‘Ja-maar’, wat houdt je tegen?

Wat je ervan weerhoudt om ergens vol voor te gaan

 

Ja-maar’, je hoort het vaak. In mijn vorige artikel gaf ik dat al aan. Misschien heb je je na het lezen van mijn artikel gerealiseerd, dat jij het ook met regelmaat zegt.

En dat terwijl ja-maar over het algemeen verlammend werkt. Althans, zeker als je op verkenning bent naar nieuwe mogelijkheden met betrekking tot werk.

Is het dan niet vreemd dat ja-maar zo gemakkelijk over je lippen komt?

Als je naar het effect van ja-maar kijkt is dat inderdaad zo. Als je begrijpt waar het vandaan komt, is het anders.

Kennelijk komt ja-maar vooral voort uit angst en de menselijke behoefte om zaken onder controle te houden.

Maar waar zijn wij over het algemeen dan zo bang voor?

 

Ja-maar, wat houdt je tegen?

 

Angst voor verandering, een belangrijke bron van ja-maar

 

Verandering brengt vaak onzekerheid met zich mee en is daardoor voor veel mensen een bron van angst.

Misschien herken je dat. We zeggen niet voor niets ‘Je weet wat je hebt, maar je weet niet wat je krijgt’. Je weet namelijk nooit met zekerheid hoe de toekomst eruit zal zien.

Ik zie dat geregeld bij mensen met betrekking tot hun werk. Ook al zijn ze niet happy met het werk dat ze doen, toch blijven ze vaak het liefst op hun vertrouwde plek. Temeer omdat bij een grote verandering de consequenties moeilijk zijn te overzien.

Zo herinner ik me een deelnemer aan een van de driedaagse trainingen. Als tekenaar werkte hij voor een grote standbouwer. Hij had zijn werkgever te kennen gegeven dat hij een nieuwe uitdaging aan wilde gaan als werkvoorbereider. Men gaf hem de kans en men wilde wel eens zien hoe hem dat verging.

Helaas voor hem, werd er na twee jaar een flinke streep door gezet. Hij werd weer tekenaar.

Dat bevredigde hem niet. Hij wilde een stap zetten in zijn carrière, hetzij bij zijn eigen werkgever, dan wel daarbuiten. Vandaar zijn deelname aan de training.

Tijdens de training werd heel duidelijk dat hij in zijn huidige werk absoluut onvoldoende tot zijn recht kwam. Toch was hij geneigd om zijn onvrede te relativeren. ‘Ja-maar het is een mooi bedrijf waarvoor ik werk. Het is een bedrijf dat over de hele wereld uitdagende projecten neerzet’.

Door zijn ja-maar’s is hij blijven zitten waar hij zat. Hij heeft ook geen werk gemaakt van ander werk. Inmiddels is hij ruim een jaar verder.

Ook al geeft zijn omgeving aan, dat het allesbehalve goed met hem gaat, kennelijk is voor hem de ‘pijn’ nog niet groot genoeg om daadwerkelijk stappen te zetten. En de onzekerheid tegemoet te gaan.

Bij outplacement is dat anders. Je hebt geen keuze, maar wordt gedwongen tot verandering.

Dat roept dan ook vaak angst op bij mensen. Dat is begrijpelijk. Je wordt gedwongen om het vertrouwde achter je te laten en werk te maken van iets nieuws.

Toch is outplacement, achteraf bekeken, voor mensen vaak een mooie kans om nieuwe wegen in te slaan. Uit zichzelf zouden ze het niet hebben gedaan.

 

 

Angst om buitengesloten te worden is ook een bron van ja-maar

 

Wij mensen zijn sociale wezens. Over het algemeen zijn we dan ook bang om buitengesloten te worden.

 

‘Ja-maar, ik heb gewoon geluk gehad’. Of ‘ja-maar, zo moeilijk was het niet’.

Je wilt vooral niet opvallen en zeker niet pronken met je succes. Terwijl je misschien wel heel hard hebt gewerkt om je doel te bereiken.

Dat blijkt vooral van toepassing te zijn voor vrouwen. Mannen stralen kennelijk eerder trots uit dan vrouwen.

Ik ben nou eenmaal heel goed.’ Typisch het antwoord van een man als hem gevraagd wordt waarom hij toch zoveel succes heeft. Een vrouw zegt meestal wat anders: ‘Dat ze geholpen is, dat ze geluk heeft gehad of dat ze hard heeft gewerkt’. Dat is althans de ervaring van Sheryl Sandberg, Chief Operation Officer bij Meta. Zij schreef het boek Vrouwen, werk en de weg naar succes.

Ik zie die valse bescheidenheid ook met regelmaat bij mijn coachklanten. Dat is jammer, want de bescheidenheid is dan niet terecht. Door trots te zijn op wat je neerzet plaats je jezelf niet apart.

 

‘Ja’ zeggen, maar ‘nee’ doen.

Jij kent ze vast ook, de ‘ja-maar zeggers’, bijvoorbeeld in vergaderingen. Eigenlijk gaan ze voor ‘nee’, maar ze zeggen ‘ja-maar’.

Vaak valt hun ja-maar niet direct op. Zij weten dit slim te verhullen door kritische vragen te stellen, te discussiëren en draagvlak te zoeken. Zodat ze niet buitengesloten worden.

 

 

Angst om iets niet goed te doen, eveneens een bron van ja-maar

 

Wist je dat we vooral bang kunnen zijn om een verkeerde beslissing te nemen?

En dat we de angst voor het onbekende proberen te reduceren door zoveel mogelijk onder controle te houden? Dat helpt niet om loopbaanbeslissingen te nemen en een stap vooruit te zetten.

Zo kan het gebeuren dat je geneigd bent om maar te blijven onderzoeken wat jouw mogelijkheden zijn op de arbeidsmarkt, uit vrees dat je mogelijkheden over het hoofd ziet en dus geen goede keuze maakt.

 

 

Ja-maar gedrag en ouder worden

 

Wist je dat voor de meesten van ons geldt, dat hoe ouder je wordt, hoe meer ja-maar gedrag je zult vertonen?

Hoe meer we geleerd hebben, hoe voorzichtiger we kennelijk te werk gaan.

Ik zie dat ook om me heen. Zo hechten vooral ouderen aan een vast contract. En leren ze jongeren dat een vast contract belangrijk is. Alhoewel je met een contract voor onbepaalde tijd nog geen permanente zekerheid hebt.

Werken op projectbasis of met een tijdelijk contract is voor jongeren over het algemeen veel vertrouwder dan voor de oude rotten. Wellicht voelen zij zich minder afhankelijk van een werkgever.  Bovendien hebben zij hun loopbaanvaardigheden over het algemeen beter ontwikkeld.

 

 

Hoe kun je nu zorgen dat je minder tijd kwijt raakt aan angst, paniek en gezeur, zoals Berthold Gunster dat noemt?

Daarover meer in mijn volgend artikel.

 

Ja- maar, weet je niet goed wat jij op de arbeidsmarkt te bieden hebt of welk werk bij jou past?

Bel (0575-544588 / 06-54762865) of e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) me voor een afspraak voor een oriënterend gesprek

 

 

©  foto: Martin Langbroek

 

 

 

Hoe ‘ja-maar’ je ontkracht en je kans op succes verkleint

Hoe ‘ja-maar’ je flink in de weg kan zitten

 

  • “Ja-maar, ik ga niet veranderen van baan. Ik weet wat ik heb en ik moet maar afwachten wat ik krijg”;
  • “Ja-maar, er zijn toch nauwelijks banen voor mij”;
  • “Ja-maar, op iemand van mijn leeftijd zit niemand te wachten”.

 

Ja-maar, hoe vaak hoor je het niet zeggen? Misschien betrap je jezelf er ook wel op, dat je het gemakkelijk zegt.

Vaak ben je je niet bewust van wat je ermee zegt. En zeker niet van wat ja-maar met jou, maar ook met jouw toehoorder doet.

Ja-maar bepaalt jouw manier van kijken en denken. En de invloed ervan is lang niet altijd positief.

Want met ja-maar ontkracht je jezelf en verklein je je kansen op succes.

 

Hoe ja-maar je ontkracht en je kans op succes verkleint

 

Ja-maar beïnvloedt je waarnemen

 

Wist je dat je met een ja-maar houding selectief waarneemt en vooral ziet wat er niet is?

Als voorbeeld geef ik je een alledaagse situatie die je misschien herkent.

Je bent op zoek naar een parkeerplaats en je hebt het al gauw gezien: “Ja, maar er is geen plek meer om te parkeren. De parkeerplaats is al helemaal vol”.

Voordat je echt goed gekeken hebt, ben je eigenlijk alweer weg en je hebt die mooie lege plekken verderop niet gezien.

