Een relatiekeuze laat je ook niet afhangen van een test

“Ik ben op zoek naar wat echt bij me past. Waar ik niet uitgeput van thuis kom en waar ik echt plezier aan beleef.

Wat wil ik? En waar wil ik dat?”

 

Dat zijn vragen waar hij een antwoord op wil.

Hij weet van zichzelf dat hij makkelijk beïnvloedbaar is door anderen. En dat ook heeft laten gebeuren.

Zo wilde hij na het Voortgezet Onderwijs graag een jaar naar Amerika om zijn Engels te verbeteren. En vervolgens naar de Hotelschool te gaan.

Zijn ouders stonden daar helaas niet achter. Hij paste zich aan en ging op zoek naar een alternatief.

Nu wil hij graag eigen keuzes maken. Zelf de regie hebben over zijn keuzes en zijn eigen leven.

 

 

Zijn vraag is of ik testen heb, op grond waarvan hij antwoorden krijgt op zijn vragen.

Maar wil je zoiets belangrijks als een loopbaankeuze af laten hangen van een test?

 

Een relatiekeuze laat je ook niet afhangen van een test

 

Vergelijk een loopbaankeuze eens met een keuze voor een partner. Die laat je toch ook niet afhangen van een test?

Integendeel.

Je wilt de dialoog aangaan met de persoon zelf. Je wilt samen ervaringen opdoen.

Daarbij stap voor stap ervaren, zowel met je gevoel als je verstand, of jullie bij elkaar passen.

En dat is heel wijs.

 

Mogelijk dat je in tweede instantie jouw ervaringen gaat delen met anderen.

Met anderen erover praten om voor jezelf helder te krijgen of die persoon echt bij je past.

 

 

Bij loopbaankeuzes zou het niet anders moeten zijn.

Of het nu gaat om een eerste keuze, een vervolgstap in dezelfde richting of een loopbaanswitch.

Laat een loopbaankeuze, net als een relatiekeuze niet afhangen van de resultaten van een test.

Ook al ben je, net als mijn coachklant, misschien daartoe geneigd.

 

 

Heb je een loopbaanvraag, dan lijkt een test een makkelijke oplossing om tot een antwoord te komen.

Maar of je een antwoord krijgt waar jij uiteindelijk gelukkig van wordt?

Dat betwijfel ik.

 

 

Net als bij partnerkeuze zal je de dialoog aan moeten gaan. In eerste instantie met jezelf. In tweede instantie met anderen.

Zeker als je, net als mijn coachklant, zelf de regie wilt hebben over jouw leven en dus de keuzes die je maakt.

 

 

Wil je zelf invloed hebben op je loopbaan en jouw leven?

Ontwikkel loopbaancompetenties, zodat je competent bent om jouw keuzes te maken.

Want maak je zelf geen keuzes, dan worden ze heel makkelijk door anderen voor je gemaakt.

 

In mijn programma Bouw je ideale loopbaan maak je je die loopbaancompetenties eigen.

Zodat je zelf kunt sturen in jouw loopbaan en elk moment de keuzes kunt maken die passen bij jou, als persoon en als professional.

 

Waar moet je dan concreet aan denken?

Geïnspireerd door een college van Marinka Kuipers, loopbaanwetenschapper aan de Open Universiteit, noem ik 5 loopbaancompetenties:

 

  1. Kwaliteitenreflectie:

Aan de hand van jouw succesverhalen identificeer je jouw kwaliteiten.

Doordat je ze destilleert uit jouw succesverhalen maak je ze je gemakkelijk eigen. En heb je gelijk het bewijsmateriaal aan de hand waarvan jij kunt laten zien wat de inzet van jouw kwaliteiten een potentiële werkgever oplevert.

 

  1. Motievenreflectie:

Je hebt ervaren waar jouw vuurtje van gaat branden. Welke waarden jij terug wilt zien in jouw werk en wat jou drijft.

 

  1. Onderzoek verrichten naar werk:

Onafhankelijk van vacatures, werving- en selectiebureaus of recruiters, doe je zelf jouw onderzoek naar waar op de arbeidsmarkt mensen zoals jij nodig zijn.

 

  1. Netwerken:

En effectief netwerken is echt iets anders dan jouw netwerk inzetten om jouw cv onder de aandacht te brengen.

 

  1. Loopbaanzelfsturing:

Vrijwel niemand blijft nog hangen in een dezelfde baan.

Dat betekent dat je wendbaar moet zijn en jezelf moet blijven ontwikkelen, als persoon en als professional.

Loopbaanzelfsturing betekent ook risico’s durven nemen.

Maar heb je het programma Bouw je ideale loopbaan gevolgd, dan zijn die risico’s gecalculeerd; je kunt ze overzien.

Bovendien heb je na het programma alternatieven bij de hand. Want als je geen alternatieven hebt, dan kun je ook niet kiezen.

 

 

Het trainingsprogramma is voor een beperkte groep. Er kunnen maar maximaal 6 mensen deelnemen.

Dus meld je snel aan.

Wil je eerst je vragen aan me voorleggen? Bel (0575-544588/ 0654762865) of e-mail (marlene@lifeworkdesign.nl) me gerust.

 

 

 

 

 

Talent moet je elke dag water geven, als een plantje

Cleve Backster was een van de eersten die opperden dat planten door onze intenties worden beïnvloed.

Dat idee leek zo belachelijk, dat er kennelijk veertig jaar lang de spot mee werd gedreven.

Backster werd berucht door experimenten die volgens hem aantoonden dat levende organismen de gedachten van een mens kunnen lezen en erop kunnen reageren.

Ook heeft hij aangetoond dat er een voortdurende informatiestroom is tussen alle levende organismen, in twee richtingen.

 

Alle organismen -van bacterie tot mens- schijnen zonder onderbreking op kwantumniveau met elkaar te communiceren.

Door dat mechanisme kunnen gedachten fysieke effecten teweegbrengen.

Hij toonde dat aan met gebruik van een leugendetector (polygraaf). In Amerika was hij namelijk de belangrijkste expert op het gebied van de leugendetector.

Een leugendetector laat zien wanneer iemands zenuwstelsel onder spanning staat, nog voordat de persoon zelf zich daarvan bewust is.

