Aan jou is een goede dokter verloren gegaan

Aan jou is een goede dokter verloren gegaan”.

Die opmerking heb ik vaak te horen gekregen.

Ik vind het een mooi compliment. Het doet me goed, het streelt me.

Toch heb ik er geen spijt van dat mijn loopbaan gelopen is, zoals die gelopen is.

 

Ik heb er geen spijt van dat ik geen gebruik heb gemaakt van het aanbod van mijn ouders om na mijn MMS in één jaar een gymnasiumdiploma te halen bij de nonnen in Vught.

Ik heb genoten van de brede Hbo-opleiding die ik in plaats daarvan heb gevolgd.

Het was een opleiding met voor mij aanlokkelijke pedagogische/ psychologische componenten en het creatieve.

Die opleiding heeft me geholpen om daarna bewust mijn richting te kiezen.

Het werd orthopedagogiek, met als afstudeerrichtingen kinderpsychiatrie en leerstoornissen.

Bewust studeerde ik in deeltijd. Ik wilde mijn eigen boontjes doppen.

Naast mijn studie werkte ik als pedagogisch medewerkster in een pedo-therapeutisch instituut voor gedragsgestoorde kinderen. Later als docent handvaardigheid op een Scholengemeenschap in Nijmegen.

Door mijn latere werk als docent bij de afdeling Algemene Onderwijskunde van de lerarenopleiding van Fontys Tilburg, kwam ik in aanraking met keuzebegeleiding.

Met name geïnspireerd door een van mijn collega’s, Gerard van de Kam.

Inmiddels ben ik al ruim 25 jaar actief in het vakgebied van de loopbaancoaching. Waarvan 14 jaar als opleider in het vakgebied loopbaanbegeleiding en 22 jaar als uitvoerend loopbaancoach.

En heb ik er spijt van?

Absoluut niet.

Integendeel; ik geniet er nog elke dag van.

5 Loopbaanvragen die je je zou moeten stellen om te zien of je met je loopbaan nog op het goede spoor zit

Heb ik ergens spijt van met betrekking tot mijn loopbaan?

Het is een van de 5 vragen die je jezelf zou moeten stellen, om te achterhalen of je qua loopbaan nog op het goede spoor zit.

Of het niet tijd is om je koers bij te stellen; een loopbaanswitch te maken, een opleiding te gaan volgen of bijvoorbeeld een eigen bedrijf te starten.

 

Ik geef je mijn reflecties over de andere 4 vragen.

 

Ben ik trots op het werk dat ik doe?

Jazeker. Ik doe mijn werk nog steeds met heel veel passie.

Ik doe wat ik heel graag doe. En als loopbaancoach doe ik, wat ik denk dat belangrijk is.

Ik voeg waarde toe en maak het verschil.

 

Voel ik me zeker in mijn loopbaan?

Die vraag gaat niet over baanzekerheid, want die bestaat niet.

Die vraag gaat erover of je erin gelooft dat je waarde toevoegt, waar je ook werkt.

En daarop kan ik volmondig met ‘ja’ antwoorden.

Ik voel me zeker in mijn loopbaan. Ik ervaar dat ik van betekenis ben voor mijn coachklanten en dus waarde toevoeg.

En doordat ik van betekenis ben voor mijn coachklanten voeg ik ook waarde toe aan organisaties.

 

Kan ik rijkdom verwerven?

Bij het antwoord op deze vraag moet je niet direct denken in euro’s.

Ook al is geld zeker belangrijk.

Maar er zijn andere vormen van rijkdom die veel belangrijker zijn en waarvan je de waarde niet kunt uitdrukken in geld.

Heb je bij mij een loopbaantraject gevolgd, dan weet je waarop ik doel.

Bijvoorbeeld familie, vrienden, hobby’s, persoonlijke ontwikkeling, leren, maatschappelijke bijdrage leveren.

Als je deze zaken mist, dan kan geld die leegte niet vullen.

En om mijn antwoord te geven op de vraag Kan ik rijkdom verwerven?  

Ja, volop.

Mijn werk als loopbaancoach stelt mij in staat om te bouwen aan de diverse vormen van rijkdom.

Er is een balans tussen mijn werk en wat daarnaast belangrijk voor me is. Ik heb tijd om te besteden aan mijn gezin, mijn familie, hobby’s, te leren, mijn maatschappelijke bijdrage te leveren.