Had je met een ja-en blik gekeken, dan had je vast nog een plekje weten te vinden: “Ja-en, het is druk. Dat zie ik ook. Maar er is vast nog ergens plek. En is er nu niets vrij, grote kans dat er zo iemand weggaat”.

En waarschijnlijk vind je inderdaad een plek.

 

Op de arbeidsmarkt is het niet anders.

Als je kijkt met een ja-maar houding zie je lang niet alles wat er is. En daardoor mis je kansen.

 

 

Ja-maar en de metafoor van de ijsberg

 

Ken je de metafoor van de ijsberg, van de theorie van Bateson of McClelland?

Over die theorie zo dadelijk meer, maar de metafoor van de ijsberg kun je ook toepassen op de arbeidsmarkt.

Wist je dat 90% van een ijsberg onder water zit? En dat het met de banen op de arbeidsmarkt eigenlijk niet anders is?

Dat het percentage baanopeningen dat geen vacature wordt en dus onder water zit, geschat wordt op zeker 70%?

De zichtbare banen zijn als het topje van een ijsberg. Onder het topje dat je ziet, is nog een hele wereld aan werk te ontdekken.

Als je kijkt met een ja-maar houding, dan is de kans groot dat je die 70% niet ziet. Heb je daarentegen een ja-en houding, dan zul je je uitgedaagd voelen om juist die 70% boven water te krijgen.

Die 70% kun je boven water krijgen door goed je onderzoek te doen. En dat kun je leren met de Meer Waarde Benadering.

 

 

Ja-maar beïnvloedt je denken en je handelen

 

Ik noemde zojuist Bateson en McClelland.

Als je van hen hebt gehoord, dan weet je dat wat je ziet aan gedrag van mensen, het topje van de ijsberg is.

Wat je gedrag bepaalt zit voor het grootste deel onder water. Je kunt daarbij denken aan je overtuigingen, waarden, normen, motieven, drijfveren en jouw authentieke zelf.

In Ja-maar komt een stukje naar boven van wat er onder water zit. En wat heel bepalend is voor jouw gedrag.

 

Wist je dat iemand met een ja-maar houding veel meer beren ziet op zijn weg? En dat die houding ook eerder leidt tot afwachten en niet-handelen? Zelfs tot scepsis en cynisme?

Ik maak het geregeld mee in eerste contacten met potentiële klanten. Ik lees het ook geregeld in discussies in sommige groepen op LinkedIn. Met name groepen voor werkzoekenden.

Ik kan me goed voorstellen dat je, zeker na negatieve ervaringen, je situatie of je toekomst minder rooskleurig ziet. En eerder geneigd bent om te vervallen in een houding van ja-maar.

Maar, als ja-maar je denken gaat overheersen, dan zal dat je succes enorm belemmeren. En een mislukking ligt dan al gauw op de loer.

 

Ken je het mechanisme van de selffulfilling prophecy, de zichzelf waarmakende voorspelling?

Als jij denkt dat iets jou niet gaat lukken, dan heb je grote kans dat het inderdaad het geval is. Want waarom zou je er helemaal voor gaan, als je verwacht dat het toch niets wordt?

Helaas ben je je niet altijd bewust van dat proces. Het is dan goed dat een ander je daarop wijst.

 

 

De kracht van ja-en

 

Ja-maar  heeft een tegenpool. Dat is ja-en.

Kijk je vanuit de positie van ja-en, dan ben je gericht op kansen en mogelijkheden.

Wellicht ken je daar voorbeelden van. Of misschien ben je zelf iemand, die overal mogelijkheden en kansen ziet. En die grijpt en doelen realiseert.

Ook dat heeft deels te maken met selffulfilling prophecy. Als jij denkt dat iets voor jou mogelijk is, dan zul je er vol voor gaan. En daardoor vergroot je aanmerkelijk de kans dat je je doel daadwerkelijk realiseert.

Zo zet ja-en aan tot handelen en leidt eerder tot succes.

 

 

Ja-maar en ja-en zijn samen een waardevol span.

 

Door mijn verhaal wordt ja-maar wat negatief afgeschilderd. Maar ze heeft duidelijk ook positieve kanten.

Bij het nemen van een beslissing kan ja-maar heel waardevol zijn. Ze zet je aan tot nadenken, evalueren en beoordelen. En kan je zo helpen om te komen tot een weloverwogen besluit.

 

Een ja-en houding is mooi als je mogelijkheden wilt verkennen. Maar kan ook negatief werken.  

Het is goed om kritisch te blijven als de omstandigheden erom vragen. Bijvoorbeeld als je een weloverwogen beslissing moet nemen.

Als je ja-en’nen uitmondt in met alle winden meewaaien, zit je ook niet op het goede spoor.

 

Het is mooi als je over beide posities kunt beschikken. En afhankelijk van de situatie kunt bepalen welke positie op een bepaald moment het meest passend is.

Samen zijn ja-maar en ja-en een waardevol span.

 

 

Heb je veel last van ja-maar? In een volgend artikel geef ik je tips hoe te komen van ja-maar naar ja-en.

Wil je je alvast inlezen? Lees Ja-maar, wat als alles lukt?

 

©  foto: Martin Langbroek

 

 

Heb je het gevoel dat ja-maar zich min of meer van jou meester heeft gemaakt? Bijvoorbeeld omdat het je nog niet gelukt is om te realiseren wat je voor ogen hebt?

Kun je daarbij wel wat hulp gebruiken?

Bel (0575-544588 / 06-54762865) of e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) me voor het maken van een afspraak voor een oriënterend gesprek.

 

 

Handreikingen en tips om je intrinsieke motivatie op het spoor te komen

Wat jouw vuurtje doet branden

 

Wat drijft jou?

Waarvoor kom jij in beweging?

Waar krijg jij energie van?

 

In een van mijn vorige artikelen nodigde ik je uit om op zoek te gaan naar wat jou drijft.

Zodat je in jezelf de energie vindt om jouw motor op gang te brengen en op volle toeren te laten draaien.

Dat je niet afhankelijk bent van beloning door je omgeving om jouw vuurtje op te stoken.

En anderen jou dus geen wortel hoeven voor te houden. Want de wortel, de voldoening vind je in jezelf.

 

In dit artikel geef ik je tips om je intrinsieke motivatie op het spoor te komen.

 

Handreikingen en tips om intrinsieke motivatie op het spoor te komen

 

Type I en type X; in welk type herken jij je nu?

 

In hoeverre heb jij het gevoel dat jouw gedrag vooral wordt gestuurd door extrinsieke verlangens?

  • Vind je voldoening in je werk wel belangrijk, maar komt een mooi salaris voor jou toch op de eerste plaats?
  • Vind je bijvoorbeeld flexibele werktijden om wat voor reden dan ook belangrijker dan de inhoud van je werk?
  • Of vind je überhaupt het hebben van een baan belangrijker dan de inhoud van je functie?

 

Alle kans dat jij dan meer neigt naar Type X dan naar type I. En type X zijn de meer extrinsiek gemotiveerden.

 

Of heb jij het gevoel dat jouw gedrag vooral gestuurd wordt door drijfveren van binnenuit?

  • Is voldoening in je werk voor jou belangrijk?
  • Laat jij je in de keuze van werk bepalen door wat jij ziet als jouw bijdrage aan jouw wereld?
  • Is werk voor jou naast het leveren van een maatschappelijke bijdrage ook een manier om je persoonlijk te ontwikkelen?

 

Alle kans dat je dan meer neigt naar Type I. Type I zijn de meer intrinsiek gemotiveerden.

Volgens Daniël Pink zijn dat de mensen die vooral gedreven worden door de behoefte om grip te krijgen op hun leven, nieuwe dingen te leren en te creëren en henzelf en de wereld beter te maken.

 

 

Intrinsieke motivatie en flow

 

Pure gerichtheid op waar je mee bezig bent, jezelf vergeten als je aan het werk bent, dat is een van de kenmerken van flow.

Als je flow ervaart, dan leef je zo in het moment en voel je je zo meester over de situatie, dat je geen besef hebt van plaats en tijd. En zelfs van het ‘ik’.

Misschien herken je die momenten.

Als je in flow bent, dan is er een perfecte relatie tussen wat je kunt en wat je moet doen.

En zeker niet onbelangrijk, er is een perfectie match tussen waar je mee bezig bent en jouw persoonlijke doelen en missie. Zoals men ook wel zegt, “je hebt je bestemming gevonden”.

Ik schreef daarover in een eerder artikel.

 

Zou het niet heerlijk zijn als je in je werk met regelmaat flow ervaart?

 

 

Een drietal tips om je intrinsieke motivatie op het spoor te komen

 

Zodat je meer flow kunt ervaren in de dingen die je doet.

 

1.   Schrijf je Leadership statement

Waarom doe je wat je doet? Waarin ben jij een leider?