 

Met zo’n leugendetector deed Backster allerlei proeven, onder andere met planten.

Hij bedacht manieren waarop hij een plant kon laten schrikken door die te bedreigen.

Bijvoorbeeld door een lucifer af te strijken en het blad te schroeien.

Maar hij hoefde het nog niet eens te doen, zo bleek.

Het denken was al genoeg.

 

Zodra hij het dacht, schoot de naald naar de top van het polygram en sprong er bijna af.

Hij had de plant niet verschroeid; hij had het alleen maar overwogen.

Volgens de polygraaf had de plant de gedachte als een direct gevaar geregistreerd en er onmiddellijk in paniek op gereageerd.

 

Backster rende naar het bureau van zijn secretaresse in het belendende kantoor en ging op zoek naar lucifers.

Toen hij terugkwam registreerde de polygraaf nog steeds verontrusting van de plant.

Hij streek een lucifer af en hield het vlammetje onder een van de bladeren. De naald van de polygraaf bleef heftig zigzaggen.

Nu bracht Backster de lucifers terug naar het bureau van zijn secretaresse.

De bewegingen van de naald werden rustiger en tekenden even later alleen nog maar een vlakke lijn.

 

Backster wist niet goed wat hij ervan moest denken en ging door met zijn experimenten met planten.

Dossierladen vol verzamelde hij met onderzoeksresultaten op het terrein van wat hij noemde ‘primaire perceptie’.

 

Planten vertoonden duidelijke reacties op menselijke emotionele ups en downs.

Ze reageerden vooral op bedreigingen en andere vormen van negatieve intentie.

Dat deden overigens niet alleen planten, maar bijvoorbeeld ook pantoffeldiertjes, schimmelkweken, eieren, yoghurt.

Backster toonde zelfs aan dat ook lichaamsvochten als bloed en zaadvocht reacties te zien gaven die een afspiegeling waren van de gemoedstoestand van hun donor.

 

Dat zet aan tot nadenken.

 

Dat planten reageren op intenties, die indruk heb ik ook.

Een paar weken terug, toen het lange tijd droog was, stond onze Kirengeshoma er zielig bij.

 

Volgens mij is die ter ziele”, zei mijn echtgenoot. De blaadjes zagen er beroerd uit en hij liet zijn kop hangen.

Zoals wel vaker, was ik lekker aan het rommelen in de tuin. Goed voor mijn planten zorgen is voor mij ontspanning en ik doe het met aandacht en liefde.

En als een plant er slecht aan toe is, zoals onze Kirengeshoma, dan voel ik me al gauw geroepen om mijn bijdrage te leveren.

Al na een uur stond hij er weer mooi bij. Strak in het blad en zijn kop fier omhoog.

 

Talent moet je elke dag water geven, als een plantje© foto: Martin Langbroek

 

En ik natuurlijk trots op het resultaat. En als een kind zo blij, mijn echtgenoot er deelgenoot van maken.

Hoe heb je dat gefikst?”, vroeg hij mij.

“Nou, liefde, aandacht en wat water doen wonderen”.

 

 

Ook jouw talenten moet je elke dag water geven, als een plantje.

En dat water geven moet je doen met aandacht en met liefde.

Een talent moet je voeden, bij voorkeur dagelijks.

Want een talent moet je ontwikkelen.

Het is een vermogen om iets heel goed te kunnen, een leerpotentie.

Er is oefening nodig om die potentie tot ontwikkeling te brengen.

Uit onderzoek blijkt bijvoorbeeld dat tienduizend uur oefening nodig zijn om een beheersingsniveau te bereiken van wereldklasse.

 

 

 

Wil je talenten kunnen ontwikkelen, dan moet je een beeld hebben van wat jouw talenten zijn.

In een traject bij Life\Work Design ga je volop aan het werk om jouw talenten boven water te krijgen.

Of dat nu is in een individueel loopbaantraject of in het programma ‘Bouw je ideale loopbaan’ .

Je krijgt scherp met welke talenten je het liefste bezig bent. Want je kunt in potentie wel iets goed kunnen, maar het ook leuk vinden is mogelijk nog een ander verhaal.

En cruciaal is ook welke omgeving jij, net als een plant, nodig hebt om jouw talenten te ontwikkelen. Zodat jij kunt groeien en bloeien.

Ook daar besteden we dus volop aandacht aan.

 

 

 

 

 

Obstakels zijn omleidingen in de juiste richting

Heb jij ook zo’n hekel aan obstakels op jouw weg? En de omleidingen om ze te vermijden?

De maand augustus vond er groot onderhoud plaats op de weg van Zutphen naar Arnhem en Nijmegen.

Dat betekende dus dat ik een omleiding moest volgen. Een omleiding die me algauw twintig minuten extra en mijn goede humeur kostte.

 

Ik ben dan geneigd om naar alternatieven te zoeken.

Soms pakt dat verkeerd uit.

Zo koos ik in plaats van voor de auto, voor de trein naar Elst. In die trein was het snikheet, geen airco zoals ik had verwacht.

Bovendien vielen er op de terugweg allerlei treinen uit door de hitte. En kon ik pas vele uren later dan gedacht, weer huiswaarts.

Maar soms pakt een alternatief ook heel goed uit.

Zo ontdekte ik dat de afslag nemen naar Velp en door Velp naar Arnhem rijden me geen extra tijd kost om in Arnhem te komen.

En na de vakantieperiode is dat een goed alternatief om de files bij Velperbroek te mijden.

 

 

Ook als je bezig bent met het verwerven van een nieuwe baan word je soms voor obstakels geplaatst.

Word je bijvoorbeeld niet uitgenodigd voor een sollicitatie- of selectiegesprek, dan is dat een teleurstelling.

Dat wordt het des te meer als je wel uitgenodigd bent voor een eerste gesprek, maar niet verder komt dan de eerste ronde.

En nog sterker, als je wel wordt uitgenodigd voor een vervolggesprek, maar uiteindelijk toch niet wordt uitverkozen.

 

Dat is balen. Soms is het heel erg zuur.

Je hebt het gevoel dat je er bijna bent, maar uiteindelijk ben je er nog helemaal niet.

Alsof je voor een wegversperring staat.

Je bent vlakbij jouw doel, maar door de versperring kun je jouw doel niet bereiken.