 

Kom ik in de rol als loopbaancoach optimaal tot mijn recht?

Ook die vraag kan ik volmondig met ‘ja’ beantwoorden.

Ook al had ik misschien ook een heel goede dokter kunnen worden.

Of een goede verloskundige, zoals ik zelf weleens heb gedacht.

In mijn werk als loopbaancoach kan ik mijn potentieel heel goed kwijt. En kan ik de bijdrage leveren aan de samenleving, die bij me past.

Ik ervaar voldoening in mijn werk. En ik kom er ‘s morgens graag mijn bed voor uit.

 

 

Wat zou jouw antwoord zijn op de 5 loopbaanvragen die je je zou moeten stellen?

  • Heb ik ergens spijt van met betrekking tot mijn loopbaan?
  • Ben ik trots op het werk dat ik doe?
  • Voel ik me zeker in mijn loopbaan?
  • Kan ik rijkdom verwerven?
  • Kom ik in mijn huidige rol optimaal tot mijn recht?

 

Neem de tijd om jezelf de 5 loopbaanvragen te stellen. Voordat je vervalt in de dagelijkse routine.

En kom indien nodig tot een besluit.

Je weet me te vinden.

 

 

 

 

Iemand die vaker zeurt om salarisverhoging, krijgt hem ook

Als je tenminste Kilian Wawoe, beloningsexpert en schrijver van het boek Het Nieuwe Belonen moet geloven.

Misschien is zeuren in dit verband niet helemaal het juiste woord. En is erom vragen beter.

Met zeuren bedoelt Kilian Wawoe duidelijk maken dat het belangrijk voor je is.

En op de juiste manier zeuren levert je wat op.

Bij kinderen kan dat het felbegeerde koekje, snoepje of filmpje kijken zijn. Of het krijgen van meer zakgeld.

En bij volwassenen bijvoorbeeld salarisverhoging.

 

Kennelijk kunnen niet alleen mannen beter zeuren dan vrouwen.

Ook jonge jongens kunnen beter zeuren dan kleine meisjes.

Je gelooft het of niet, maar uit onderzoek onder kinderen van een jaar of 13, blijkt dat jongens meer zakgeld krijgen dan meisjes.

De verklaring van de onderzoekers daarvoor is dat jongens meer om zakgeld vragen dan meisjes. En dat een kind dat meer zeurt, meer krijgt.

Op de juiste manier zeuren levert je wat op. Bij volwassenen bijvoorbeeld salarisverhoging.

Heb je zelf kinderen, dan is het interessant om eens na te gaan of je dat herkent bij jouw kinderen.

En zeker zo interessant is het om bij jezelf eens te rade te gaan, hoe je ermee omgaat als een van je kinderen zeurt om iets.

Mogelijk wordt jouw gedrag ook beïnvloed door hoe er gezeurd wordt. Heel subtiel en tactisch of eerder storend en vervelend.

 

Of het nu komt doordat mannen meer zeuren over salarisverhoging of doordat ze slimmer onderhandelen over hun salaris, tussen mannen en vrouwen blijkt er een salarisverschil van zo’n 15%.

Nu werken vrouwen vaak in beroepen die minder betaald worden. En ook vaker in deeltijd.

Maar dan nog is er een salariskloof tussen mannen en vrouwen.

Overigens blijkt ook dat mensen afkomstig uit etnisch-culturele minderheden minder verdienen dan mainstream autochtone Nederlanders.

En dat je 5 tot 15% minder verdient als je een regionaal accent hebt.

Daarbij groeit het inkomensverschil, naarmate het dialect meer afwijkt van het standaard Nederlands.

 

Het toekennen van salaris is geen eerlijk proces.

Zo blijkt bijvoorbeeld dat vrouwen, die knapper zijn dan gemiddeld meer verdienen.

En dat lang zijn, accentloos Nederlands spreken en een gewicht van zo’n 90 kilo het optimum voor een man is.

Ik vind het bijzondere bevindingen.

Maar ik ga ervan uit dat Kilian Wawoe als beloningsexpert het niet uit zijn duim gezogen heeft.

 

Kilian Wawoe was HR-manager bij ABN-AMRO.

Hij ziet grote salarisverschillen in de diverse branches. Daarbij constateert hij een onderscheid tussen organisaties die geld verdienen en die dat niet doen.

