Bedrijven gaan steeds minder waarde hechten aan cv’s

Heb jij nog een visitekaartje van je werk?

Zo’n kaartje waarop je functie vermeld staat?

Hoe vaak gebruik je dat nog?

 

Of heb je als zelfstandig ondernemer mooie visitekaartjes laten ontwerpen? En heb je daarvoor misschien flink in de buidel getast?

Je visitekaartje laten ontwerpen’; een van de beginnersfouten van online dienstverleners. Volgens Kitty Kilian van de Blogacademie.

Online dienstverleners hoeven volgens haar niet naar netwerkborrels. Visitekaartjes zijn dus nergens voor nodig. Iedereen kan je vinden op LinkedIn.

En gelijk heeft ze. Het is zonde van je geld om erin te investeren. Dat geldt overigens niet alleen voor online dienstverleners.

 

In mijn trainingen en trajecten gebruik ik mijn visitekaartje nog wel. Maar dan om toe te lichten waarom we witte kaartjes ter grootte van visitekaartjes gebruiken.

Op die kaartjes schrijven we kwaliteiten. Kwaliteiten, die we destilleren uit succesverhalen.

 

Bedrijven gaan steeds minder waarde hechten aan cv’s

Het is toch veel mooier om je te presenteren met je kwaliteiten dan met een visitekaartje met daarop je functienaam?

Want wat zegt jouw functienaam over wat jij een werkgever of opdrachtgever te bieden hebt?

Over het algemeen heel weinig.

 

Over visitekaartjes gesproken; ook een gevolgde opleiding kun je als een visitekaartje zien. Tenminste, veel mensen zien dat zo.

Wat dat betreft is me tijdens praktijkdagen voor studenten HBO-psychologie vaak gevraagd wat het diploma waard is op de arbeidsmarkt.

Daar is geen eenduidig antwoord op te geven.

Belangrijk is welke kwaliteiten, welke competenties jij verworven hebt door het volgen en succesvol afronden van die opleiding.

Dus wie jij door die opleiding geworden bent als persoon en als professional.

 

Wat dat betreft vind ik het mooi dat er op de arbeidsmarkt een trend zichtbaar is, dat het cv minder belangrijk wordt. Want ook je cv is een soort visitekaartje, waarmee je je presenteert.

Een recruiter zei onlangs daarover: “Ik denk dat bedrijven steeds minder waarde gaan hechten aan cv’s en kandidaten steeds minder aan vacatureteksten. Het wordt in schaarse arbeidsmarkten belangrijker dat kandidaat en organisatie gaan aftasten wat ze voor elkaar kunnen betekenen. In welke contractvorm dan ook”. 

 

Dat is een kolfje naar mijn hand. Het sluit naadloos aan bij mijn visie en mijn aanpak.

Als baanzoeker stel je je niet afhankelijk op van vacatures, een recruiter of een werving- en selectiebureau.

Jij gaat als een ondernemer te werk.

Dat betekent dat je een goed beeld hebt van wat je te bieden hebt en van het product of de dienst die jij in de markt wilt zetten.

Jij doet je onderzoek naar de behoeften op de arbeidsmarkt.

En maakt een koppeling tussen wat jij te bieden hebt en wat een potentiële opdrachtgever of werkgever nodig heeft.

 

Met mijn aanpak heb je eigenlijk ook geen cv nodig.

Op basis van gevoerde gesprekken werk jij voor een potentiële werk- of opdrachtgever een voorstel uit.

Een voorstel waarin je beschrijft hoe jij van betekenis kunt zijn voor het oplossen van problemen waarvoor de werkgever zich geplaatst ziet of voor ontwikkelingen die in de organisatie of het werkveld gaande zijn.

 

Gebruik je cv in elk geval niet als binnenkomer in een organisatie. Verstop jezelf niet achter je cv.

Zet je cv ook niet uit in je netwerk. Zie mensen uit je netwerk als deuropeners om bij organisaties binnen te komen.

Zodat je als persoon een organisatie binnenkomt en gesprekken aan kunt gaan.

 

 

Zit je voor je gevoel nog vast aan het oude denken?

Ben je geneigd om te zoeken naar vacatures? Te kijken of je daarin past, in plaats van dat je jezelf als uitgangspunt neemt?