 

Obstakels zijn omleidingen in de juiste richting

 

Wist je dat een obstakel ook heel positief kan uitwerken?

Dat het, wanneer je erop terugkijkt, een omleiding kan zijn in de juiste richting?

 

Frits bijvoorbeeld, die werd niet uitgenodigd voor een sollicitatiegesprek en vroeg de werkgever waarom niet.

Zo kwam hij de criteria aan de weet aan de hand waarvan men had geselecteerd.

Bij de selectie hebben ze vooral gelet op soortgelijke ervaring in openbare ruimte en groen, gesprekservaring met diverse marktpartijen en ervaring binnen het gemeentelijk werkveld.

 

Het is maar goed dat Frits niet uitgenodigd is voor een gesprek.

Want de verkregen informatie over het selectieproces wees Frits in de richting van vacatures die beter aansluiten bij zijn huidige werkervaring.

En niet onbelangrijk, het werk dat hij het allerliefste doet.

Dat is met name het geven van bedrijfskundig advies en advies met betrekking tot financieringen in een functie als relatiemanager binnen het MKB.

 

 

En zo had Karlijn al twee positieve gesprekken achter de rug. Ze was er bijna, maar werd het uiteindelijk niet.

Een verlies, dat ze toch even moest verwerken.

Maar met de positieve feedback kan ze haar voordeel doen.

Ze kreeg te horen dat ze een energieke en open indruk geeft en goed contact maakt.

Dat ze een bijdrage levert aan een fijn en prettig gesprek, nuchter overkomt, vooruitdenkt, verbindingen legt en meerdere belangen in ogenschouw neemt.

Ze weet dat ze wat betreft die punten in elk geval goed zit. Dat sterkt haar in haar presentatie.

 

Maar ook leerpunten zijn goed om te horen. Ook al ervaar je dat niet altijd zo.

Zo kreeg een van mijn coachklanten te horen dat het goed is om te oefenen met to the point formuleren, omdat hij geneigd is om te breedsprakig te zijn.

En dat hij contact moet maken met elke gesprekspartner.

 

 

Overigens hoeft het lang niet altijd aan jou te liggen als je bij selectie afgewezen wordt.

Vaak blijkt in een selectieproces dat de organisatie zelf ook nog zoekende is wat voor iemand ze specifiek nodig hebben. En wat de inhoud van de functie moet gaan worden.

Zie een sollicitatiegesprek als wederzijds oriënterend.

Jij bent op weg naar een nieuwe baan, maar weet nog niet heel precies wat. De organisatie is op zoek naar een nieuwe medewerker, maar weet nog niet precies wie.

Door een sollicitatiegesprek open in te gaan kunnen jullie erachter komen of jullie op dezelfde weg terechtkomen of dat jullie wegen beter kunnen scheiden.

 

 

Het is vervelend als je op weg naar jouw nieuwe baan belemmerd wordt.

Maar realiseer je dat obstakels een omleiding kunnen zijn in de juiste richting. En dat je door die omleidingen steeds verder in de richting komt van jouw doel.

 

 

 

Het is belangrijk dat je weet wat jouw doel is om de weg ernaartoe te kunnen bepalen.

Heb je nog geen helder beeld van wat je te bieden hebt en van het werk dat je wilt doen?

In een individueel loopbaantraject kom je tot een heldere omschrijving van het profiel van jouw ideale werk.

Aan de hand van dat profiel ga je gericht op zoek naar de concrete mogelijkheden op de arbeidsmarkt, die daarin passen.

En door het stevige fundament waaraan je in het loopbaantraject hebt gebouwd, kun je succesvol jouw ideale baan realiseren.

 

 

 

 

Als sublieme perenboom tussen middelmatige appelbomen

Op mijn vorige bericht kreeg ik een reactie van een praktijkdocent groen, die mij bijzonder trof.

Hij werkt met vmbo- en mbo-leerlingen, van alle niveaus.

 

Over wat het docentschap bij het vmbo voor hem zo interessant maakt schreef hij:

“Ik noem het altijd ‘de goede knoppen’ vinden bij de leerlingen.

Hoe bereik je dat het in de bovenkamer gaat werken en hoe vind je uit wat ze leuk vinden, hoe wek je interesse op, waar zijn ze geschikt voor?

Tussen de wilde appelbomen, zitten soms heel smakelijke top specialiteiten/ rassen appels, maar ook pruimen, peren en wat al niet meer. 

Ik kijk daarvoor ook veel naar wat ze als hobby’s hebben. Bijvoorbeeld stenen.

Zo vond een van mijn leerlingen in ‘mijn’ tuin (Rijksmonument) een 13e-eeuwse knikker.

Door zijn interesse bracht ik de student in contact met het IJstijden museum. Hij werkt er nu in zijn studententijd als gewaardeerd vrijwilliger.

Hij kwam bij mij binnen als vmbo ‘er niveau 1. Met het verhaal, dat men vanuit de opleiding niet wist of hij dat niveau wel aan kon.

Nu zit hij in het mbo op niveau 3”.

 

Het was een mooi leermoment voor deze praktijkdocent:

“Investeer aandacht en tijd. Blijf waarnemen.

Onderzoek of er tussen de middelmatige appelbomen misschien een sublieme perenboom zit.

En of er tussen het puin en de tuinaarde misschien toch een 13e -eeuwse knikker zit”.

 

Als sublieme perenboom tussen middelmatige appelbomen© foto: Martin Langbroek/ Keramiek: Marlène Langbroek

 

Dat geldt niet alleen voor deze praktijkdocent.

 

 

Zelf herken ik deze ervaring heel duidelijk.

Het is een van de punten die mijn werk als loopbaancoach zo boeiend, verrassend en voor mij waardevol maakt.

Steeds weer samen met de coachklant op weg gaan om kwaliteiten en drijfveren op het spoor te komen. En mogelijk pareltjes te ontdekken.

Zo boven water te krijgen wat een persoon bijzonder maakt. Wat zijn specialiteiten zijn en wat hem van anderen onderscheidt.

 

En iedereen heeft zijn specialiteiten, als je er maar tijd en aandacht aan besteedt om ze boven water te krijgen.

 

Ook van leidinggevenden heb ik daar legio voorbeelden van gehoord.