De bankensector is volgens hem een sector waarin goed geld wordt verdiend. En de salarissen over het algemeen ook hoger zijn dan in andere sectoren.

Dat is ook de ervaring van mijn coachklanten uit die sector.

Met regelmaat is het schrikken voor hen als ze geconfronteerd worden met de salarissen buiten de bank.

Vaak zullen ze dan ook bij een overstap naar een functie buiten de bank, qua salaris een veer moeten laten.

 

Als je van jezelf vindt dat je goed werk doet en als je salarisverhoging wilt, onderhandel dan over je salaris”, zegt Kilian.

Wil je dat niet heel direct doen, doe het dan subtiel.

Laat je manager horen wat je successen zijn. Of misschien nog mooier, zorg dat jouw collega’s in positieve zin over je praten.

Ga de onderhandeling over je salaris in, op een goed moment.

Bijvoorbeeld net na een goede beoordeling of als je een project goed hebt afgerond.

In elk geval “Vraag erom”.

 

En krijg je op jouw vraag een negatief antwoord, stel dan de volgende vraag:

Wat moet ik dan wel doen om een salarisverhoging te krijgen?

Met die vraag leg je jouw probleem bij jouw manager.

Blijf bij jouw standpunt en realiseer je “Iemand heeft altijd nog iets in zijn achterzak zitten”.

 

 

 

Ben je niet tevreden met je salaris? 

Zodanig dat je salaris je demotiveert in je werk omdat jouw bijdrage niet op waarde wordt geschat?

Wil je je bakens graag verzetten en een andere loopbaanrichting inslaan?

Neem contact met me op.

Graag begeleid ik jou naar meer waarde werk.

 

 

 

 

 

‘De strijd’, dat kreeg ze van huis uit mee als de zin van het leven.

‘Ze’ is Jolande Withuis, geboren en alweer heel wat jaren woonachtig in Zutphen.

Toevallig is Zutphen al ruim vijfentwintig jaar ook mijn woonplaats. En in zo’n klein stadje kom je medeburgers nogal eens tegen.

Vorig jaar kwam van Jolande Withuis weer een boek uit, getiteld Raadselvader.

Zo’n titel nodigt mij uit. Op de een of andere manier wordt mijn nieuwsgierigheid dan gewekt.

Ik lees graag biografieën en autobiografische verhalen. Zeker als het verhaal gaat over iemand die ik ken.

Raadselvader heb ik in een ruk uitgelezen.

Ook door de nodige herkenningspunten in het boek.

Niet omdat ik ook een raadselvader heb gehad. Wel omdat ik verschillende locaties herken, die ze beschrijft in haar boek.

En ik het leuk vind om de verhalen daaromheen te lezen.

Door het andere tijdsbestek wordt ons stadje dan weer in een ander daglicht geplaatst.

 

De CPN, de Communistische Partij van Nederland; zegt die jou nog wat?

‘De strijd’, dat kreeg ze van huis uit mee als de zin van het leven. © foto: arindambanerjee / Shutterstock.com

 

Withuis’ vader was journalist bij De waarheid, het dagblad van de CPN.

Over haar vader zegt Jolande:

Mythes, mist, mysterie – mijn vader was er een meester in.

Zijn dood, in 2009, trof mij harder dan ik had verwacht. Met verbazing zag ik de tientallen condoleancebrieven binnenstromen, waaruit bleek dat mijn vader voor veel mensen belangrijk was geweest.”

Ze realiseerde zich dat ze haar vader eigenlijk nauwelijks had gekend. Dat hij zich niet had láten kennen.

En zo begon ze haar speurtocht naar hem en naar hun gedeelde verleden.

De resultaten van die speurtocht lees je in Raadselvader.

 

Jolande Withuis kwam ik weer tegen in het boek De zin van het leven, geschreven door Fokke Obbema.

Misschien herinner je je Fokke Obbema nog van een van mijn vorige e-mails, geïnspireerd op een lunchinterview met hem voor NRC.

Als journalist bij de Volkskrant schreef hij een artikel over de hartstilstand die hij had gehad.

Dat artikel maakte veel los bij de lezers.

Die ervaring riep bij Obbema zelf grote levensvragen op, wat resulteerde in een veertigtal gesprekken met uiteenlopende gesprekspartners.

Bij die gesprekken was steeds de leidende vraag ‘Wat is de zin van ons leven?’.

 

Jolande Withuis was een van de geïnterviewden.