Denk je dat je het moet hebben van je cv? Ben je geneigd om wat ik noem ‘te leuren met je cv’?

Wees voorbereid op de toekomst van werk. Neem zelf de regie.

Start daarmee en maak een afspraak voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

 

Als je je profileert als azijnpisser, dan maak je weinig kans

In een van mijn vorige berichten vertelde ik je dat ik vijftien jaar in Tilburg heb gewoond.

Alhoewel het Tilburgse carnaval mij als Limburgse niet zo aansprak, ging het niet langs me heen.

Tijdens carnaval noemen de Tilburgers zich Kruikezeikers of Kruiken en de stad wordt dan Kruikestad genoemd.

Tilburg was vroeger een textielstad. Met name een ‘wolstad’.

Het verhaal gaat dat urine gebruikt werd om de wol te wassen. De inwoners spaarden urine in kruiken. Deze werd opgekocht om later gebruikt te worden om de wol te wassen.

De wol kon met urine worden ontvet door de hoeveel ammoniak, die erin zit.

Het verhaal wordt vaak verteld en het is terug te vinden op afbeeldingen, bijvoorbeeld in het Textielmuseum. Dus waarschijnlijk is het echt wel waar.

Urine werd overigens ook gebruikt bij het verven van de wol. Of ‘het laken’ of ‘vollen’, zoals men het toentertijd noemde.

Dat ‘vollen’ was handwerk. Of het gebeurde in een volmolen; een machine op waterkracht, waarmee wol vervilt werd door met houten hamers in een bak op de natte wol te slaan.

Als hulpmiddelen werden vette klei, urine, zeep en water gebruikt.

Door het gebruik van urine was de stank rond zo’n volmolen vaak niet te harden. Een dergelijke molen werd daarom meestal buiten het dorp gebouwd.

 

Tilburg als textielstad sloot aan bij een van mijn hobby’s, het werken met wol.

In de zeventiger jaren heb ik heel wat vachten weggesponnen en kilo’s wol geverfd met allerlei natuurlijke materialen. Om er vervolgens op mijn Glimakra weefgetouw, bijvoorbeeld mooie stoffen voor jasjes van te weven.

Weeftechnieken leerde ik van een technisch professional van het Textielmuseum.

 

Als je je profileert als azijnpisser, dan maak je weinig kans

Kruikezeikers hebben wel iets gemeen met azijnpissers. Dat snap je wel.

Alhoewel, ik denk dat je beter met een Kruikezeiker te maken kunt hebben dan met een azijnpisser.

 

Want samenwerken, mogelijk ook samenleven, met een azijnpisser is geen feest.

Een azijnpisser is, het woord zegt het al, een zuur, chagrijnig, sikkeneurig persoon.

Wat afgezwakt, een mopperkont. En in keurig Nederlands, een kniesoor. Maar dat klinkt voor mij wel heel Hollands.

 

Misschien ken jij zo iemand ook wel. Heb je er zelfs een heel helder beeld van. Word je er al moe van, als je eraan denkt.

Het zijn mensen die geneigd zijn hun wereld te bezien door een donkere bril. Bijvoorbeeld hun werk. En algauw allerlei negativiteit spuien.

Het is goed om van tijd tot tijd je hart te luchten, in plaats van er een moordkuil van te maken. Maar realiseer je wat het met je omgeving doet.

 

Zo hoort een potentiële werkgever niet graag allerlei negatieve uitlatingen over jouw vorige werk of jouw vorige werkgever.

Ook al wil je misschien zelf op die manier beargumenteren waarom je de overstap naar ander werk wilt maken.

Maar pas op en stap niet in die valkuil.

Bij een potentiële werkgever kun je door jouw negatieve uitlatingen alarmbellen doen rinkelen.

Want wie weet, hoe jij je straks over hem uitlaat? Als het je bij hem niet bevalt?

 

Bovendien roep je met je negatieve uitlatingen mogelijk ook nog andere vragen op.

Zeker als je ondanks het feit dat je niet blij bent met je werk, daar toch enkele jaren bent blijven zitten.

Je hebt dan in elk geval iets uit te leggen.