Een paar handreikingen om je op weg te helpen:

  • Wat beteken jij voor deze wereld?
  • Wat is jouw missie, waarvoor brandt het vuur in jou?
  • Houd voor ogen: je Leadership Statement gaat niet over wie je nu bent, maar gaat over wie jij zijn wilt (en wordt!!)
  • Formuleer je Leadership Statement in één zin, kort en krachtig.

 

Wil je inspiratie? Beluister nog een keer de Ted talk van Simon Sinek of lees nog eens het artikel dat ik schreef over Waarom doe je wat je doet?

 

2.   Neem een flowtest af bij jezelf.

Csikszentmihalyi geeft daarvoor de volgende tip:

Stel je computer of mobiele telefoon zo in, dat hij gedurende één week veertig keer op willekeurige tijdstippen een signaal geeft. Schrijf telkens als het apparaat afgaat, op wat je aan het doen bent, hoe je je voelt en of je flow ervaart.

Houd je observaties een week lang bij, kijk naar de patronen en denk na over de volgende vragen:

  • Welke momenten leverden gevoelens van flow op? Waar was je? Waar was je mee bezig? Wie was er bij je?
  • Ervaar je op bepaalde momenten van de dag vaker flow dan op andere momenten? Hoe kun je je dag anders indelen op basis van je bevindingen?
  • Hoe kun je het aantal flow ervaringen vergroten en het aantal momenten waarop je niet betrokken of afgeleid was, verminderen?
  • Als je twijfels hebt over je baan of je carrière, wat vertelt deze oefening je dan over je werkelijke bronnen van intrinsieke motivatie?

 

Een alternatief voor de methode van Csikszentmihalyi is het bijhouden van een flowdagboek. In een eerder artikel noemde ik dat als een van de tips om persoon en werk te reconnecten.

 

3.   Neem een sabbatical

Of creëer anderszins bewust ruimte om te reflecteren over wat je intrinsiek motiveert. Die investering zal zich ruimschoots terugbetalen.

 

Schrijf je bijvoorbeeld in voor het programma Bouw je ideale loopbaan.

Gegarandeerd heb jij aan het eind van dat programma helder wat jou werkelijk drijft, jouw intrinsieke motivatie.

 

 

Ter inspiratie en illustratie in vertaling een gedicht van Auden:

 

Je hoeft niet te zien wat iemand aan het doen is

Om te weten of het zijn roeping is.

 

Je hoeft slechts naar zijn ogen te kijken:

Een kok die een saus maakt, een chirurg

die een eerste insnede maakt,

een kantoorbeambte die een vrachtbrief invult,

 

hebben dezelfde uitdrukking van vervoering,

vergeten zichzelf als ze in functie zijn.

 

Wat is hij toch mooi,

die blik puur gericht op het object.

 

 

 

 

 

Hoe je zingeving maakt tot motor van jouw persoonlijke en professionele ontwikkeling

Waarom zingeving misschien wel de belangrijkste competentie is, essentieel voor jouw professionele toekomst

 

Ik loop er min of meer tegenaan, dat ik nog niet weet wat mijn ‘missie’ is. Al is het wel helder dat ik meer een ‘hoe’-persoon ben dan een ‘waarom’-persoon, op grond van het boek van Simon Sinek. Echter, de ‘missie’ is van belang in combinatie met mijn talenten en passies, om een juiste nieuwe baan te vinden om congruent te zijn met mezelf.“

Dat mailde mij een van mijn coachklanten. En het belang van missie onderschrijf ik helemaal.

Wist je dat zingeving gezien wordt als een van de drie essentiële competenties voor de toekomst? Dat het misschien wel de belangrijkste is, naast autodidactisch vermogen en empathie?

En dat je de competentie zingeving tot de motor van jouw persoonlijke en professionele ontwikkeling kunt maken?

Meer daarover lees je in mijn artikel.

 

Hoe je zingeving maakt tot motor van jouw persoonlijke en professionele ontwikkeling

De toekomst van werk

 

De inhoud van werk verandert steeds sneller.

De diversiteit neemt toe. Om die trend bij te benen wordt het ontwikkelen van toekomstbestendige competenties steeds belangrijker.

Je kunt daarbij denken aan vaardigheden die niet vervangen kunnen worden door een robot. Maar ook aan vaardigheden die juist met de robotisering te maken hebben.

 

Strak omlijnde beroepen zie je nog maar nauwelijks.

Zo je nog van beroepen wilt spreken, neemt het aantal beroepen steeds meer toe. Er zijn beroepen die verdwijnen, maar er komen vooral ook veel nieuwe beroepen, beter nieuwe functies, bij.

Nieuwe functies die je in 2022 zult tegenkomen zijn bijvoorbeeld: work-life coach, head of workplace systems, work tech upgrader, High Impact, Low Frequency-consultant (HI-LF-consultant), selection experience designer.

Voor 2022 wordt een grote toekomst voorspeld voor onder andere: adviseur onderwijs en arbeidsmarkt, stikstofdeskundige, zorg-vliegende keep, skillsrecruiter, recyclinganalist, home wellness technicus, klimaatexpert.

Je ziet niet alleen de verandering van beroepen naar functies, maar vaste functies ontwikkelen ook naar tijdelijke rollen.

Die ontwikkeling brengt met zich mee dat functietitels maar ten dele iets zeggen over de inhoud van de functie. En dat aan een bepaalde functie-inhoud verschillende functienamen kunnen worden gekoppeld.

 

 

Essentiële competenties voor de toekomst van werk

 

Welke competenties zijn toekomstbestendig als de inhoud van functies steeds meer aan verandering onderhevig is?

En welke competenties moet een kandidaat hebben om geschikt te zijn voor een bepaalde vacature, als de inhoud van de functie zich ontwikkelt en dus verandert?

 

Autodidactisch vermogen ziet men als een van de drie essentiële toekomstbestendige competenties.

Jezelf ontwikkelen als persoon en als professional is cruciaal om interessant te blijven voor werkgevers.

Voor nu, maar zeker voor de toekomst.

Een autodidact is gedreven om bij te blijven en te leren. Hij is daarbij niet afhankelijk van wat een werkgever hem aanbiedt, maar hij initieert zelf zijn leerproces.

 

Empathie is een tweede essentiële competentie voor de toekomst.

Onze maatschappij wordt steeds vluchtiger en er wordt steeds meer elektronisch en via Social Media gecommuniceerd.

Echt contact maken doen we steeds minder, zeker de jongere generatie. Terwijl echt contact maken steeds belangrijker wordt en niet vervangen kan worden door een robot.

Om écht contact te maken is empathie essentieel.

Binnen bijna elk beroep, niet alleen binnen de sociale beroepen, maar in ieder werk waar je te maken krijgt met mensen; zoals bijvoorbeeld je collega’s.

Binnen iedere vorm van communicatie is het essentieel om jezelf te kunnen verplaatsen in het standpunt of de beleveniswereld van de ander, om de ander te kunnen begrijpen.

 

 

Zingeving als belangrijkste competentie voor de toekomst

 

Zingeving is de vaardigheid om een taak, actie of ervaring te kunnen koppelen aan een doel dat voor jou belangrijk is. Het gaat daarbij om een hoger doel, jouw purpose, jouw persoonlijke missie.

Zingeving heeft te maken met het waarom jij doet wat je doet. Je kunt het doel van iets inzien. Sterker nog, jijzelf bent het die betekenis geeft aan wat je doet.

Zingeving heb je nodig om jezelf te motiveren voor wat je doet of gaat doen. Zingeving geeft je de energie om zaken aan te pakken, door te gaan als het even tegenzit of minder leuk is en vol te houden tot het doel is bereikt.

Als je weet waarom je iets doet en je je met jouw doel kunt verbinden, dan kost het ook minder energie, zeker mentaal. Want ook al kost wat je doet je fysiek energie, psychisch, mentaal geeft het energie.

Zo werkt zingeving als motor en is het wellicht de belangrijkste competentie voor de toekomst.

 

Ontbreekt zingeving of zie je de zin niet in van wat je doet, dan kost het je heel veel energie. Bijvoorbeeld in je werk.

Misschien heb je dat zelf ook al eens ervaren. Het werk kan dan zelfs leiden tot een burn-out.

Aan een burn-out kunnen verschillende oorzaken ten grondslag liggen, maar werk of een organisatie die niet aansluiten bij je persoonlijke missie zijn daarbij belangrijke factoren. Of werk dat zoveel tijd en aandacht van je vraagt, dat er absoluut geen ruimte meer is voor wat naast werk belangrijk voor je is.

 

 

Zingeving als motor van jouw persoonlijke en professionele ontwikkeling

 

Waarom doe je wat je doet qua werk?

Voor lang niet iedereen is die vraag makkelijk te beantwoorden. Ik ervaar dat in coachtrajecten.