Niet alleen over medewerkers die goed gedijen in hun werk.

Maar ook betreffende medewerkers die niet goed op hun plek zitten.

Die niet tot bloei komen in hun werk of in de omgeving waarin zij zitten.

Misschien wel omdat ze als sublieme perenboom in hun eentje tussen de appelbomen staan.

En hulp kunnen gebruiken om een voor hen passende plek te vinden.

 

 

Overigens hoef je als werkende niet afhankelijk te zijn van een oplettende en inlevende leidinggevende.

Liever niet”, zelfs.

 

Investeer in tijd en aandacht voor jezelf. Zeker voordat je een nieuwe stap zet in je loopbaan.

Ga de interne dialoog aan.

Ontdek waar met name jouw kwaliteiten liggen.

Blijf waarnemen en ervaar waar je blij van wordt.

 

Struin rond en voel welke omgeving het beste bij jou past.

Ontdek wat jij nodig hebt om goed te gedijen.

En wat je beslist moet vermijden als je je senang wilt voelen op je werk.

 

 

Dat betekent dat je zelf op onderzoek uit moet gaan.

En ja, daarvoor moet je zelf aan het werk. Zoals een van mijn coachklanten het verwoordde.

Maar die investering in aandacht en tijd verdien je ruimschoots terug.

 

 

 

In een individueel loopbaantraject ontdek je wat jou subliem maakt; wat jouw specialiteit is en wat jou van anderen onderscheidt.

En niet onbelangrijk, hoe je je daarmee profileert.

Je krijgt scherp aan welke criteria jouw werkomgeving moet voldoen, zodat je kunt groeien, bloeien en mooie vruchten voort kunt brengen.

Ga het gesprek met me aan, leg je vragen aan me voor en krijg helder wat een individueel loopbaantraject jou te bieden heeft.

 

 

 

 

 

Probeer niet van een appelboom een perenboom te worden

Je kunt alles worden wat je wilt, als je het maar hard genoeg probeert’.

 

Dat is vooral onder Amerikanen een populaire stelregel, volgens Tom Rath.

Rath is bekend van het StrenthsFinder-assessment en het boek ‘Ontdek je sterke punten 2.0’.

Nee, je kunt niet alles worden wat je wilt”, zegt Rath. “Je kunt wel een betere versie worden van wie je al bent”.

 

Met zijn gedachtegoed borduurt Rath voort op de filosofie van zijn opa, Donald Clifton (1924-2003).

 

Die filosofie komt kort gezegd hierop neer:

Word je bewust van je natuurlijke aanleg.

Bouw die talenten vervolgens verder uit met kennis en ervaring.

Zet je talenten in en je zult meer plezier en succes hebben in je werk.

 

 

Maar hoe vaak zijn mensen niet vervreemd van hun natuurlijke aanleg?

Hebben ze geprobeerd om van een appelboom een perenboom te worden. Zoals Marinus Knoope het verwoordt in zijn boek ‘De creatiespiraal’.

Dat kun je wel proberen, maar als appelboom zul je nooit mooie peren voortbrengen.

 

Probeer niet van een appelboom een perenboom te worden

Doe je natuurlijke aanleg dan ook geen geweld aan. Maak gebruik van je talenten, je sterke punten en ontwikkel ze.

 

 

Heb je jouw talenten nog niet zo scherp?

Volgens Marcus Buckingham zijn je sterke punten te herkennen aan een viertal kenmerken, samengevat in het acroniem SIGN.

In SIGN staat ‘S’ voor Succes, ‘I’ voor Instinct, ‘G’ voor Groei en ‘N’ voor Noodzaak.

S: Als je gebruik maakt van je sterke kanten, dan ben je effectief in je werk; je hebt succes.

I: Je kijkt met plezier uit naar het inzetten van je talenten en zoekt naar andere taken waarbij je dit kunt doen; je doet dat als vanzelf/instinctief.

G: Tijdens het uitvoeren van je taak ben je nieuwsgierig, geconcentreerd en je leert telkens bij; je groeit.

N: Na de taak voel je voldoening; je ervaart noodzaak.

 

Kijk met die kenmerken voor ogen eens naar de taken waar je afgelopen week of afgelopen weken mee bezig bent geweest.

Wanneer herkende je bovengenoemde kenmerken?

Alle kans dat je toen jouw talenten hebt ingezet.

 

 

Wist je dat uit onderzoek blijkt dat maar 17% van de mensen het grootste deel van de werkdag gebruik maakt van zijn sterkste punten?

Is dat niet bedroevend?

 

Temeer omdat het kunnen inzetten van je sterke kanten ook grote invloed heeft op jouw betrokkenheid in je werk.

Het blijkt zelfs dat mensen die de mogelijkheid krijgen om zich elke dag op hun sterke punten te richten, tot zes keer meer betrokkenheid voelen bij hun werk.

En meer dan drie keer sneller zullen aangeven dat ze ergens in uitblinken.

Dit in vergelijking met mensen die in hun werk niet de mogelijkheid hebben om zich te richten op hun sterke punten.

 

 

Waarom dan nog aandacht besteden aan zwakke kanten? Zeker veel aandacht?

Het mag toch langzamerhand wel duidelijk zijn dat je sterke kanten meer aandacht verdienen dan je zwaktes?

Ook al wil nog niet iedereen dat onderkennen.

 

 

Ga aan het werk om jouw sterke punten boven water te krijgen.

In mijn aanpak focussen we ook daarop. We maken dus geen sterkte-zwakte analyse.

 

We brengen jouw sterke kanten in kaart door te werken met succesverhalen.

Uit die succesverhalen destilleren we jouw kwaliteiten.

Je zult ervaren dat jouw sterke punten voldoen aan de kenmerken samengevat in SIGN.

 

 

Heb je jouw kwaliteiten eenmaal in kaart, dan wordt jouw volgende stap het creëren van werk waarin je kunt focussen op die sterke kanten.

Zodat je succes ervaart.

En je als vanzelf taken creëert en naar je toe trekt, waarin je jouw talenten in kunt zetten.

Je flow ervaart, voelt dat je groeit en voldoening hebt van je werk doordat je voelt dat je nodig bent en een waardevolle bijdrage levert met het werk dat je doet.