Door het lezen van Raadselvader werd ik nieuwsgierig naar haar antwoord op de vraag ‘Wat is de zin van ons leven?’

‘De strijd’, dat antwoord kreeg ze van huis uit mee als de zin van het leven.

En welke strijd? Zo vraag je je misschien af.

Dat was de strijd tegen het kapitalisme en voor een socialistische samenleving.

Met de paplepel was haar dat ingegoten.

Ze leerde dat ze maar een klein radertje was in een historisch proces.

Ze kreeg niet mee, dat je zelf iets over je leven te zeggen hebt. Dat jouw leven van jou is.

 

Als negentienjarige werd ze CPN-lid.

Een paar jaar later viel ze geleidelijk aan van het communistische geloof af.

Voor haar voelde dat als een verrijking, een bevrijding.

Vanaf dat moment mocht ze genieten van kunst en muziek en had het leven geen vastgesteld doel meer.

Haar levensles?

“Probeer het goed te hebben met jezelf. Als je vriendelijk over jezelf kunt denken, ben je aardiger voor anderen.”

 

Haar antwoord op de vraag ‘Wat is de zin van ons leven?’

Geen. Wij zijn een van de miljoenen organismen op aarde die leven en sterven. We zijn er gewoon.”

En ze zegt:

Als er iets de zin van het leven is, is het wel: je eigen talenten vinden, je eigen wensen, het vak waar je je talenten in kunt ontplooien.

In dat opzicht voelt Jolande Withuis zich heel tevreden.

Wanneer het in mijn leven lekker loopt, komt de vraag naar de zin niet op. Ben ik aan het onderzoeken dan voel ik me gelukkig. Schrijven is de zin van mijn leven.”

 

 

 

Hoe is dat voor jou?

Heb jij je eigen talenten gevonden, je wensen en het vak waar je je talenten in kunt ontplooien?

Zo nee, neem gerust contact met me op.

Graag help ik je om jouw talenten en jouw wensen boven water en scherp te krijgen.

En de koppeling te maken naar hoe jij je wensen kunt realiseren en waar je jouw talenten verder kunt ontplooien.

 

 

 

 

 

Veel vallen, stof afslaan en doorgaan

Adje pelt een sinaasappel met zijn zakmes.

De schil mag niet breken.

Een oranje slang krult boven zijn schoot.

Sissend met een witte buik. Adje laat hem dansen.

Hij is een slangenbezweerder bij het circus.

Komt dat zien.

De mensen staan voor hem in de rij. Ze klappen.

Hij buigt. Zijn naam staat geschreven in duizend lampjes.”

 

Uit: Adje Doet Heel Druk, geschreven door Adriaan van Dis

Adviezen van Adriaan van Dis voor een rijker leven.

Adje Doet Heel Druk is een Gouden Boekje voor kindjes van 3+. Grappige teksten en de illustraties van Lotte Klaver maken het boekje helemaal af.

De verhaaltjes zijn sterk autobiografisch. Adje is de jonge Adriaan.

 

Dat werd me heel duidelijk na het beluisteren van een interview met Adriaan van Dis in het kader van de serie interviews ‘Lessen voor een rijker leven’.

 

Adriaan was een druk klein ventje. Zelf zegt hij: “een ADHD’er, ook al werd dat toen niet zo genoemd.”

 

En ook al is het boekje over Adje heel leuk en ontzettend humoristisch geschreven, het leven van Adriaan was niet zo lichtvoetig.

Integendeel.

Het leven is volgens hem hoogst ingewikkeld.

Geluk is een fonkeling.

Geluk is iets dat je een enkele keer overkomt. 

Je wordt niet gelukkig van het nastreven van geluk.”

 

Een bucket list is volgens hem dan ook een recept voor ongeluk.

 

Leven is geen aaneenschakeling van leuke momenten.

Tegenslagen horen erbij. Daar zal je mee moeten leren leven.

Veel vallen, stof afslaan en doorgaan.”

 

Tegenslagen heeft hij zelf volop ervaren.

Zijn vader, Victor Justin Mulder, is geboren in Nederlands-Indië uit Nederlandse ouders.

Zijn moeder was Maria van Dis uit Breda.

Maria en Victor Justin leerden elkaar kennen in Nederlands-Indië.

Maria had toen al drie dochters uit haar huwelijk met een KNIL-militair.

Ook zijn vader was in Indië al eerder getrouwd geweest.