Soms is het ook een vraag die mensen zich expliciet stellen op het moment dat ze vastlopen in hun werk. Bijvoorbeeld omdat ze niet langer voldoening ervaren of plezier hebben in hun werk.

Of omdat in sollicitatietrajecten daarnaar wordt gevraagd. Bijvoorbeeld aan hand van vragen als ‘Waarom deze functie voor jou?’ of ‘Waarom wil je voor onze organisatie werken en niet ergens anders?’.

 

Heb je eenmaal helder wat jou drijft, dan werkt dat als motor voor jouw ontwikkeling als persoon en als professional.

Jouw persoonlijke missie geeft je niet alleen energie, maar werkt ook als een meetlat waar je keuzes aan af kunt meten. En zo je energie in banen kunt leiden in de richting van jouw doel.

Dat kan betekenen dat je ervoor kiest om op een bepaald moment jouw koers met betrekking tot werk bij te stellen, omdat je koers niet langer bijdraagt aan het realiseren van jouw hogere doel.

Of dat je een opleiding gaat volgen om jezelf te kwalificeren voor werk in lijn met jouw persoonlijke missie.

Of dat je jouw werk anders in gaat richten, jouw baan zodanig kneedt, dat die weer beter past bij jouw doelen.

Daarbij kunnen zinloze handelingen of taken ook aanleiding zijn tot optimalisatie of innovatie.

 

Op die manier maak je de competentie zingeving tot motor van ontwikkeling van jezelf als persoon en als professional.

 

 

 

Heb jij nog niet zo scherp wat jou drijft en waar je een bijdrage aan wilt leveren met wat je doet in je werk?

Lees mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?’ – Een loopbaanstrategie voor gedreven hbo’ers en academici die meer waarde willen realiseren in hun werk.

Of neem contact met me op voor het maken van een afspraak voor een vrijblijvend oriënterend gesprek.

 

 

 

 

Doe jezelf niet tekort door wie je bent en wat je kunt maar ‘gewoon’ te vinden

Handreikingen om te komen van onbewust bekwaam tot bewust bekwaam

 

“Dat doe ik gewoon zo.”

“Zo ben ik gewoon.”

Alsof het de normaalste zaak van de wereld is, dat je zo bent of de dingen doet zoals je ze doet.

Ik hoor het met regelmaat. Niet alleen van coachklanten.

Maar wist je dat je grootste kwaliteiten misschien wel liggen bij dingen die je vanzelf doet? Waar jij als vanzelf acteert? Of je als van nature gedraagt?

Kennelijk vind je wat je zelf doet en hoe je bent als persoon al gauw heel gewoon.

Misschien ben je er zo aan gewend, zo vertrouwd mee, dat je het zelf niet meer ziet als een kwaliteit?

Het is mijn ervaring als loopbaancoach dat mensen over het algemeen veel meer kwaliteiten hebben, dan ze zelf denken.

Ze zijn zich maar ten dele bewust van wat ze te bieden hebben. Je zou ze onbewust bekwaam kunnen noemen.

Daarmee doen ze zichzelf tekort.

In mijn artikel geef ik je handreikingen hoe je van onbewust bekwaam kunt komen tot bewust bekwaam.

 

Doe jezelf niet tekort door wie je bent en wat je kunt maar ‘gewoon’ te vinden

 

Van onbewust onbekwaam naar onbewust bekwaam

 

Een van de vakken die ik als docent in het Hoger Onderwijs gaf, was methodische gespreksvoering, kortweg methodiek.

“Gesprekken voeren, dat kan ik al”, dacht menig student Personeel & Arbeid bij de start. Wat heb ik daarin nog te leren?

Daar kwam hij gaandeweg wel achter.

Gaande de lessencyclus kreeg hij in de gaten dat het methodisch voeren van gesprekken iets anders is dan wat je doet, als je in het dagelijks leven gesprekken voert.

Hij startte als onbewust onbekwaam. Maar werd zich er al snel van bewust dat er nog heel wat bij te spijkeren viel. Hij werd bewust onbekwaam.

Gaande de lessen werd dat bewust bekwaam. Het ging goed, maar nog niet helemaal vanzelf.

Voor dat laatste moet je ‘vlieguren’ kunnen maken. Pas dan hoef je er niet meer over na te denken en ben je onbewust bekwaam.

 

 

Met betrekking tot hun kwaliteiten zou je veel mensen onbewust bekwaam kunnen noemen.

 

Ze zijn zich niet bewust van de kwaliteiten die ze hebben. Of ze zijn zich er maar ten dele van bewust.

Sterker nog, ze zijn geneigd om hun positieve persoonskenmerken, karaktertrekken en wat ze kunnen maar gewoon te vinden. Terwijl ze dat over het algemeen niet zijn.

Het is dus de kunst om je bewust te worden van wat je te bieden hebt, van jouw kwaliteiten.

Zodat je van onbewust bekwaam kunt komen tot bewust bekwaam.

Pas dan kun je je overtuigd en overtuigend profileren met je kwaliteiten. En daarmee vergroot je je kansen op mooi werk.

 

 

Je succesverhalen; een belangrijk instrument om je kwaliteiten op het spoor te komen

 

In een eerder artikel schreef ik dat je succesverhalen de brug vormen naar jouw betekenisvolle toekomst.

Je succesverhalen zijn het instrument bij uitstek om je kwaliteiten op het spoor te komen. En om je bewust te worden van wat je te bieden hebt.

Het zelf identificeren en benoemen van eigen persoonlijke kwaliteiten is echter een hele kunst.

Zelf zie en onderken je ze niet zo snel. Juist omdat je het zelf zo ‘gewoon’ vindt zoals je bent en zoals je de dingen doet. Terwijl het niet zo ‘gewoon’ is.

 

 

Handreikingen om aan de hand van je succesverhalen te komen van onbewust bekwaam naar bewust bekwaam

 

Kwaliteiten van anderen zie je meestal makkelijker dan je eigen kwaliteiten.

Het leukste en het productiefste is dan ook om samen met anderen met succesverhalen aan het werk te gaan.

Ik geef je een paar tips voor de procedure:

  • Vraag enkele (1-3) vrienden of werk-vind-maatjes of ze zin hebben om samen met jou met succesverhalen te gaan werken.
  • Vraag, voordat je daadwerkelijk met elkaar aan het werk gaat, aan iedereen om één of twee succesverhalen te schrijven. Gebruik voor het schrijven van die verhalen mijn stappenplan.
  • Ga op een rustige plek bij elkaar zitten, zodat je geconcentreerd en lekker kunt werken.
  • Een iemand leest zijn verhaal voor. Stel dat jij begint. Lees je verhaal helemaal voor zonder onderbrekingen. Lees het dan eventueel nog een keer voor en laat je vrienden vragen stellen, als ze die hebben.
  • Als jij voorleest dan kunnen de anderen alvast beginnen met het opschrijven van de kwaliteiten die ze horen in je verhaal.
  • Na het voorlezen schrijf je ook zelf op welke kwaliteiten naar jouw idee blijken uit jouw verhaal.
  • Probeer de kwaliteiten specifiek te benoemen.
  • Als iedereen klaar is met schrijven, lees je als verhaalverteller voor welke kwaliteiten je zelf opgeschreven hebt.
  • Daarna vertellen de anderen welke kwaliteiten ze hebben opgeschreven naar aanleiding van jouw verhaal.
  • Het is handig om de verhalenverteller de opgeschreven kwaliteiten dan ook daadwerkelijk te geven.
  • Als je de kwaliteit die je toegeschreven wordt niet begrijpt, vraag dan om uitleg. Het mooie van het samenwerken met anderen is dat zij kwaliteiten zien die jij niet ziet. Een ander ziet als kwaliteit wat jij als gewoon, als vanzelfsprekend vindt.
  • Daarna is de volgende persoon aan de beurt en volgt de groep dezelfde procedure.

 

In één verhaalronde merk je al het positieve effect van het samen met anderen aan het werk gaan met succesverhalen.

Niet alleen zien anderen eerder jouw kwaliteiten. Ze zijn daarover ook positiever. En gegarandeerd, gaande de rit word je steeds meer bewust bekwaam.


En heb je geen maatjes om samen mee aan het werk te gaan?

Dan is het de kunst om te kijken naar je successen door de ogen van een ander.

In een vorig artikel gaf ik je daarvoor al een aantal tips.

 

 

Zo realiseer je je steeds beter wat jij te bieden hebt. En word je van onbewust bekwaam, bewust bekwaam.

Zoals een van de deelnemers aan de 3-daagse training aangaf: “Het is echt een lekker gevoel als je je eigen competenties helder in beeld hebt”.

 

 

 

Wil je weten wat de vervolgstappen zijn van het werken met succesverhalen? 

Lees het in mijn boek ‘Wat wil ik nu echt?’ – Een loopbaanstrategie voor gedreven hbo’ers en academici die meer waarde willen realiseren in hun werk.