 

 

 

Kun je daarbij wel wat hulp gebruiken?

Neem gerust contact met me op.

In onderling overleg bepalen we welk begeleidingstraject het beste bij jou past.

 

 

 

 

 

Een échte hobby is iets anders dan louter vrijetijdsbesteding

Uren heb ik doorgebracht bij Hanneke Verhey in Deventer en Zutphen.

Weken bij Joop Crompvoets in Swalmen, Hans Meeuwsen in Goirle en Thomas en Katrin König in Kleef.

Dat alles in het kader van mijn hobby; keramisch vormgeven.

Of noem het simpelweg ‘pottenbakken’; draaien op de pottenbakkersschijf of vormen met de hand.

Op het laatst had ik privéles van Hanneke.

Als ik dan eenmaal mijn doel helder voor ogen heb en helemaal op dreef ben, dan is er voor mij geen besef meer van plaats en van tijd.

Helemaal verliezen kan ik me in mijn hobby; het maken van keramiek.

 

Het kost me weinig moeite om de beelden weer naar boven te halen.

Ik laat me inspireren door wat ik zie.

Fascinerend vind ik met name de keramiek van de Native Americans (Indianen). Niet alleen de techniek en de vormen, maar ook de decoraties.

Zo heb ik me bijvoorbeeld laten inspireren door een pot in het Chapin Mesa Archeological Museum in Mesa Verde National Park, in de USA.

 

Een échte hobby is iets anders dan louter vrijetijdsbesteding

 

Ik was vooral gebiologeerd door de techniek.

Hoe hebben ze die pot gemaakt?

Hij is in elk geval opgebouwd uit rollen klei. En aan de afdrukken in de klei te zien, lijken de rollen met kneepjes van de vingertoppen tegen elkaar te zijn aangedrukt.

Maar hoe hebben ze dat precies gefikst?

Ik ga dan aan het experimenteren. Totdat ik een werkwijze gevonden heb, die voor mij voldoet.

Dan kan ik van start en gaan bouwen aan wat ik voor ogen heb.

En dan raak ik helemaal in de flow.

Ik steek mijn tong nog net niet tussen mijn lippen, maar 100% gefocust ben ik dan aan het werk.

Ik heb zelfs niet in de gaten als ik geobserveerd word.

Ik ben alleen bezig met dat wat ik op dat moment aan het maken ben. En mijn werkstuk groeit onder mijn handen.

Ik heb het in mijn vingers, zowel letterlijk als figuurlijk. Ik heb het onder controle en al doende gaat het me steeds beter af.

Het is een mooi staaltje van merkbaar beter worden in iets; mastery, zoals men dat in psychologentermen noemt.

Het is een van de kenmerken van een échte hobby.

 

Een échte hobby is iets anders dan louter vrijetijdsbesteding

 

Voor mij is met klei bezig zijn een ultieme vorm van ontspanning. En in die zin een mooi voorbeeld van een échte hobby.

Een échte hobby is iets anders dan louter vrijetijdsbesteding.

Op cv’s zie ik nog weleens dat mensen bijvoorbeeld films kijken scharen onder de noemer hobby’s. Of kijken naar voetbalwedstrijden.

Maar volgens Ap Dijksterhuis, hoogleraar psychologie van de Nijmeegse Radboud Universiteit en gespecialiseerd in geluk, zijn films of series kijken op bijvoorbeeld Netflix geen échte hobby’s.

Als je met een échte hobby bezig bent, dan kun je niet even tussendoor appen of mailen.

Het komt zelfs niet in je op, om dat te doen. Gefocust als je bent op je hobby.

Terwijl je, als je een film kijkt of naar een voetbalwedstrijd op TV, je rustig even tussendoor kunt appen of een berichtje kunt liken op Facebook.

 

Dijksterhuis ziet een échte hobby als één van de schaarse activiteiten waarbij je helemaal ‘uit kunt staan’.

Teruggetrokken uit de hectiek van werk. Of de hectiek van een druk gezin.

Door een échte hobby laad je jouw accu weer op. En voorkom je dat je opbrandt.

 

Er onvoldoende voor zorgen dat je je accu weer oplaadt is een belangrijke oorzaak van een burn-out.

Crucialer dan werk dat je te veel energie kost.

Dus laad je accu op met een échte hobby!

Maak daar bewust tijd voor. In plaats van dat je maar beziet hoe een dag of een week verloopt en of er nog tijd overblijft voor je hobby.

 

Wat dat betreft werkt het schrijven van deze e-mail voor mij ook weer als een wake up call.

Bewust tijd maken voor mijn hobby!

Zoals psycholoog Paraskas Petrou het noemt: Ga leasure craften.

In analogie met job craften: pas je vrije tijd aan, aan persoonlijke wensen en eisen.

 

 

Dat heeft alles te maken met jouw persoonlijke missie.

Voorkom dat je, zoals een van mijn potentiële klanten aangaf, weinig tijd hebt voor creativiteit naast je werk, je werk moeilijk kunt loslaten en een piekerhoofd hebt.

Heb je jouw missie scherp, dan kun je keuzes maken in lijn met jouw persoonlijke missie. Niet alleen met betrekking tot werk, maar voor alle levensterreinen die belangrijk voor je zijn.

 

Zet een eerste stap in de goede richting en neem contact met me op voor een oriënterend gesprek.

Leg je vragen aan me voor en krijg een indruk van wat ik voor jou daarin kan betekenen.

 

 

 

 

 

Een wereld zonder schadelijke rook door koken

Op het blog van African Clean Energy lees ik in vrije vertaling het volgende:

“De zon komt op in Bulegeni, Uganda. Het is zes uur ‘s ochtends.

Caroline Nafuna staat gereed om het ontbijt te maken voor haar man en hun acht kinderen.

Voordat ze weggaan van huis voor werk of school.

Ze begint met het maken van een vuur in een lemen kookplaats, grenzend aan haar huishouding.

Ze probeert haar gezicht uit de rook te houden als ze lucht in het stapeltje aanmaakhoutjes blaast.

Caroline doet dit elke dag. Het is onderdeel van haar dagelijkse routine. Ze realiseert zich niet dat dit klusje grote negatieve gevolgen heeft voor haar gezondheid”.