Met name door het eerdere huwelijk van zijn vader konden zijn vader en moeder niet met elkaar trouwen.

Officieel kreeg hij, als onwettig kind, de naam van zijn moeder.

Om de schone schijn op te houden droeg hij voor de buitenwereld de naam van zijn vader.

Pas toen hij ging studeren gebruikte hij Van Dis als achternaam; de achternaam van zijn moeder.

 

Enerzijds voelde hij zich slachtoffer. Maar met name ook door jarenlange therapie kwam hij erachter dat hij ook een tarter, een uitdager was.

 

Je kunt het je misschien niet voorstellen, maar Adriaan was een slechte speller.

Zoals hij zelf zegt, “Misschien ben ik daardoor wel een goede schrijver geworden.

Misschien zijn we wel de hele dag bezig om te vechten tegen iets dat we niet kunnen.

Vechten piloten tegen hun hoogtevrees. En chirurgen tegen hun niet tegen bloed kunnen.”

 

Hij vond zichzelf ook dom.

In eerste instantie heeft hij de MULO gevolgd.

Toen de HBS en daarna de Kweekschool, nu PABO.

Uiteindelijk deed hij doctoraalexamen in de Nederlandse en Zuid-Afrikaanse letterkunde.

 

 

In het interview in het kader van ‘Lessen voor een rijker leven’ kreeg Adriaan van Dis de volgende vraag voorgelegd:

”Als je terug zou kunnen gaan in de tijd, welk advies geef je je jongere zelf voor een rijker leven?”

Adriaan van Dis geeft een aantal tips waar niet alleen zijn jongere zelf, maar ook jij en ik ons voordeel mee kunnen doen.

 

Volgens Adriaan is je verplaatsen in de ander de hoofdopdracht in het leven.

“Dat leer je niet op school.

Verplaatsingskunde leer je door boeken te lezen en films te kijken.”

 

Er zijn twee wolven in je die om aandacht vragen.

Een grommende wolf die boos is en gevoed wil worden en een kwispelende wolf die om aandacht vraagt.

Wie moet je voeden?

Je moet die voeden die het beste voor je is.

Je moet niet de slechte kanten in jezelf voeden, maar de goede kanten.”

 

“Denk niet zoals iedereen denkt.

Geef ook ruimte aan je grilligheid en verken je donkere kanten.”

Zo zegt Adriaan van zichzelf enerzijds een enorme pleaser te zijn; zijn theatrale kant.

Zijn kwetsbare en rebelse kant komt naar voren als schrijver.

 

Ben je niet gelukkig met je werk en voel je je niet op je plek?

Stap eruit. Laat je niet tegenhouden door mensen die je elke keer terugtrekken.

Wees niet zo bang. Steek je tong uit. Vertrouw op jezelf.

Plan je eigen pad en kies wat jij wilt.”

 

En nog een paar andere uitspraken:

Wind je niet op. Geef de klootzakken de ruimte en kijk ernaar.”

en

“Ga eens poëzie lezen. Poëzie is de ingekookte vorm van literatuur”

 

 

Ben jij in je werk vooral bezig met wat je niet goed kunt?

Of ben je niet gelukkig met je werk en voel je je niet op je plek?

Neem de tip van Adriaan van Dis ter harte.

Durf eruit te stappen. Laat je niet tegenhouden door mensen die je elke keer terugtrekken.

Vertrouw op jezelf.

 

En kun je daarbij een goede gids en steun in de rug gebruiken?

Je weet hoe je me kunt contacten.

 

Wil je het hele interview met Adriaan van Dis nog eens horen? Dat kan hier.

 

 

 

 

Wie zijn de passagiers in jouw bus?

Psychologische theorieën, die dagelijks gedrag van mensen in allerlei situaties verklaren, daar ben ik erg in geïnteresseerd.

En ik deel die theorieën graag met jou en mijn coachklanten, omdat ze vaak heel verhelderend zijn.

 

Een voorbeeld daarvan is de psychologie van de ikken.

Dat is de psychologie die ervan uitgaat dat je persoonlijkheid opgesplitst is in delen; subpersonen, kanten van jezelf, stemmen, ikken of energieën.

Bij subpersonen en stemmen moet je dan overigens niet denken aan psychische stoornissen.

Dat we allemaal meerdere ikken in ons hebben, is een normaal en gezond verschijnsel.