 

Kun je in het proces van het werken met succesverhalen wel wat hulp en begeleiding gebruiken?

Bel (0575-544588 / 06-54762865) of e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) met gerust voor het maken van een afspraak voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

 

Laat je zelfvertrouwen niet onderuithalen door een assessment

Hoe meer je overtuigd bent van wat je kunt, hoe zekerder je het assessment tegemoet kunt treden

 

Onderworpen worden aan een assessment; voor veel mensen is dat spannend. Je zelfvertrouwen wordt op de proef gesteld.

Er wordt jou de maat genomen. Je wordt beoordeeld aan de hand van waarden en normen, de meetlat die de opdrachtgever aan de assessor heeft meegegeven.

Je wordt gelabeld en mogelijk in hokjes gestopt waar je voor jouw gevoel niet thuishoort. Je wordt gewogen en op basis van de resultaten geschikt of te licht bevonden.

Een assessment mag best spannend zijn, maar laat je zelfvertrouwen niet onderuithalen door een assessment. Hoe meer je overtuigd bent van wat je kunt, hoe zekerder je een assessment tegemoet kunt treden.

 

Laat je zelfvertrouwen niet onderuithalen door een assessment

© Foto: Tyler Olson / Shutterstock.com

 

Zelfvertrouwen gaat over zelfrespect en vertrouwen in jezelf

 

In een eerder artikel maakte ik al eens onderscheid tussen zelfeffectiviteit en zelfvertrouwen.

Zelfvertrouwen zegt meer in zijn algemeenheid iets over het vertrouwen in jezelf. Zelfeffectiviteit gaat meer over het kunnen maken van een adequate inschatting of je als individu de kwaliteiten hebt om een bepaald doel te bereiken.

Mensen met veel zelfvertrouwen zitten over het algemeen lekker in hun vel, geloven in hun eigen kracht en zijn geneigd om zaken in een positief licht te zien.

Mensen met minder zelfvertrouwen zijn geneigd om hun eigen vermogens te onderschatten.

 

 

Zelfvertrouwen is een combinatie van zowel waardigheid als vaardigheid

 

Alleen maar positief over jezelf denken in plaats van werken aan je vaardigheden leidt tot narcistische trekjes. Dat zegt Jikkie Has in haar boek Zakelijk zelfvertrouwen.

Een gezond zelfvertrouwen gaat over de balans tussen waardigheid en vaardigheid.

Waardigheid gaat over het gevoel dat je over jezelf hebt, hoe je over jezelf denkt. Ook wel aangeduid met woorden als eigenwaarde, zelfrespect, zelfwaardering.

Vaardigheid gaat over hoe goed je in iets bent en uit zich in meetbaar gedrag en resultaat.

 

 

Verschil tussen mannen en vrouwen

 

Onderzoekers vermoeden dat vrouwen hun zelfvertrouwen iets meer laten bepalen door hun eigenwaarde dan door hun vaardigheden. Terwijl mannen eerder geneigd zijn om hun zelfvertrouwen te laten bepalen door hun vaardigheden en hun succes.

Als ik kijk naar mezelf, dan herken ik dat. Op een test die zakelijk zelfvertrouwen meet scoor ik hoger op vaardigheden dan op waardigheid. Volgens die test zou ik mijn waardigheid, het gevoel dat ik over mezelf heb en hoe ik over mezelf denk, dus iets op mogen krikken.

Overigens zie en spreek ik ook genoeg mannen met een relatief lage zelfwaardering. In termen van Jikkie Has, heet dat een lage waardigheid. Zo was bijvoorbeeld een van mijn coachklanten, zonder hbo-diploma maar denkend en werkend op hbo-niveau, huiverig voor assessments. Bang dat hij is om door de mand te vallen, kan hij helemaal in de stress raken, blokkeren en niets van een assessment bakken. Dat is hem al eens overkomen. Ook al had hij eerder in een vergelijkbare situatie gemiddeld hbo-niveau gescoord.

 

 

Je zelfvertrouwen laten bepalen door hoe goed je in iets bent, is niet gezond

 

Je zelfvertrouwen laten bepalen door hoe je over jezelf denkt, je waardigheid, leidt zoals gezegd tot narcistische trekjes en is niet gezond.

Je zelfvertrouwen afhankelijk stellen van hoe goed je in iets bent, is ook niet gezond. Het leidt tot faalangst en perfectionisme.

Want als je je zelfvertrouwen laat bepalen door hoe goed je in iets bent, laat je je leiden door hoe succesvol je bent. Ben je goed in iets, dan voel je je fantastisch. Lukt iets niet, dan voel je je een loser.

Dat gevoel wil je voorkomen. Met als valkuil perfectionisme. Met als groot risico dat als het voor jou niet perfect is, dat het dan een mislukking is.

Met een lage zelfwaardering als gevolg.

Een gezond zelfvertrouwen gaat over de balans tussen eigenwaarde en vaardigheid.

 

 

Hoe je je eigenwaarde en zelfvertrouwen kunt vergroten door je denken te beïnvloeden

 

Je zelfbeeld bepaalt je eigenwaarde. En je eigenwaarde stuurt je denken, voelen en doen.

Zo leiden bijvoorbeeld bij assessment gedachtes als ‘kan ik het wel waarmaken?’ en ‘wat als ik door de mand val?’, tot emoties als angst, onzekerheid, schaamte.

Die emoties zijn van invloed op je gedrag. Daarbij zijn emoties als angst en onzekerheid niet direct de emoties waardoor je staat te springen om vol energie in actie te gaan.

Het kan zelfs zijn dat je helemaal geblokkeerd raakt en een black-out krijgt, niet wetende hoe je het aan moet pakken. En doordat je niet in actie komt, zal je ook niet de resultaten boeken die je wilt halen.

 

Anderzijds oefenen je denken, voelen en doen ook invloed uit op je eigenwaarde.

Als je je vaardigheden traint krijg je betere resultaten en meer zelfvertrouwen. Ander gedrag zorgt voor andere emoties. En ander gedrag draagt een steentje bij aan het vergroten van je eigenwaarde.

Wil je structureel andere resultaten bereiken, dan moet je beginnen met het veranderen van je gedachtes. ‘Ook al heb ik geen hbo-diploma, door mijn werkervaring en de resultaten die ik heb bereikt kan ik laten zien dat ik hbo werk- en denkniveau heb’.

Of:

‘Als dit assessment me niet goed afgaat, dan heb ik toch nog meer ijzers in het vuur. Mijn leven hangt er niet van af.’

 

 

Kortom

 

Zorg dat je je persoonlijk dossier op orde hebt. Hoe meer je overtuigd bent van wat je kunt en wat je waard bent, hoe zekerder je het assessment tegemoet zult treden.

Hoe zekerder jij je voelt en hoe preciezer jij in beeld hebt hoe je in situaties hebt gereageerd, hoe beter je de vragen kunt beantwoorden.

Niet alleen mentaal, maar ook technisch kun je je op een assessment voorbereiden. Op internet vind je legio mogelijkheden om testvragen te oefenen, zodat je niet schrikt van de opgaven die je bij een assessment voorgelegd krijgt.

Zelfvertrouwen groeit door actie. Actie overwint angst.

Realiseer je dat een assessment vaak wordt gebruikt als bevestiging van een indruk die men heeft van een kandidaat. De resultaten van een assessment zwakken een oordeel dat men heeft af, of versterkt het.

 

 

Laat je inspireren door Sara Marita Kramer, skispringtalent en medaillekandidaat voor de Olympische spelen.

Zij laat horen en zien dat als je zelf overtuigd bent dat je iets kunt, je daar dan ook zekerheid aan ontleent.

Mijn sterke kant is zeker het vliegen. Dus als ik een slechte afsprong heb, dan kan ik nog best goed vliegen en er iets van maken.”

 

 

 

Heb jij je persoonlijk dossier niet goed op orde om succesvol werk te maken van mooi werk?

Heb je geen goed beeld van wat je kunt en van hoe je hebt gereageerd in concrete situaties?

Neem contact met me op. Ik help je graag.

 

 

 

 

 

Wat een gezond ego onmisbaar maakt voor het vertonen van moed

Handreikingen voor het ontwikkelen en versterken van moed

 

Richtingsbesef, weten welke koers je wilt varen is een van de pilaren van de factor moed.

Maar alleen een gevoel van richting is niet genoeg om in beweging te komen. Wil je echt het pad in de juiste richting bewandelen, dan heb je het lef, de drive als tweede pilaar nodig om dat echt te doen.

En cruciaal is, dat de twee pilaren staan op een stevig fundament; een gezond ego.

Een goed ontwikkeld en uitgebalanceerd ego voedt jouw gedachten en zet jou aan tot actie. Een gezond ego is de bron van jouw wensen en de krachtbron achter jouw beslissingen.