 

Onderzoek van de Wereld Gezondheids Organisatie laat zien dat wereldwijd jaarlijks ruim vier miljoen mensen overlijden door household air pollution (HAP); het inademen van rook die vrijkomt door het koken op open vuur of primitieve kookpotjes.

Dat is meer dan het aantal mensen dat jaarlijks overlijdt aan malaria, HIV en TBC.

 

Een wereld zonder schadelijke rook door koken© Foto: Patrick Messier/ Shutterstock.com

 

Over missie gesproken:

De in Zuid-Afrika geboren Steven Walker en zijn zoon Ruben, zagen het als hun missie om hun bijdrage te leveren aan het oplossen van dit probleem.

In 2011 richtten zij African Clean Energy (ACE) op.

Gedreven door hun missie: Een wereld zonder schadelijke rook door koken.

Ze ontwikkelden de ACE 1; kooktoestellen op zonne-energie in combinatie met heel efficiënte verbranding van biomassa. Waardoor er geen rook meer ontstaat.

 

En hun oplossing reikt verder.

De ACE 1 heeft niet alleen een positief effect op de gezondheid, maar ook op het klimaat.

Bovendien is hun kooktoestel ook nog eens een mooie energievoorziening voor bijvoorbeeld het opladen van een smartphone of een LED-lampje.

Zeker in regio’s waarin weinig toegang is tot elektriciteit, is dat super.

 

Hoe mooi is het als je op zo’n manier jouw bijdrage kunt leveren aan een betere wereld?

En dan ook nog eens in veel opzichten.

Het hele proces van manufacturing en supply chain gebeurt met inzet van de plaatselijke bevolking. Die deels door opleiding en training toegerust moet worden om het werk voor ACE te kunnen doen.

Zo levert ACE ook een belangrijke educatieve bijdrage.

Naast bijvoorbeeld een bijdrage aan de empowerment van vrouwen.

Want het zijn meestal de vrouwen die verantwoordelijk zijn voor het verzamelen van de brandstof. Voor het koken en de verlichting.

In de meest afgelegen gebieden, kan daar kennelijk wel tot zes uur per dag mee gemoeid zijn.

Door de ACE 1 komt er daardoor tijd vrij voor de vrouwen.

Tijd, die ze kunnen besteden aan educatie of werkzaamheden waarmee ze inkomen kunnen genereren.

Hoe gaaf, maar vooral hoe waardevol is dat?

 

Voor mij is African Clean Energy met hun ACE 1 een prachtig voorbeeld van hoe je jouw missie vorm kunt geven. Het is een voorbeeld dat mij raakt.

Vast ook wel, doordat in mijn coachtrajecten persoonlijke missie een belangrijk item is.

Wil je voldoening ervaren van je werk? Dan is het belangrijk dat jouw werk aansluit bij jouw persoonlijke mssie.

 

Heb jij jouw persoonlijke missie helder? Misschien zelfs mooi uitgetypt of handgeschreven op papier?

Met name jouw missie met betrekking tot werk?

 

Zo ja, laat me eens horen welke bijdrage jij wilt leveren met het werk dat je doet.

 

Moet je het antwoord op mijn bovenstaande vragen vooralsnog schuldig blijven?

Maak een afspraak voor een oriënterend gesprek. Dat kan met deze link.

Want potentiële werkgevers horen graag van jou waarom je voor hun organisatie wilt werken en waarom die functie voor jou.

 

 

 

 

 

Bedrijven gaan steeds minder waarde hechten aan cv’s

Heb jij nog een visitekaartje van je werk?

Zo’n kaartje waarop je functie vermeld staat?

Hoe vaak gebruik je dat nog?

 

Of heb je als zelfstandig ondernemer mooie visitekaartjes laten ontwerpen? En heb je daarvoor misschien flink in de buidel getast?

Je visitekaartje laten ontwerpen’; een van de beginnersfouten van online dienstverleners. Volgens Kitty Kilian van de Blogacademie.

Online dienstverleners hoeven volgens haar niet naar netwerkborrels. Visitekaartjes zijn dus nergens voor nodig. Iedereen kan je vinden op LinkedIn.

En gelijk heeft ze. Het is zonde van je geld om erin te investeren. Dat geldt overigens niet alleen voor online dienstverleners.

 

In mijn trainingen en trajecten gebruik ik mijn visitekaartje nog wel. Maar dan om toe te lichten waarom we witte kaartjes ter grootte van visitekaartjes gebruiken.

Op die kaartjes schrijven we kwaliteiten. Kwaliteiten, die we destilleren uit succesverhalen.

 

Bedrijven gaan steeds minder waarde hechten aan cv’s

Het is toch veel mooier om je te presenteren met je kwaliteiten dan met een visitekaartje met daarop je functienaam?

Want wat zegt jouw functienaam over wat jij een werkgever of opdrachtgever te bieden hebt?

Over het algemeen heel weinig.

 

Over visitekaartjes gesproken; ook een gevolgde opleiding kun je als een visitekaartje zien. Tenminste, veel mensen zien dat zo.

Wat dat betreft is me tijdens praktijkdagen voor studenten HBO-psychologie vaak gevraagd wat het diploma waard is op de arbeidsmarkt.

Daar is geen eenduidig antwoord op te geven.

Belangrijk is welke kwaliteiten, welke competenties jij verworven hebt door het volgen en succesvol afronden van die opleiding.

Dus wie jij door die opleiding geworden bent als persoon en als professional.

 

Wat dat betreft vind ik het mooi dat er op de arbeidsmarkt een trend zichtbaar is, dat het cv minder belangrijk wordt. Want ook je cv is een soort visitekaartje, waarmee je je presenteert.

Een recruiter zei onlangs daarover: “Ik denk dat bedrijven steeds minder waarde gaan hechten aan cv’s en kandidaten steeds minder aan vacatureteksten. Het wordt in schaarse arbeidsmarkten belangrijker dat kandidaat en organisatie gaan aftasten wat ze voor elkaar kunnen betekenen. In welke contractvorm dan ook”. 

 

Dat is een kolfje naar mijn hand. Het sluit naadloos aan bij mijn visie en mijn aanpak.

Als baanzoeker stel je je niet afhankelijk op van vacatures, een recruiter of een werving- en selectiebureau.