Het is een gegeven van onze persoonlijkheid.

 

Zoals ook beschreven in het werk van Assagioli, kun je je persoonlijkheid vergelijken met een bus vol ikken.

 

De psychologie van de ikken; je persoonlijkheid opgesplitst in subpersonen

 

De verschillende ikken zijn jouw passagiers en als het goed is, dan zit jij als chauffeur aan het stuur.

Jouw ikken hebben uiteenlopende ideeën over hoe de bus bestuurd moet worden en laten dat ieder op zijn tijd, ook horen.

Helaas duwen ze jou als chauffeur ook geregeld opzij en nemen zelf het stuur in handen.

 

In een gesprek met een van mijn coachklanten kwam de psychologie van de ikken ter sprake.

Graag wil hij zijn gevoelskant en zijn intuïtie meer inzetten in zijn werk.

In plaats van zijn rationele kant, die nu geregeld de boventoon voert.

 

Volgens de psychologie van de ikken ontwikkel je jouw subpersonen om te overleven en dat begint al vroeg.

Die subpersonen worden gevormd op basis van normen en waarden in je gezinssysteem, de plek waar je woont, je religie, cultuur en wat je in je leven meemaakt.

Ik las daar onlangs mooie voorbeelden van in een lunchinterview met Fokke Obbema in NRC.

Hij vertelt onder andere over zijn hartstilstand, twee jaar geleden.

 

In het interview geeft hij aan, hoe de omgeving waarin hij opgroeide zijn invloed had op de ontwikkeling van zijn subpersonen.

Zo was hij voor zijn hartstilstand naar zijn zeggen strak afgesteld en altijd gericht geweest op presteren.

In termen van de psychologie van de ikken was het zijn pusher die hem hard deed werken.

 

Als kind was het de manier om liefde van mijn ouders te krijgen.”

Zijn moeder was docent Nederlands op een gymnasium en zijn vader was specialist in Middeleeuwse handschriften en hoogleraar.

Zijn vader wilde dat zijn zoon ook de wetenschap in ging en had de route voor hem uitgestippeld.

 

Maar Fokke Obbema maakte zijn eigen keuze.

In 1991 begon hij bij de Volkskrant en in 2002 werd hij correspondent in Frankrijk.

Zijn gedroomde baan, maar wel hard werken om, zoals hij zegt, zijn bestaan daar te rechtvaardigen.

Wellicht speelde zijn innerlijke criticus daarbij een grote rol.

 

Bij zijn terugkeer, in 2007, met vrouw en dochter en een tweede dochter op komst, had hij bedacht dat hij over zingeving wilde schrijven.

Hij naar Pieter Broertjes, de hoofdredacteur.

„Die zei: ontzettend leuk idee, maar we hebben een chef economie nodig. Dus brave soldaat die ik ben, is het dat geworden.” (Brave soldaat als subpersoon)

 

Een jaar later brak de kredietcrisis uit, weer hard werken.

In 2010 solliciteerde hij naar de baan van Pieter Broertjes, maar die kreeg hij niet.

Hij kreeg een regeling waardoor hij een boek over China en Europa kon schrijven.

En de zin van het leven?

„Die was voor mij alle bordjes in de lucht houden. Je zit in de fase met jonge kinderen, je vrijheidsgraden zijn klein en je probeert controle over je leven te houden.

En in die controle was ik nogal afstandelijk”. (De controleur, als subpersoon)

 

Met het afstandelijke bedoelde hij, dat hij niet het diepere contact met de mensen om zich heen zocht en er vaak niet echt voor hen was.

Hij was altijd half of helemaal met zijn hoofd bij zijn werk.

„Geen zwakte laten zien, weinig emotie. Ik praatte er wel over, maar bij wijze van spreken achter een scherm.”

 

En had hij een hartstilstand nodig om dat te veranderen?

Veranderingen zijn altijd gradueel. Het is niet zo dat ik nu de hele tijd met een neergeklapt scherm door de wereld loop en overal voor opensta.

Maar in mijn beleving is er wel een verschil, ja.

Ik durf kwetsbaarder te zijn, ook tegenover mijn vrienden. Het hoeft niet alleen maar over successen te gaan, of over de vakantie in Toscane en hoe lekker de witte wijn was.

De pijnlijke dingen mogen benoemd worden”.

 

En die openhartigheid over de stress en onzekerheid na zijn redding heeft hem veel opgeleverd.