Moed vertonen kan dan ook niet zonder zelfkennis, zelfbewustzijn en zelfvertrouwen.

En die kun je ontwikkelen. Op je eigen houtje of met behulp van een goede coach.

 

Wat een gezond ego onmisbaar maakt voor het vertonen van moed

 

Zelfkennis als onderdeel van een gezond ego

 

Zelfkennis heeft te maken met het cognitieve kennen van je eigen talenten en valkuilen.

Het is mijn ervaring als loopbaancoach, dat menigeen geneigd is zijn talenten te onderschatten. Mogelijk ook omdat kwaliteiten van jezelf zo eigen zijn, dat je ze als gewoon ervaart en niet meer ziet als een kwaliteit.

Dat gebeurde onlangs weer tijdens een coachsessie met een van mijn coachklanten. Hij had zijn succesverhaal heel mooi concreet uitgewerkt. Zodanig dat ik me een goed beeld kon vormen van hoe hij gehandeld had in betreffende situatie.

Zelf had hij er een zestal kwaliteiten uit gehaald. Ik als coach had er wel vijfentwintig gedestilleerd. Alle vijfentwintig waren ze herkenbaar voor hem. Niet alleen in dat specifieke verhaal, maar ook in andere contexten.

Toch had hij ze zelf niet benoemd, blind door wat hij van zichzelf zo gewoon is gaan vinden.

 

Een adequate inschatting van je eigen talenten en valkuilen is cruciaal als deel van het fundament waarop de twee pilaren drive en gevoel van richting rusten.

Doe jezelf niet tekort, maak je niet onnodig klein, maar overschat ook jezelf niet.

Mind the gap! En dan niet the gap bij de underground, maar de skills gap; het gat tussen de kwaliteiten die je bezit en de kwaliteiten die in een bepaalde functie van je worden gevraagd.

 

 

Zelfbewustzijn als onderdeel van een gezond ego

 

Zelfbewustzijn is niet hetzelfde als zelfkennis.

Misschien wijzen beide begrippen jou daar al op. Kennis is namelijk iets anders dan bewustzijn.

Ook dat zie ik in mijn coachtrajecten. Je kunt bijvoorbeeld je kwaliteiten nog wel kennen, maar ze je volledig toe-eigenen, ze verinnerlijken, je er bewust van zijn; dat is nog een andere kwestie.

Mede daarom is het werken met succesverhalen zo waardevol. Bijvoorbeeld in vergelijking met het werken met vragenlijsten, competentiekaartjes of tests.

Het schrijven van eigen succesverhalen en het daaruit destilleren van kwaliteiten helpt je om je de kwaliteiten eigen te maken, zodanig dat je je bewust wordt van wat je te bieden hebt. Zeker als je niet alleen zelf kwaliteiten uit jouw succesverhalen destilleert, maar dat doet samen met een maatje.

Dat leidt tot zelfvertrouwen dat dieper geworteld is dan weten waar je goed in bent.

 

Zelfbewustzijn gaat niet alleen over je bewust zijn van je kwaliteiten, maar ook over het je bewust zijn van je drijfveren en je overtuigingen.

Drijfveren en overtuigingen zitten namelijk lang niet altijd vooraan in jouw kennissysteem over jezelf. Ze bewegen zich voor een deel in jouw onderbewustzijn.

De mate waarin je je letterlijk bewust bent van je drijfveren en je overtuigingen zegt iets over jouw zelfbewustzijn.

Door zelfbewustzijn voorkom je dat je bijvoorbeeld je eigen pech creëert. Ook bij de baanverwerving.

Door je eigen overtuiging of gebrek aan vertrouwen kun je namelijk zelf je eigen pech creëren, eenvoudigweg omdat die jouw handelen vanuit je onderbewustzijn bepalen.

 

 

Zelfvertrouwen en vertrouwen in eigen kunnen als onderdelen van een gezond ego

 

Zelfvertrouwen is niet hetzelfde als vertrouwen in eigen kunnen of zelfeffectiviteit.

Zelfvertrouwen zegt meer in zijn algemeenheid iets over het vertrouwen in jezelf.

Mensen met veel zelfvertrouwen zitten over het algemeen lekker in hun vel, geloven in hun eigen kracht en zijn geneigd om zaken in een positief licht te zien.

 

Vertrouwen in eigen kunnen, kun je zien als een specifiek zelfvertrouwen.

Men noemt het ook wel zelfeffectiviteit.

Het heeft te maken met kennis van en vertrouwen in eigen vaardigheden op een bepaald terrein; het kunnen maken van een adequate inschatting of je als individu de kwaliteiten hebt om een bepaald doel te bereiken.

 

Wil je je vertrouwen in eigen kunnen, dus je zelfeffectiviteit vergroten?

Lees de tips in het artikel dat ik schreef over ‘Hoe je je kans op succes vergroot door je vertrouwen te ontwikkelen’ er nog eens op na.

 

En ben je je zelfvertrouwen een beetje kwijtgeraakt? 

Dan is er alle aanleiding om eraan te werken en het weer op te bouwen.

In een van mijn artikelen kun je lezen waarom.

Ook geef ik je in dat artikel een zevental tips voor meer zelfvertrouwen, waardoor je jouw kansen op de arbeidsmarkt vergroot.

 

 

 

 

En heb je het gevoel dat je focus mist om daarop te kunnen sturen?

Of mis je de drive om het pad in de juiste richting te bewandelen?

Misschien wel omdat het fundament in de vorm van een gezond ego als Counter Balance ontbreekt?

Bel (0575-544588/ 06-54762865) of e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) me gerust om een afspraak te maken voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

De kortste weg naar werk is meestal niet de snelste

Hoe je eerder je doel bereikt als je eerst even pas op de plaats maakt

 

Het zal je maar gebeuren. Als donderslag bij heldere hemel te horen krijgen dat je contract wordt beëindigd.

Ik kan me goed voorstellen dat het kan zijn, dat je helemaal lam geslagen bent, na het ontvangen van zo’n bericht. Alsof je een flinke klap hebt gekregen en het je nog duizelt. Niet in staat om ook maar een stap te zetten.

Sommigen weten na zo’n bericht snel te herstellen. Zijn misschien zelfs geneigd om gelijk over te gaan tot actie. Bijvoorbeeld te speuren naar vacatures.

Beide reacties hoor ik van mijn coachklanten.

Zo vertelde iemand mij dat hij na het slechte nieuws op de vrijdag, in het weekend gelijk zijn zinnen had verzet en zich georiënteerd had op vacatures.

Dat is inderdaad een manier, maar de kortste weg naar werk is meestal niet de snelste. Je bereikt je doel vaak eerder als je eerst even pas op de plaats maakt.

Pas op de plaats in de zin van eerst opruimen en vervolgens structuur en inzicht creëren en een aanpak bepalen. Om van daaruit een nieuwe stap te zetten.

Meer daarover lees je in mijn artikel.

 

De kortste weg naar werk is meestal niet de snelste

 

De kortste weg naar werk

 

Vacatures zoeken en daarop reageren door het schrijven van een brief, kun je zien als de kortste weg naar werk.

Of gelijk recruiters benaderen met de vraag of ze een mooie functie voor je hebben.

Gelijk overgaan tot actie, gelijk afgaan op je doel; het is zo verleidelijk. Misschien zelfs voordat je je cv goed op orde hebt.

Voor mij is dat een voorbeeld van voortijdig je kruit verschieten.

Door gelijk tot deze acties over te gaan mis je waarschijnlijk je doel. Niet alleen voor dat moment, maar ook op de middellange termijn.

Want heb je eenmaal een organisatie of recruiter benaderd voordat je er klaar voor was, dan hoef je niet snel daar nog eens aan te kloppen.

Het is dus de kunst om je in eerste instantie even te beheersen. En dus pas tot dergelijke acties over te gaan, als je er echt klaar voor bent.

 

 

Eerst even parkeren alvorens in te voegen op de weg naar werk

 

Klaar zijn om werk te maken van werk gaat veel verder dan je cv op orde hebben of het kunnen schrijven van een motivatiebrief.

Je moet er ook aan toe zijn om daadwerkelijk stappen te zetten.

Dat heeft om te beginnen niet alleen te maken met motivatie, maar ook met de juiste psychische gesteldheid.

Het is ingrijpend als je contract niet wordt verlengd. Zeker als je na jaren werken voor eenzelfde werkgever, van de ene dag op de andere, op straat komt te staan.

Talloze vragen spelen dan door je hoofd. Dat is heel begrijpelijk.

Vragen waarop je vaak het antwoord niet direct weet, bijvoorbeeld: “In hoeverre had ik dit aan kunnen zien komen?”, “Wat heb ik gemist?”, “Hoe kan het dat mijn functioneren nu als onvoldoende wordt beoordeeld?

Gun jezelf de ruimte om stil te staan bij die vragen en neem de tijd om te komen tot een antwoord.