Want als het werk je al langer niet bevalt, waarom heb je dan niet eerder werk gemaakt van ander werk?

 

Kortom: als je je profileert als azijnpisser, dan maak je weinig kans op een mooie nieuwe baan.

Wil je werk maken van ander werk, omdat je het niet meer naar je zin hebt in je huidige werk?

Kies voor een positieve insteek.

 

Zo werkte ik onlangs met een coachklant, in het kader van het gesubsidieerde ontwikkeladviestraject voor 45-plussers, aan de omschrijving van het werk dat hij wil doen.

Daarbij kwamen mooie omschrijvingen naar voren als afgeleide van zijn missie met betrekking tot werk.

Verder richtinggevende items in de zin van activiteiten en taken waarmee hij zich bezig wil houden, favoriete rollen, verantwoordelijkheden en werkvelden.

 

Al met al leverde de exercitie mooie input op voor het schrijven van een overtuigende en bovenal positief gefundeerde motivatiebrief.

Totaal iets anders dan de negatief getinte brief waarmee hij zijn overstap naar een ander werkveld had willen beargumenteren.

Die laatste brief kon in de digitale prullenbak. Positief werk aan de winkel!

 

 

Ben je totaal uitgekeken op het werk dat je nu doet?

Of wil je anderszins weer een positieve slinger geven aan je huidige werk?

Maak een afspraak met me voor een oriënterend gesprek via deze link.

Graag maak ik samen met jou werk van mooi werk.

 

 

 

 

 

Door drie simpele vragen komt de aap uit de mouw

Ik hoor het mijn moeder nog zeggen: “Daar komt de aap uit de mouw”.

Maar dan op zijn Limburgs uitgesproken. Dat klinkt ongeveer als “Dao kumtj de aap oet de moe.”

 

Wist je dat die uitdrukking letterlijk teruggaat op een aap die in een mouw zat? Kennelijk verstopten sommige kunstenmakers vroeger namelijk een aap in hun mouw die op een bepaald moment onverwachts tevoorschijn moest komen.

Maar of het letterlijk om een aap gaat? Ik denk van niet.

Volgens F.A. Stoett is er mogelijk een andere verklaring voor de herkomst: “Met aap wordt ‘apen-aard’ bedoeld (oftewel: ‘kwajongensachtig karakter’). En met in de mouw houden ‘verbergen’. Als de aap dan uit de mouw kwam, kwam iemands ware aard naar voren”.

Ik kan het mijn moeder niet meer vragen, maar ik vermoed dat de laatste betekenis door haar werd bedoeld.

 

Door drie simpele vragen komt de aap uit de mouw

 

In een gesprek met een van mijn coachklanten in het kader van het gesubsidieerde ontwikkeladviestraject voor 45-plussers kwam ook de aap uit de mouw.

En dat naar aanleiding van drie simpele vragen over zijn cv.

Het is een techniek die ik geleerd heb van selecteurs. Ik vind het een mooie techniek, omdat je met die manier van interviewen binnen een paar minuten wezenlijke informatie over een kandidaat kunt vergaren.

En die informatie kan positief of negatief zijn voor betreffende persoon.

 

Bij de techniek doorloop je met iemand chronologisch de werkervaring op het cv. Bij elke baan stel je onderstaande 3 vragen, zonder op antwoorden door te vragen:

  1. Hoe ben je aan die baan gekomen?
  2. Wat sprak je aan in die baan, voordat je daadwerkelijk begon?
  3. Waarom ging je weg?

De vragen lijken heel feitelijk, maar in je antwoorden laat je veel van jezelf zien. En als selecteur maak je jouw eigen interpretaties.

 

Ik laat je zien hoe de drie vragen kunnen werken:

 

  1. Hoe ben je aan die baan gekomen?

Was dat via een vacaturesite? Of via een banenmarkt?

Voor een selecteur is dat voor eerste banen kennelijk heel acceptabel. Maar als je die strategie blijft volgen, ook later in je loopbaan, dan roept dat mogelijk vragen op.

Een selecteur kan zich afvragen of jij als kandidaat wel weet wat je wilt qua werk en waar je zou willen werken. Door de strategie die je volgt stel je je immers afhankelijk op van de mogelijkheden die zich voordoen, in plaats van dat je zelf proactief op zoek gaat naar wat jij wilt.