Jij gaat als een ondernemer te werk.

Dat betekent dat je een goed beeld hebt van wat je te bieden hebt en van het product of de dienst die jij in de markt wilt zetten.

Jij doet je onderzoek naar de behoeften op de arbeidsmarkt.

En maakt een koppeling tussen wat jij te bieden hebt en wat een potentiële opdrachtgever of werkgever nodig heeft.

 

Met mijn aanpak heb je eigenlijk ook geen cv nodig.

Op basis van gevoerde gesprekken werk jij voor een potentiële werk- of opdrachtgever een voorstel uit.

Een voorstel waarin je beschrijft hoe jij van betekenis kunt zijn voor het oplossen van problemen waarvoor de werkgever zich geplaatst ziet of voor ontwikkelingen die in de organisatie of het werkveld gaande zijn.

 

Gebruik je cv in elk geval niet als binnenkomer in een organisatie. Verstop jezelf niet achter je cv.

Zet je cv ook niet uit in je netwerk. Zie mensen uit je netwerk als deuropeners om bij organisaties binnen te komen.

Zodat je als persoon een organisatie binnenkomt en gesprekken aan kunt gaan.

 

 

Zit je voor je gevoel nog vast aan het oude denken?

Ben je geneigd om te zoeken naar vacatures? Te kijken of je daarin past, in plaats van dat je jezelf als uitgangspunt neemt?

Denk je dat je het moet hebben van je cv? Ben je geneigd om wat ik noem ‘te leuren met je cv’?

Wees voorbereid op de toekomst van werk. Neem zelf de regie.

Start daarmee en maak een afspraak voor een oriënterend gesprek.

 

 

 

 

 

Als je je profileert als azijnpisser, dan maak je weinig kans

In een van mijn vorige berichten vertelde ik je dat ik vijftien jaar in Tilburg heb gewoond.

Alhoewel het Tilburgse carnaval mij als Limburgse niet zo aansprak, ging het niet langs me heen.

Tijdens carnaval noemen de Tilburgers zich Kruikezeikers of Kruiken en de stad wordt dan Kruikestad genoemd.

Tilburg was vroeger een textielstad. Met name een ‘wolstad’.

Het verhaal gaat dat urine gebruikt werd om de wol te wassen. De inwoners spaarden urine in kruiken. Deze werd opgekocht om later gebruikt te worden om de wol te wassen.

De wol kon met urine worden ontvet door de hoeveel ammoniak, die erin zit.

Het verhaal wordt vaak verteld en het is terug te vinden op afbeeldingen, bijvoorbeeld in het Textielmuseum. Dus waarschijnlijk is het echt wel waar.

Urine werd overigens ook gebruikt bij het verven van de wol. Of ‘het laken’ of ‘vollen’, zoals men het toentertijd noemde.

Dat ‘vollen’ was handwerk. Of het gebeurde in een volmolen; een machine op waterkracht, waarmee wol vervilt werd door met houten hamers in een bak op de natte wol te slaan.

Als hulpmiddelen werden vette klei, urine, zeep en water gebruikt.

Door het gebruik van urine was de stank rond zo’n volmolen vaak niet te harden. Een dergelijke molen werd daarom meestal buiten het dorp gebouwd.

 

Tilburg als textielstad sloot aan bij een van mijn hobby’s, het werken met wol.

In de zeventiger jaren heb ik heel wat vachten weggesponnen en kilo’s wol geverfd met allerlei natuurlijke materialen. Om er vervolgens op mijn Glimakra weefgetouw, bijvoorbeeld mooie stoffen voor jasjes van te weven.

Weeftechnieken leerde ik van een technisch professional van het Textielmuseum.

 

Als je je profileert als azijnpisser, dan maak je weinig kans

Kruikezeikers hebben wel iets gemeen met azijnpissers. Dat snap je wel.

Alhoewel, ik denk dat je beter met een Kruikezeiker te maken kunt hebben dan met een azijnpisser.

 

Want samenwerken, mogelijk ook samenleven, met een azijnpisser is geen feest.

Een azijnpisser is, het woord zegt het al, een zuur, chagrijnig, sikkeneurig persoon.

Wat afgezwakt, een mopperkont. En in keurig Nederlands, een kniesoor. Maar dat klinkt voor mij wel heel Hollands.

 

Misschien ken jij zo iemand ook wel. Heb je er zelfs een heel helder beeld van. Word je er al moe van, als je eraan denkt.

Het zijn mensen die geneigd zijn hun wereld te bezien door een donkere bril. Bijvoorbeeld hun werk. En algauw allerlei negativiteit spuien.

Het is goed om van tijd tot tijd je hart te luchten, in plaats van er een moordkuil van te maken. Maar realiseer je wat het met je omgeving doet.

 

Zo hoort een potentiële werkgever niet graag allerlei negatieve uitlatingen over jouw vorige werk of jouw vorige werkgever.

Ook al wil je misschien zelf op die manier beargumenteren waarom je de overstap naar ander werk wilt maken.

Maar pas op en stap niet in die valkuil.

Bij een potentiële werkgever kun je door jouw negatieve uitlatingen alarmbellen doen rinkelen.

Want wie weet, hoe jij je straks over hem uitlaat? Als het je bij hem niet bevalt?

 

Bovendien roep je met je negatieve uitlatingen mogelijk ook nog andere vragen op.

Zeker als je ondanks het feit dat je niet blij bent met je werk, daar toch enkele jaren bent blijven zitten.

Je hebt dan in elk geval iets uit te leggen.

Want als het werk je al langer niet bevalt, waarom heb je dan niet eerder werk gemaakt van ander werk?

 

Kortom: als je je profileert als azijnpisser, dan maak je weinig kans op een mooie nieuwe baan.

Wil je werk maken van ander werk, omdat je het niet meer naar je zin hebt in je huidige werk?

Kies voor een positieve insteek.

 

Zo werkte ik onlangs met een coachklant, in het kader van het gesubsidieerde ontwikkeladviestraject voor 45-plussers, aan de omschrijving van het werk dat hij wil doen.

Daarbij kwamen mooie omschrijvingen naar voren als afgeleide van zijn missie met betrekking tot werk.