Bijvoorbeeld betere gesprekken met zijn vrienden.

Zelf noemt hij het „meer vrouwelijke” gesprekken.

 

 

 

Wacht niet af tot je onderuitgaat, omdat je niet meer aan het stuur zit.

Of ongelukkig bent met de subpersonen die in je leven de boventoon voeren.

Laat je inspireren door Ik ken mijn ikken.

En laat het me horen als je het gesprek aan wilt gaan over en met jouw ikken.

 

 

 

 

Een plek waar naar rechtvaardigheid wordt gestreefd

Daar wilde Ellie Lust werken.

Afgelopen zaterdag las ik een interview met haar in NRC.

Misschien ken je haar van Opsporing Verzocht, Wie is de Mol? of Ellie op patrouille.

Als kind wilde ze al bij de politie.

Ze vond het stoer en te gek werk.

Maar misschien nog belangrijker voor haar was, dat de Politie een plek was waar naar rechtvaardigheid werd gestreefd.

Kennelijk was ze als roodharig meisje gepest.

Mede daarom waren de verzetsverhalen van haar grootvader voor haar belangrijk.

En herinnert ze zich nog altijd het opschrift bij een standbeeld op een pleintje in Oostzaan waar ze elke dag met haar tweelingzus langsliep: ‘Waar recht tot onrecht wordt, wordt verzet tot plicht.

 

Ze is nu bijna een jaar weg bij de politie en doet nu TV-werk.

Ze geeft te kennen wel geworsteld te hebben met de vraag of TV-werk voor haar wel zinvol genoeg is.

Want als je voor de politie werkt, dan heeft dat per definitie maatschappelijk impact.

En als je voor de TV werkt?

 

Ze wil in elk geval iets doen waarmee ze nog steeds iets mag betekenen voor de mensen.

Het is voor haar de vraag of Ellie op Patrouille dat is.

 

Het sterkt haar dat veel mensen het een leuk programma vinden.

Ze probeert in elk geval bewust goede keuzes te maken met betrekking tot de programma’s die ze maakt.

Zodat ze achter de doelen van haar werk kan blijven staan.

 

Want, als je je niet kunt verenigen met de doelen van je werk, dan gaat er iets wringen op zingevingsgebied.

 

Cruciaal is een goede match tussen persoonlijke waarden en doelen van je werk

 

Een paar mooie voorbeelden daarvan las ik in het boek Werk verzetten van Henk Steenhuis.

Het zijn tevens voorbeelden van hoe je als werknemers invloed kunt ontwikkelen op de doelstellingen van je werkgever.

 

Zo hebben medewerkers van Nutricia zich verzet tegen genetisch gemodificeerde groenten in babyvoeding.

Als die groente in de babyvoeding zou worden gestopt, dan wilden zij die voeding niet meer aan hun eigen kinderen geven.

Dat argument was doorslaggevend voor hun werkgever.

 

En zo kreeg Roger van Boxtel, die in 2015 voor één jaar werd benoemd als president-directeur van NS, de opdracht de rust en het vertrouwen te herstellen bij de spoorwegen.

Dat bleek ook wel nodig.

Want van Boxtel kreeg van medewerkers te horen dat ze het gevoel hadden voor een criminele organisatie te werken.

En als je jezelf niet wilt vereenzelvigen met een crimineel, dan wil je als werknemer niet voor zo’n organisatie werken.

 

 

En nu aan jou de vraag ‘Hoe zit jij in je werk?’.

Hoe zou je de doelen formuleren van de organisatie waar je werkt?

Is er voor jouw gevoel een goede match tussen jouw persoonlijke waarden en de waarden die men hanteert in de organisatie waar je werkt of waarvoor je werkt?

Zo nee, waarin verschillen die waarden?

Hoe zorgen die verschillen voor wrijving?

Met wie zou het zinnig zijn het gesprek aan te gaan over die verschillen tussen jouw persoonlijke waarden en de waarden in je werk?

 

En welke bijdrage levert de organisatie waar je werkt?

In hoeverre matcht dat met waar jij een bijdrage aan wilt leveren?

Heb je überhaupt een beeld van waar jij een bijdrage aan wilt leveren met het werk dat je doet?

 

 

Heb je het gevoel dat er geen goede match is tussen jouw persoonlijke waarden en de doelen van je werk?

Het in jouw huidige werk wringt op zingevingsgebied?