Kennelijk verwacht een selecteur dat je op een gegeven moment in je loopbaan, ergens op aanbeveling binnenkomt. Hij gaat er dan van uit, dat je dan zoveel vertrouwen hebt opgebouwd of een zodanig competentieniveau hebt ontwikkeld, dat iemand je aanbeveelt bij een organisatie.

 

  1. Wat sprak je aan in de baan voordat je daadwerkelijk begon?

Selecteurs verwachten dat je gaande je loopbaan je keuze voor een baan specifieker moet kunnen benoemen dan grote uitdaging, kans om meer te leren over het werkveld of volgende stap in mijn carrière.

Goede werknemers werken in hun ogen niet hard voor een mooie titel of een geweldig salaris. Zij werken hard omdat ze hun werkomgeving waarderen en omdat zij houden van wat zij doen.

 

  1. Waarom ging je weg?

Soms gaan mensen weg voor een betere kans. Soms gaan ze weg voor een beter salaris. Vaak ook gaan mensen weg omdat een werkgever te hoge eisen stelt of te veel vraagt. Of de werknemer kan niet goed overweg met zijn of haar leidinggevende of collega’s.

Jouw antwoord op de vraag ‘Waarom ging je weg?’ brengt informatie aan het licht met betrekking tot jouw relatie met het management of eventuele wrijvingen met andere medewerkers of met het nemen van verantwoordelijkheid.

Issues die je, als ze jou die vraag niet gesteld hadden, wellicht niet zo gemakkelijk had gedeeld.

 

Dat laatste gold ook voor mijn coachklant.

Maar door bij elke werkervaring in zijn cv steeds dezelfde drie vragen te moeten beantwoorden, kon hij er moeilijk omheen.

De aap kwam uit de mouw.

Ik hoefde mijn interpretatie niet te geven. Zijn eigen inzicht sprak boekdelen.

Het werd pijnlijk duidelijk dat steeds weer zijn contract niet werd verlengd. Met name omdat hij onvoldoende presteerde.

Kennelijk heeft hij steeds een vlot verhaal, maar maakt verwachtingen niet voldoende waar.

 

Over een en ander doorpratend, leek het ons verstandig om nu niet verder te mijmeren over andere functies. Maar eerst werk te maken van zijn huidige baan.

Dat is een mooie functie en hij heeft alle vrijheid om mooie resultaten te gaan boeken.

Hij gaat daarvoor een plan uitwerken en dat presenteren in het managementteam waarvan hij deel uitmaakt.

 

 

 

Loop jij vast in je huidige werk en kun je de vinger er niet achter krijgen waar het aan schort?

Maak gerust een afspraak met me voor een oriënterend gesprek. Dat kan via deze link.

 

 

 

 

 

“Van 1 op de 3 nieuwe medewerkers hebben we spijt”

Ik ben niet zo goed in online shoppen. Tenminste, als het producten betreft die ik niet eerder in handen heb gehad.

Boeken daargelaten, want die bestel ik zo ongeveer blindelings. Zeker als een titel me aanbevolen is of als ik er lovende recensies over gelezen heb.

Maar bijvoorbeeld kleding is voor mij heel andere stuff. Ik wil graag zien en voelen hoe iets eruitziet om te beoordelen of het is wat ik hebben wil. En hoe de kledingstukken met mij matchen.

Aan een beschrijving of een foto heb ik dan meestal niet voldoende. En ook al word ik door mijn man gestimuleerd om online te bestellen, wetend dat ik het terug kan sturen als het niet bevalt, dan nog voel ik aarzeling.

 

“Van 1 op de 3 nieuwe medewerkers hebben we spijt”

 

Zoals ik moeite heb met online shoppen, zo blijkt dat het voor werkgevers lang niet altijd gemakkelijk is om de juiste nieuwe medewerkers aan te nemen.

Ik begrijp dat heel goed. Want over het algemeen heb je als werkgever of als selecteur maar beperkte informatie over kandidaten. En op basis van die beperkte informatie moet je keuzes maken.

En die keuze kan anders uitpakken dan je had gedacht.

 

“Van 1 op de 3 nieuwe medewerkers hebben we spijt”.