Soms helpt het om daarvoor nog een keer het gesprek aan te gaan met je oud-leidinggevende, de HR-adviseur of je oud-werkgever. Om in het reine te komen met je eigen verhaal. En je verhaal tegenover anderen te kunnen doen.

Het is dan goed om het werk maken van werk even te parkeren. Pas als je vragen zijn beantwoord en er enige rust en evenwicht is ontstaan, komt er ruimte voor iets nieuws.

Dan is het de tijd om je weg uit te stippelen, in beweging te komen en in te voegen op de weg naar werk.

 

 

Op weg naar werk bereik je je doel vaak eerder als je eerst even een omweggetje maakt

 

Gelijk vacatures zoeken, je inschrijven bij een recruitmentbureau of bureau voor werving en selectie; het lijkt een snelle weg naar je doel.

Maar of dat daadwerkelijk zo is, dat is nog maar zeer de vraag. Op grond van mijn ervaring, denk ik van niet.

 

Aan het succesvol werk maken van werk, gaan namelijk een aantal belangrijke stappen vooraf.

Het is dan ook goed om daarvoor eerst de tijd te nemen, alvorens de eigenlijke weg naar werk op te gaan. Want een goede voorbereiding is meer dan het halve werk.

 

Die voorbereiding heeft alles te maken met het verzamelen en structureren van informatie. Informatie over jezelf en informatie over de arbeidsmarkt.

Maar niet alleen dat.

Een goede voorbereiding heeft ook alles te maken met het bepalen van je strategie. Want een juiste mindset en effectieve methoden zijn cruciaal voor succes

Maak je keuze voor een proactieve strategie. En volg de stappen zoals aangereikt in een van mijn vorige artikelen.

Maak je de daarvoor benodigde vaardigheden eigen. Bijvoorbeeld door eerst een onderzoek te doen met betrekking tot een onderwerp in de hobbysfeer.

 

 

 

Heb je dat omweggetje eenmaal gemaakt, dan kun je goed toegerust en full speed navigeren naar je doel.

Mogelijk passeer je onderweg zelfs auto’s die eerder vertrokken zijn dan jij.

Misschien zitten zij wel vast in de file, terwijl jij lekker door kunt rijden. Rijvaardig als je bent, op de loopbaansnelweg.

 

 

Voel jij je nog niet zo rijvaardig op de loopbaansnelweg?

Heb je het gevoel dat je wel wat ondersteuning kunt gebruiken?

Neem gerust contact met me op.

 

 

Waarom je jezelf niet gevangen moet houden in een gouden kooi

Waarom alleen een goed salaris niet zaligmakend is en hoe je je daarvan los kunt maken  

 

Eigenlijk wil ze al een paar jaar ander werk. Ze is echt toe aan een nieuwe stap. Die stap zou ze graag zetten, maar ze doet het (nog) niet.

Ze voelt zich gevangen in een gouden kooi.

Ze werkt bij een mooi merk en ze krijgt een goed salaris. Dus geen probleem, zou je denken. Toch is dat wel het geval.

Dat mooie salaris is een behoorlijke blok aan haar been. Het beperkt haar om echt stappen te zetten. Zeker omdat zij zich kostwinner voelt.

Een goed salaris lijkt mooi, maar alleen een goed salaris maakt niet gelukkig. Sterker nog, als je ontevreden bent over je werk, dan maakt het in wezen niet uit wat jouw beloning is. Uiteindelijk blijf je dan toch ontevreden.

Die ontevredenheid blijft knagen.

Het is dan de kunst om jezelf op de een of andere manier te bevrijden uit die gouden kooi. Het is goed om je daarbij te realiseren dat jij het zelf bent die jou gevangenhoudt. En dat jijzelf ook degene bent die jou kan doen uitvliegen.

Maar dat gaat meestal niet vanzelf.

Ik geef je een aantal tips.

 

Waarom je jezelf niet gevangen moet houden in een gouden kooi

 

Meer salaris maakt niet gelukkig

 

Geld maakt niet ongelukkig, maar meer salaris maakt niet gelukkig.

Heb je te weinig inkomsten, dan is er alle kans dat je daar ontevreden over bent. Zeker als je nog amper geld overhoudt, als je aan je verplichtingen in de vorm van vaste lasten hebt voldaan.

Die ontevredenheid zal sterker zijn als je ook op basis van onderzoek naar jouw arbeidsmarktwaarde, duidelijk onder de maat betaald wordt.

Ga je in zo’n situatie meer verdienen, dan levert dat op dat moment tevredenheid op. Als je tenminste tevreden bent met het werk dat je doet.

Ben je ontevreden over je werk inhoudelijk, dan maakt het niet veel uit wat jouw beloning is. Ook al krijg je meer salaris, uiteindelijk blijf je dan toch ontevreden over je werk.

 

Beloning is namelijk een dissatisfier. Net als arbeidsomstandigheden, arbeidsverhoudingen en het beleid binnen een organisatie.

Dissatisfiers kunnen een bijdrage leveren aan werkontevredenheid als ze niet vervuld worden. Maar ze leveren niet meer tevredenheid in werk als ze vervuld worden. Eerder een min of meer neutrale toestand, doordat de werkontevredenheid wordt opgeheven.

 

Inhoud van werk is een satisfier.

Andere voorbeelden van satisfiers zijn: jezelf kunnen ontwikkelen en ontplooien, erkenning en waardering krijgen voor je werk, succesvol en creatief zijn, leveren van prestaties en het realiseren van doelen.

Satisfiers kunnen direct bijdragen aan werktevredenheid.

 

In een van mijn vorige artikelen kun je nog eens nalezen waarom alleen een goed salaris niet zaligmakend is.

 

 

Kostwinner of kostwinnaar

 

Is het jou ook wel eens opgevallen dat sommige mensen het hebben over kostwinnaar zijn?

Ik vind dat heel opmerkelijk. En ook wel een beetje hilarisch. Alsof je in een relatie een soort wedstrijd hebt wie het hoogste inkomen heeft. En dus de winnaar is.

Maar volgens onzetaal.nl heeft kostwinner echt niets te maken met het woord winnaar. Ook al komt de vorm kostwinnaar in de praktijk dus weleens voor.

Winnaar is afgeleid van winnen in de betekenis van de overwinning behalen. Het is dus helemaal niet gek als je net als ik die vreemde connotatie, gevoelswaarde hebt bij het woord kostwinnaar.

Kostwinner is afgeleid is van de kost winnen: de kost verdienen.

 

 

Laat je niet gevangenhouden in een gouden kooi

 

Met enige regelmaat hoor ik van mensen dat ze het niet naar hun zin hebben op hun werk, maar dat ze geen stappen naar ander werk durven/ willen zetten.

Onder het mom van:

“Ik wil mijn vaste contract niet laten vallen.”

Of: “Ik wil geen pensioenbreuk.”

Of: “Ik heb nu een goed salaris en de kans dat ik in een andere baan hetzelfde kan verdienen is klein. En we hebben wel een hypotheek en andere vaste lasten die zijn afgestemd op de huidige inkomsten.”

Of: “Ik ben kostwinner en mijn partner werkt als zelfstandige en heeft onzekere inkomsten.”

En zo kan ik nog wel even doorgaan met ja-maar.

 

 

Maar met al die ja-maars ben jijzelf degene die jou gevangenhoudt in jouw gouden kooi.

En als je de deur van die kooi niet opengooit, dan zal ook jouw energie en jouw potentieel gevangen blijven.

 

 

Een aantal tips die je helpen om de deur van jouw gouden kooi open te gooien

 

1. Voorkom dat de deur van de gouden kooi op slot gaat

Gewenning aan het goede leven gaat langzaam en ongemerkt.

De verleiding is dan groot om vast te houden aan wat je bereikt hebt. Of dat nu je positie in de organisatie is, de status die je hebt verworven of het geld dat je hebt verdiend.

Het is dan niet gemakkelijk om uit je comfortzone te stappen en je levensstijl aan te passen.

 

2. Durf je aannames ter discussie te stellen

Ga bijvoorbeeld het gesprek aan met je partner over jullie beider bijdrage aan het gezinsbudget.

Maak een mogelijke wisseling van rol bespreekbaar of een gedeelde verantwoordelijkheid voor het gezinsinkomen. Zodat jij of jouw partner niet als enige een grote financiële last op de schouders draagt.

Wellicht kunnen jullie door principieel onderhandelen komen tot een win-win situatie.

 

3. Bouw aan je ROR; een Roer Omgooi Reserve

Zorg voor een financiële buffer. Zo’n buffer geeft je de vrijheid om radicaal het roer om te gooien, als dat nodig is om je ideale werk te realiseren.

 

4. Maak een financiële planning

In mijn loopbaantrajecten gebruiken we weleens een financial planning sheet, waarin de nodige categorieën al zijn aangegeven.

