?
  • dat 1 op de 3 mensen die teleurgesteld zijn, dat vertelt tegen niemand?
  • dat deze ontevredenheid zorgt voor demotivatie, mindere prestaties en mogelijk tot ongewenst voortijdig vertrek?

Dat blijkt uit een onderzoek van Intelligence Group en Workwonders.

Veel werknemers stellen andere eisen aan hun werk dan werkgevers denken. Zo blijkt een prettige, leuke werksfeer voor werknemers een belangrijk criterium voor arbeidstevredenheid.

Werkgevers schetsen vaak geen realistisch beeld van de werksfeer.

Het is dus zaak om daar zelf goed je onderzoek naar te doen. Om te achterhalen of de cultuur van een organisatie bij je past.

Handreikingen daarvoor lees je in mijn artikel.

 

Een organisatiecultuur leren kennen: gedraag je als een detective

 

Organisatiecultuur is niet in één woord te vangen

 

Organisatiecultuur is de gemeenschappelijke verzameling van normen, waarden en gedragsuitingen die gedeeld worden door de leden van de organisatie”.

 

De organisatiecultuur presenteert zich in allerlei vormen. Die vormen variëren van uiterlijkheden tot diepgevoelde waarden.

 

Quinn en Rohrbaugh (‘Competing values framework’, 1983) onderscheiden vier dimensies waarop een organisatiecultuur scoort: mensgerichtheid, innovatie, beheersgerichtheid en resultaatgerichtheid.

In een mensgerichte organisatiecultuur staan medewerkers centraal. In een beheersgerichte organisatie zijn vooral regels en procedures belangrijk. In een organisatie die gekenmerkt wordt door innovatieve organisatiecultuur worden veel nieuwe producten of diensten ontwikkeld. En in een resultaatgerichte organisatie staat het eindproduct centraal.

In elke organisatie zijn deze vier elementen in zekere mate aanwezig.

 

Het model zegt niks over wat goed of slecht is. Het gaat erom wat bij jou past. Want wil je naar volle tevredenheid bij een organisatie kunnen werken, dan moet de cultuur van een organisatie bij jou passen.

 

Of een organisatiecultuur bij je past, heeft alles te maken met wie jij bent als persoon.

 

En met wat jij nodig hebt om te floreren in je werk.

In een eerder artikel beschreef ik, dat het belangrijk is om voor jezelf in kaart te brengen in welke omgeving jij goed gedijt.

Ik noemde dat je persoonlijke biotoop. Want net als een plant, heb jij als persoon een bepaalde omgeving nodig, om te floreren en succesvol te zijn in je werk.

 

Een vijftal tips om je onderzoek te doen naar de organisatiecultuur van een bedrijf

 

Kleine dingen kunnen bepalend zijn voor de organisatiecultuur. Kleine dingen bepalen de sfeer en zeggen iets over de basisprincipes, de waarden en normen die ten grondslag liggen aan de cultuur.

Hoe kun je basisprincipes, waarden en normen in een organisatie boven water krijgen? Ik geef je een aantal tips.

 

1.   Verzamel informatie over het bedrijf waar je zou willen werken

  • Bekijk de website en Social Media-uitingen van het bedrijf.
  • Oriënteer je via sociale media hoe er over de organisatie gesproken wordt.
  • Vraag een jaarverslag aan.
  • Bekijk eventuele advertenties van het bedrijf. Denk daarbij niet alleen aan personeelsadvertenties, maar bijvoorbeeld ook aan productadvertenties.
  • Let op de toon en de vorm (je of u, formeel taalgebruik of juist losjes, kleur en stijl van het beeldmateriaal, vormgeving).

 

2.   Ga gesprekken aan met mensen die er werken of die anderszins contacten hebben met het bedrijf

  • Kijk daarvoor in je netwerk, bijvoorbeeld op LinkedIn. En heb je zelf geen connecties binnen het bedrijf? Kijk dan wie jij kent, die iemand kent, die werkt bij het bedrijf waarin jij interesse hebt.
  • Ga het gesprek aan en nodig die persoon uit om te vertellen over het bedrijf. Stel niet alleen vragen over bedrijfsmatige zaken. Vraag ook naar bijvoorbeeld de mensen die er zoal werken, omgangsvormen, kledingcode, sfeer, hiërarchische verhoudingen, samenwerking tussen collega’s, ontmoetingen met collega’s buiten het werk.
  • Bekijk ook hoe die persoon zelf is. Zou jij graag met zulke mensen willen werken?

 

3.   Arrangeer een gesprek binnen het bedrijf en snuffel rond als een detective

  • Zorg dat je ruim op tijd bent voor je afspraak.
  • Hoe word je ontvangen?
  • Geef je ogen en oren goed de kost.
  • Snuffel als dat kan een beetje rond.
  • Hoe is de uitstraling van het bedrijf?
  • Hoe zitten de werknemers erbij?
  • Hoe lopen ze rond?
  • Communiceren ze met elkaar? Zo ja, hoe?
  • Hoe voelt de omgeving voor jou? In hoeverre is het een omgeving waarin jij graag zou willen werken?

 

4.   Vraag of je een dag kunt meelopen in het bedrijf

  • Observeer met een open blik
  • Ga gesprekken aan
  • Ervaar de cultuur en voel of die bij je past.

 

5.   Vraag of je met je toekomstige collega’s kunt lunchen

  • Bereid vragen voor over wat je nog wilt weten
  • Wil je daarvoor nog inspiratie? Laat je leiden door de kenmerken van de organisatieculturen, zoals geschetst door Quinn en Rohrbaugh.

 

Als een detective speuren levert zijn vruchten af

 

Door goed je onderzoek te doen en als een detective te speuren, kun je je een goed beeld vormen van de cultuur van een organisatie.

En kun je een adequate inschatting maken of die bij jou past. Zo voorkom je dat je binnen korte tijd weer je bakens moet verzetten. Vooral omdat de organisatiecultuur niet de cultuur is waarin jij floreert.

 

Heb jij nog aanvullende tips om een goed beeld van de cultuur van een organisatie te krijgen?

En wil je die delen?

Ik lees graag je reactie.

 

© foto Betchaboy