Als je als werkgever binnen een jaar zegt dat je iemand niet opnieuw zou aannemen, dan is er volgens mij iets goed mis. In de wereld van recruitment heeft men het dan terecht over een mis-hire of bad-hire.

Zeker als je de kosten die daarmee gemoeid zijn, in aanmerking neemt.

Kennelijk kunnen alle technieken die men inzet om het selectieproces te verbeteren, zoals assessments en Artificial Intelligence daar nog weinig verandering in brengen.

 

Niet alleen door de wervende partij worden verkeerde inschattingen gemaakt. Ook de kandidaat zelf, de nieuwe medewerker kan bij de start in de nieuwe baan een verkeerd beeld hebben van de organisatie en de functie.

Vaak door onvoldoende informatie; informatie over zichzelf, over de functie en de organisatiecultuur.

Deels is die informatie objectief, feitelijk te omschrijven. Deels is het ook een kwestie van gevoel. Je moet het ervaren om echt de inschatting te kunnen maken of een functie en een organisatie bij jou passen.

Daarom is het ook belangrijk om voorafgaande aan een selectiegesprek met een potentiële nieuwe werkgever goed je onderzoek te doen. Zodat je niet, er eenmaal werkend, voor verrassingen komt te staan.

 

Wist je dat 18% van de nieuwe medewerkers binnen 6 maanden weer vertrokken is? Dat er dus kennelijk in 18% van de gevallen ook iets misgaat bij een nieuwe medewerker?

 

Van een mismatch was heel duidelijk sprake bij een van mijn coachklanten. Zomer 2018 was ze vol goede moed begonnen in een nieuwe baan.

In november had ik een oriënterend gesprek met haar.

Voor haar gevoel paste de nieuwe functie totaal niet. Ze voelde zich als een handhaver, een soort politieagent. En dat was een rol die totaal niet bij haar past.

Hetzelfde gold voor de werkomgeving. In haar ogen een typische mannencultuur met weinig mensen waar ze op haar niveau mee kon sparren.

Bovendien was er ook nog eens erg veel dynamiek in de organisatie. In haar korte diensttijd had ze al te maken met de derde Algemeen Directeur en haar tweede leidinggevende.

 

Ik vind het dapper als je in zo’n situatie het heft in eigen hand durft te nemen, zelf de regie durft te pakken. En in goed overleg met je werkgever weet te komen tot een vaststellingsovereenkomst en beëindiging van je contract.

Wij zijn samen een individueel coachtraject aangegaan. Eind maart hebben we dat coachtraject afgerond en per 1 juni is ze gestart in een supermooie nieuwe baan.

 

 

 

Zit jij niet lekker in je vel in je huidige werk? Ben je jouw huidige werk ontgroeid of heb je jouw werk mogelijk anders ingeschat dan het in werkelijkheid is?

Wil jij de zomerperiode gebruiken om nu écht werk te maken van ander werk?

Een individueel coachtraject kun je op elk moment starten. Bovendien is een individueel traject altijd maatwerk. In een intakegesprek bepalen we waarop jij wilt focussen.

Heb je interesse in zo’n individueel loopbaantraject?

Stuur even een reply op deze e-mail. Als mentor en coach ga ik graag met je op pad.

Of plan direct een afspraak in voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

 

“Ze hebben mijn vak afgeschaft”.

Het zal je maar gebeuren.

Guus Martens, een van mijn oud-collega’s van de Academie Mens en Arbeid in Tilburg overkwam het. Overigens twee decennia geleden al.

Toch zie ik nog heel helder voor me hoe hij mij erover aansprak.

Het was een paar jaar na mijn vertrek uit Tilburg. Voor het afscheid van een van mijn oud-collega’s, was ik weer in het Brabantse. Niet in Tilburg, maar in de Verkadefabriek in Den Bosch.

 

“Ze hebben mijn vak afgeschaft”.

© foto: Angeline Swinkels

 

De Verkadefabriek is voor mij, net als de panden in de Spoorzone in Tilburg, een prachtig voorbeeld van hergebruik van een industrieel pand.

 

Ze hebben mijn vak afgeschaft”, zei Guus. “Kun je je dat voorstellen?”.