Per maand en per jaar kun je in kaart brengen wat je nodig hebt voor een overlevingsminimum, een comfortabel leven en een optimale variant.

 

5. Realiseer je wat het meest belangrijk voor je is

Waarschijnlijk is dat iets anders dan je salaris, je pensioen, je status, je vaste contract.

Neem dat mee in je afwegingen.

 

6. Laat je begeleiden door een goede coach

Door goed zelfonderzoek, goed onderzoek naar de behoeften op de arbeidsmarkt en de juiste benadering van die arbeidsmarkt vergroot je aanmerkelijk de kans dat jouw verandering van koers een succes wordt.

Dat wetend en voelend zal je zeker helpen om stappen te zetten en je te bevrijden uit de gouden kooi.

 

 

Kortom

 

Sla je vleugels uit. Neem eigenaarschap van je eigen loopbaan. Neem zelf het stuur in handen.

Ga doen wat je het allerliefste doet, doen waar jij een bijdrage aan wilt leveren. Daar kan geen geld tegenop.

Voldoening krijgen van je werk, ervaren dat je van betekenis bent, uitdagingen aangaan, jezelf ontwikkelen, je energie weer voelen stromen, zelf maken van keuzes, weer aan het roer staan; dat is wat ik je gun.

 

 

 

Heb jij nog geen goed beeld van hoe jouw ideale werk eruitziet? Misschien ook omdat je dat tot nu toe niet toe hebt willen laten?

 

Maak gerust een afspraak met me voor een oriënterend gesprek. Dat kan via deze link.

 

 

 

 

Tips hoe je je impostergevoelens kunt overwinnen

Hoe je kunt voorkomen dat je in je valkuil stapt

 

In hoeverre herken je impostergevoelens bij jezelf?

Voel je je onzeker en denk je dat je anderen een onrealistisch beeld van jezelf voorspiegelt? Dat je je mooier, beter, succesvoller voordoet dan je bent?

Heb je er misschien zoveel last van, dat het je belemmert in je loopbaan?

Dan is het tijd om de koe bij de horens te pakken en voor jezelf een actieplan te maken, hoe je impostergevoelens te overwinnen.

In mijn vorige artikel heb je kunnen lezen dat beschermingsmechanismen tegen onzekerheid je niet gaan helpen. Integendeel, je wordt er alleen maar onzekerder van.

Wil je je onzekerheid aanpakken en je impostergevoelens overwinnen, dan is het belangrijk om je vertrouwen te ontwikkelen en heel kritisch te kijken naar je competenties en wat je daarmee hebt bereikt. En te leren hoe je het imposter syndroom de baas kunt worden.

In mijn artikel geef ik je daarvoor een aantal tips.

 

Tips hoe je je impostergevoelens kunt overwinnen

 

Hoe je je vertrouwen in eigen kunnen kunt vergroten

 

Vertrouwen in eigen kunnen is niet identiek aan zelfvertrouwen. Ook al worden de begrippen ten onrechte volop door elkaar gebruikt.

Zelfvertrouwen zegt meer in zijn algemeenheid iets over het vertrouwen in jezelf.

Vertrouwen in eigen kunnen, zelfeffectiviteit kun je zien als een specifiek zelfvertrouwen. Dat gaat over het kunnen maken van een adequate inschatting of je als individu de kwaliteiten hebt om een bepaald doel te bereiken.

In een van mijn vorige artikelen kun je dat nog eens nalezen.

Met name dat vertrouwen in eigen kunnen is bij mensen die last hebben van impostergevoelens niet groot. Zij zijn voortdurend bang dat ze door de mand vallen en ontmaskerd worden.

 

Wil je concrete tips om je kans op succes te vergroten door je vertrouwen te ontwikkelen? Klik dan hier.

 

 

Hoe je ingaat tegen innerlijke twijfel

 

Het imposter syndroom manifesteert zich met name als stemmetje in je hoofd. Dat zegt bijvoorbeeld “Je bent echt niet zo goed als je zelf denkt.” Of “Wanneer zullen ze het ontdekken?”

Heb je veel last van impostergevoelens, dan ben je er waarschijnlijk heel goed in om ‘jezelf de grond in te boren’. En kun je naar je eigen kritische oordeel maar weinig ‘goed’ doen.

Is je Innerlijke Criticus heel sterk aanwezig, dan kijkt en luistert hij voortdurend mee en geeft kritisch commentaar op alles wat je denkt, doet of had moeten doen.

Wil je je onzekerheid aanpakken en je impostergevoelens overwinnen, dan is het belangrijk om het stemmetje of misschien wel de stemmetjes in je hoofd te herkennen.

En vervolgens bijvoorbeeld die Innerlijke Criticus te negeren, van repliek te dienen of de mond te snoeren.

Heb je veel last van stemmetjes in je hoofd en wil je die leren hanteren? Lees het boekje ‘Ik (k)en mijn ikken’ er eens op na.

 

 

Hoe je te hard werken voorkomt

 

Je persoonlijke missie scherp hebben en op basis daarvan prioriteiten stellen is dé manier om te hard werken te voorkomen.

Met regelmaat spreek ik klanten die worstelen met de balans tussen hun werk en hun privéleven.

Vaak heeft die problematiek te maken met te hard werken in hun werk. Soms ook wel met privé te veel hooi op hun vork nemen.

Je bewust worden van je levensrichting en van wat er voor jou werkelijk toe doet, helpt je om keuzes te maken en te gaan voor wat werkelijk belangrijk voor je is, jouw persoonlijke missie.

Heb je je persoonlijke missie scherp, dan helpt dat om je prioriteiten te stellen en daar in je timemanagement rekening mee te houden.

Heb je je persoonlijke missie nog niet zo scherp? Ga dan aan het werk om je missie helder te krijgen.

 

 

Hoe je je successen toe-eigent

 

Mensen die veel last hebben van impostergevoelens zijn geneigd om hun successen toe te schrijven aan externe factoren. Vaak onterecht.

Misschien heb je dat gelezen in mijn vorige artikel.

Graag deel ik met je een tip van een van mijn netwerkcontacten. Als promovendicoach begeleidt zij promovendi op verschillende vlakken. Vaak is het belangrijkste onderdeel, hoe om te gaan met onzekerheid over je eigen prestaties.

Haar tip met betrekking tot het je toe-eigenen van successen:

Houd een poosje bij hoe je van tevoren tegen een bepaalde taak aankeek en hoe het uiteindelijk verlopen is.

  • Wat verwachtte je van jezelf?
  • Is die verwachting uitgekomen?
  • Als je succesvol bent geweest, waar lag dat dan aan?
  • Schrijf op wat je denkt en toets die gedachte vervolgens. Had je echt puur geluk? Was het inderdaad toeval? Of heb je zelf dingen gedaan die tot het resultaat hebben geleid?

 

 

Hoe je ervoor zorgt dat je goed in vorm komt en blijft

 

Het imposter syndroom de baas worden, wordt moeilijk als je niet fit bent. Wil je je impostergevoelens overwinnen, dan is het belangrijk dat je ervoor zorgt dat je letterlijk goed in je vel zit.

Vreneli Stadelmaier noemt in haar boek vier tips:

  1. Train je hersens, bijvoorbeeld met meditatie, mindfulness of yoga.
  2. Ga sporten. Dat is goed voor je zelfvertrouwen. Bovendien worden door sporten dopamine en serotonine aangemaakt en die stoffen zorgen ervoor dat je je gelukkiger voelt en minder gaat piekeren.
  3. Eet gezond en zorg voor voldoende slaap.
  4. Maak tijd voor vrienden/vriendinnen. En niet alleen voor de gezelligheid. Kennelijk maak je door ‘het leven’ met vrienden of vriendinnen te bespreken oxytocine aan. Die stof vergroot je geluksgevoel en vermindert je zorgelijkheid.

 

 

Overwinnen van impostergevoelens doe je niet zomaar even

Het imposter syndroom is hardnekkig.

Ik zie dat soms ook bij coachklanten. Het is iets dat je in de loop van jaren hebt opgebouwd. Dat heb je niet zomaar weer afgebroken.

 

Zoals uit mijn tips blijkt, is er ook geen rechtlijnige oplossing voor het syndroom.

Daarvoor spelen te veel factoren een rol bij het in stand houden van het syndroom.

Ik schat in dat het je al veel ruimte geeft, als je op onderdelen winst weet te behalen. Zodat je minder of geen echte last meer hebt van je impostergevoelens.

 

Wil je je impostergevoelens overwinnen?

Zorg dan voor een buddy. Of laat je begeleiden door een goede coach.

 

 

Heb je zelf ervaring met het overwinnen van impostergevoelens? Als buddy, coach of als iemand die zelf last heeft gehad van die gevoelens?

En wil je die ervaring delen?

Ik lees het graag.