Verder richtinggevende items in de zin van activiteiten en taken waarmee hij zich bezig wil houden, favoriete rollen, verantwoordelijkheden en werkvelden.

 

Al met al leverde de exercitie mooie input op voor het schrijven van een overtuigende en bovenal positief gefundeerde motivatiebrief.

Totaal iets anders dan de negatief getinte brief waarmee hij zijn overstap naar een ander werkveld had willen beargumenteren.

Die laatste brief kon in de digitale prullenbak. Positief werk aan de winkel!

 

 

Ben je totaal uitgekeken op het werk dat je nu doet?

Of wil je anderszins weer een positieve slinger geven aan je huidige werk?

Maak een afspraak met me voor een oriënterend gesprek via deze link.

Graag maak ik samen met jou werk van mooi werk.

 

 

 

 

 

Door drie simpele vragen komt de aap uit de mouw

Ik hoor het mijn moeder nog zeggen: “Daar komt de aap uit de mouw”.

Maar dan op zijn Limburgs uitgesproken. Dat klinkt ongeveer als “Dao kumtj de aap oet de moe.”

 

Wist je dat die uitdrukking letterlijk teruggaat op een aap die in een mouw zat? Kennelijk verstopten sommige kunstenmakers vroeger namelijk een aap in hun mouw die op een bepaald moment onverwachts tevoorschijn moest komen.

Maar of het letterlijk om een aap gaat? Ik denk van niet.

Volgens F.A. Stoett is er mogelijk een andere verklaring voor de herkomst: “Met aap wordt ‘apen-aard’ bedoeld (oftewel: ‘kwajongensachtig karakter’). En met in de mouw houden ‘verbergen’. Als de aap dan uit de mouw kwam, kwam iemands ware aard naar voren”.

Ik kan het mijn moeder niet meer vragen, maar ik vermoed dat de laatste betekenis door haar werd bedoeld.

 

Door drie simpele vragen komt de aap uit de mouw

 

In een gesprek met een van mijn coachklanten in het kader van het gesubsidieerde ontwikkeladviestraject voor 45-plussers kwam ook de aap uit de mouw.

En dat naar aanleiding van drie simpele vragen over zijn cv.

Het is een techniek die ik geleerd heb van selecteurs. Ik vind het een mooie techniek, omdat je met die manier van interviewen binnen een paar minuten wezenlijke informatie over een kandidaat kunt vergaren.

En die informatie kan positief of negatief zijn voor betreffende persoon.

 

Bij de techniek doorloop je met iemand chronologisch de werkervaring op het cv. Bij elke baan stel je onderstaande 3 vragen, zonder op antwoorden door te vragen:

  1. Hoe ben je aan die baan gekomen?
  2. Wat sprak je aan in die baan, voordat je daadwerkelijk begon?
  3. Waarom ging je weg?

De vragen lijken heel feitelijk, maar in je antwoorden laat je veel van jezelf zien. En als selecteur maak je jouw eigen interpretaties.

 

Ik laat je zien hoe de drie vragen kunnen werken:

 

  1. Hoe ben je aan die baan gekomen?

Was dat via een vacaturesite? Of via een banenmarkt?

Voor een selecteur is dat voor eerste banen kennelijk heel acceptabel. Maar als je die strategie blijft volgen, ook later in je loopbaan, dan roept dat mogelijk vragen op.

Een selecteur kan zich afvragen of jij als kandidaat wel weet wat je wilt qua werk en waar je zou willen werken. Door de strategie die je volgt stel je je immers afhankelijk op van de mogelijkheden die zich voordoen, in plaats van dat je zelf proactief op zoek gaat naar wat jij wilt.

Kennelijk verwacht een selecteur dat je op een gegeven moment in je loopbaan, ergens op aanbeveling binnenkomt. Hij gaat er dan van uit, dat je dan zoveel vertrouwen hebt opgebouwd of een zodanig competentieniveau hebt ontwikkeld, dat iemand je aanbeveelt bij een organisatie.

 

  1. Wat sprak je aan in de baan voordat je daadwerkelijk begon?

Selecteurs verwachten dat je gaande je loopbaan je keuze voor een baan specifieker moet kunnen benoemen dan grote uitdaging, kans om meer te leren over het werkveld of volgende stap in mijn carrière.

Goede werknemers werken in hun ogen niet hard voor een mooie titel of een geweldig salaris. Zij werken hard omdat ze hun werkomgeving waarderen en omdat zij houden van wat zij doen.

 

  1. Waarom ging je weg?

Soms gaan mensen weg voor een betere kans. Soms gaan ze weg voor een beter salaris. Vaak ook gaan mensen weg omdat een werkgever te hoge eisen stelt of te veel vraagt. Of de werknemer kan niet goed overweg met zijn of haar leidinggevende of collega’s.

Jouw antwoord op de vraag ‘Waarom ging je weg?’ brengt informatie aan het licht met betrekking tot jouw relatie met het management of eventuele wrijvingen met andere medewerkers of met het nemen van verantwoordelijkheid.

Issues die je, als ze jou die vraag niet gesteld hadden, wellicht niet zo gemakkelijk had gedeeld.

 

Dat laatste gold ook voor mijn coachklant.

Maar door bij elke werkervaring in zijn cv steeds dezelfde drie vragen te moeten beantwoorden, kon hij er moeilijk omheen.

De aap kwam uit de mouw.

Ik hoefde mijn interpretatie niet te geven. Zijn eigen inzicht sprak boekdelen.

Het werd pijnlijk duidelijk dat steeds weer zijn contract niet werd verlengd. Met name omdat hij onvoldoende presteerde.

Kennelijk heeft hij steeds een vlot verhaal, maar maakt verwachtingen niet voldoende waar.

 

Over een en ander doorpratend, leek het ons verstandig om nu niet verder te mijmeren over andere functies. Maar eerst werk te maken van zijn huidige baan.

Dat is een mooie functie en hij heeft alle vrijheid om mooie resultaten te gaan boeken.

Hij gaat daarvoor een plan uitwerken en dat presenteren in het managementteam waarvan hij deel uitmaakt.

 

 

 

Loop jij vast in je huidige werk en kun je de vinger er niet achter krijgen waar het aan schort?

Maak gerust een afspraak met me voor een oriënterend gesprek. Dat kan via deze link.