Beroepenkunde was zijn vak. Het was een van de kernvakken van de AMA. Net als kennis van opleidingen. Een vak, ook gegeven door Guus.

Jaarlijks verscheen er een nieuwe, aangepaste versie van zijn ‘Nieuwe Gids voor School en Beroep’. In het werkveld bekend als de ‘Martensgids’. Voor sommige studenten niet alleen bekend, maar misschien ook wel berucht.

Het was zweten voor zijn tentamens. Bij die tentamens mocht je de ‘Martensgids’ gebruiken bij het uitwerken van casuïstiek. Maar onder druk van de tentamentijd moest je haarscherp uit kunnen ‘tekenen’ via welke opleidingswegen iemand zich kon kwalificeren voor bepaalde functies.

 

Ikzelf heb volop mogen genieten van de vakken van Guus. Want naast mijn docentschap aan de AMA volgde ik met een eigen opleidingsplaatje de deeltijdopleiding.

Toentertijd was het de bedoeling dat je alle beroepenkennis paraat had. Dat kun je je nu bijna niet meer voorstellen.

De Beroepengids heb ik nog steeds in mijn kast staan. De gids herinnert me aan een tijd dat het allemaal totaal anders was.

 

Steeds meer beroepen zijn in de loop der jaren verdwenen. Overigens ook het scherpomlijnde begrip ‘beroep’.

 

Waar op de arbeidsmarkt beroepen steeds meer plaats maakten voor functies, maakte op de AMA het vak Beroepenkunde plaats voor Functieanalyse.

Functies zijn veel minder afgebakend dan beroepen. En zoals jij weet, kunnen aan functies diverse functienamen hangen.

Heb je een helder beeld van de functie die je uit wilt oefenen? Dan is het zaak om te achterhalen welke functienamen gangbaar zijn voor het werk dat je wilt doen.

En zoals aan een specifieke functie diverse functienamen kunnen hangen, zo zegt een functienaam maar ten dele iets over de functie-inhoud.

Het is dan ook belangrijk om je goed te verdiepen in een omschrijving van een functie. Want mogelijk wordt er inhoudelijk iets heel anders onder een bepaalde functienaam verstaan, dan jij zelf hebt bedacht.

 

Maar met de ontwikkeling van beroepen naar functies zijn we er nog niet. Ook functies verdwijnen steeds meer naar de achtergrond.

In toenemende mate komen rollen meer in the picture. En afhankelijk van bijvoorbeeld een project en de fase daarin, worden rollen toebedeeld aan hen die een bepaalde rol het beste past.

Of, denkend vanuit mijn visie, doe jij als werkende een voorstel in welke rol en op welke manier jij voor jouw organisatie van betekenis kunt zijn.

 

 

Een slimme professional is op zijn toekomst qua werk voorbereid.

 

Volg de ontwikkelingen in jouw vakgebied. In sommige vakgebieden gaan die razendsnel.

Hetzelfde geldt voor de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt. Zorg dat je zicht hebt op waar mensen zoals jij nodig zijn. Men misschien zelfs zit te springen om mensen zoals jij.

 

Maar met alleen ‘naar buiten kijken’ ben je er nog niet. Ga ook het gesprek aan met jezelf, de interne dialoog. Heb oog voor jouw ontwikkelingen als persoon en als professional. Want mogelijk past het werk dat je nu doet, jou over een jaar of drie, vier niet meer.

 

Reageer alert op signalen en stuur tijdig bij. Dan voorkom je dat je als donderslag bij heldere hemel overvallen wordt door een negatief bericht.

Misschien niet zozeer dat jouw vak wordt afgeschaft, maar dat je functie komt te vervallen. Om wat voor reden dan ook.

 

 

In een individueel coachtraject leer je hoe je zelf de regie kunt pakken in je loopbaan. Onafhankelijk van vacatures, recruiters, uitzend- of werving- en selectiebureaus.

Op basis van een helder beeld van wat jij te bieden hebt, de bijdrage die jij wilt leveren en de behoeften op de arbeidsmarkt, kom jij tot een koppeling die past.

Je kunt vrijelijk meebewegen met de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt en de ontwikkeling in jezelf als persoon en als professional.

Zodat jij het spel op de arbeidsmarkt vrolijk mee kunt spelen en kunt groeien, bloeien en excelleren in het werk dat je doet.

 

Heb je interesse in een individueel loopbaantraject?

Stuur even een reply op deze e-mail. Als mentor en coach ga ik graag met je op pad.

Of plan direct een afspraak in voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

 

Dichter bij de Hemel kom je nooit

Onlangs was ik een dagje met mijn zus op stap. Van tijd tot tijd gunnen we ons dat.

Ik wilde graag weer een keer naar Tilburg. Daar zijn voor mij bijzondere ontwikkelingen gaande. Met name in de Spoorzone, ooit de werkplaats van de Nederlandse Spoorwegen.

Vijftien jaar heb ik in Tilburg gewoond. Toentertijd was de Spoorzone een plek waar je niet kwam. Het was een beetje een gribus. Daar had je niets te zoeken.

Maar nu? Er rondbanjeren is voor mij een feest. Het geeft me energie, het geeft me inspiratie, ik word er helemaal blij van. Zeker als er ook nog een zonnetje schijnt.

Ik ben gek op industriële panden. Vooral als die een nieuwe bestemming krijgen, waarbij de rauwheid gehandhaafd blijft. Want als het allemaal te netjes en te gelikt wordt, dan is voor mij de schoonheid er weer af.

 

Oude zooi kun je platgooien en er iets nieuws voor in de plaats zetten, maar je kunt er ook eens met andere ogen naar kijken. En wie weet wat je dan ontdekt.

Dat geldt niet alleen voor gebouwen, maar ook voor jouw loopbaan.

Misschien denk je dat jouw verleden qua opleiding en werk voor nu weinig betekenis heeft. Dat het geen aanknopingspunten biedt voor een volgende stap. Zeker als je het gevoel hebt dat je een andere richting in wilt slaan.

Maar wie weet. Als je echt op onderzoek uitgaat en met andere ogen gaat kijken naar het werk dat je tot nu hebt gedaan, dan kan het verrassend zijn wat er boven komt drijven.

Laat je voor het schatgraven inspireren door de oefeningen die ik je aanreikte in mijn vorige artikel.

 

En heb je eenmaal het voor jou bijzondere blootgelegd, denk daar dan eens creatief op door. Dan kunnen er mooie dingen ontstaan.

Net als in de Spoorzone.

Ik vind het bijzonder en ook wel grappig om te zien wat je er allemaal tegenkomt. En dat nu al, terwijl het hele project pas in 2030 klaar is.

Voor elk is er wat wils. Je kunt het zo gek niet bedenken; een theater, een ontdekstation voor kinderen, een Hall of Fame met een Ladybird Skatepark, een brouwerij, een smederij waar nu allerlei feesten gegeven worden.

Zo kan ik nog wel even doorgaan. Alom plekken om elkaar te ontmoeten, samen te werken, te vieren, te ontdekken en te genieten.

 

Je hoeft dus lang niet altijd de boel plat te gooien om weer iets nieuws te bouwen. Op zijn minst kun je de oude fundamenten gebruiken. Daarop kan dan weer iets moois verrijzen.

 

Het is de kunst om aan te sluiten bij het moois dat het oude jou te bieden heeft. Daarop nieuw licht te laten schijnen. Waardoor de pareltjes zichtbaar worden. En dan daarop voort te bouwen.

 

In het Tilburgse heeft men de werkplaats van de Spoorwegen aangeboord als bron voor mooie stedenbouwkundige ontwikkeling.

Zo kun jij jouw eigen bron aanboren voor jouw ontwikkeling.

En wie weet, al schatgravend in jouw verleden als persoon en professional, kom je misschien Dichter bij de Hemel dan ooit.

 

Dichter bij de Hemel kom je nooit

Wil jij nu écht werk te maken van ander werk? Maar weet je niet waar te beginnen? En heb je behoefte aan een expert en mentor die samen met jou op ontdekkingstocht gaat?

Een individueel coachtraject kun je op elk moment starten. Bovendien is een individueel traject altijd maatwerk. In een intakegesprek bepalen we waarop jij wilt focussen.

Neem gerust contact met me op via e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) of via telefoon (0575-544588/06-54762865)