Zou je daarover het gesprek aan willen gaan buiten je werk?

Neem gerust contact met me op.

Graag maak ik tijd voor je vrij.

 

 

 

 

Mensen werken om zich goed te voelen, ergens bij te horen en een bijdrage te leveren

En niet om geld te verdienen.

Dat is de rotsvaste overtuiging van Ricardo Semler, Braziliaanse ondernemer en bestsellerauteur.

Die overtuiging stamt al uit de jaren 80.

Toen nam hij het machinebedrijf Semco van zijn vader over en raakte overspannen.

 

Hij besloot daarop een bedrijf te creëren waarin hij zelf graag zou willen werken.

Hij ontsloeg eerst 2/3 van het zittende management.

Vervolgens liet hij de rest van het personeel alles zelf bepalen; de werktijden, het salaris en ook hun managers.

Ook dat laatste pakte in de praktijk goed uit, want medewerkers kiezen iemand aan wie ze hun succes willen toevertrouwen.

 

Hij stelde fabriekscomités in, met vertegenwoordigers van alle bedrijfsfuncties.

Die comités kregen de bevoegdheid om te beslissen over alle aspecten van productie en verkoop.

Werknemers werden gezien en behandeld als de volwassenen die ze zijn.

Regels en procedures werden bijna volledig overboord gezet.

 

Voor zijn hotel Boutanique werden de medewerkers gekozen op basis van de vraag: mag je hem of haar? Wil je met hem of haar werken?

De mensen die de selectie deden, hadden geen lijst met competenties. Het was dus een keuze op basis van intuïtie.

 

Bij zo’n organisatie zou mijn coachklant graag werken.

Of mooier nog, als coördinator een organisatie managen volgens de ideeën van Semler.

 

Want waar hij nu zit, trappen directeur en MT naar zijn mening regelmatig op de rem.

Jarenlang heeft hij als freelancer gewerkt.

Hij ziet creatieve oplossingen, maar ziet het bedrijf geen keuzes maken.

Werk kost hem veel energie en hij krijgt er geen energie voor terug.

Hij krijgt geen waardering voor zijn werk en kan in zijn werk niet zichzelf zijn.

 

Hij is dan ook op zoek naar werk waarin hij zich nuttig kan voelen.

In een pure en oprechte omgeving.

Het is dan ook geen wonder dat het gedachtegoed van Semler hem aanspreekt.

Zowel bedrijfsgericht als mensgericht.

 

Toevallig (hoezo toevallig?) zag ik op de dag van het gesprek met mijn coachklant, een documentaire van IMU BV; de Internet Marketing Unie.

Tonny Loorbach en Martijn van Tongeren zijn de eigenaren.

De manier waarop zij hun organisatie hebben vormgegeven doet me denken aan de ideeën van Semler.

 

Ik vind het mooi om van hen te horen dat ze bij de selectie van nieuwe medewerkers in de eerste plaats kijken naar de persoon; of die past in de groep.

Of ze met zo iemand graag een biertje zouden drinken.

En of ze graag samen op vakantie zouden gaan.

Het team moet volgens hen het gevoel geven van een hechte familie.

 

En bij selectie kijken ze eerder naar de potentie van een persoon dan naar zijn skills.

 

De medewerkers krijgen veel vrijheid.

Vrijheid zonder eenzaamheid is hun slogan. En in vrijheid verbonden.

Medewerkers hebben geen omlijnde functies, maar verantwoordelijkheden die ze in vrijheid in kunnen vullen.

Hoe ze dat willen doen en waar ze dat doen, is aan hen.

 

Ik vind het ook mooi hoe Tonny Loorbach onder één paraplu inmiddels zes bedrijven heeft en een zevende in de opstart.

En om te groeien moet je durven loslaten, zegt hij.

 

Dat geldt ook voor jou.

Zeker als je niet gelukkig bent met het werk dat je doet.

 

Verandering is eng en mensen doen niet graag enge dingen.

Tenminste, de meesten niet.

Conservatisme kun je zien als een uiting van angst.

Het is een fundamentele menselijke angst om controle kwijt te raken, om het onbekende te omarmen.

Mensen willen geen controle loslaten, omdat ze dan de richting niet kunnen bepalen.

 

Volgens Semler zijn we hokjesmensen geworden en leven we in hokjesverband.

 

Mensen werken om zich goed te voelen, ergens bij te horen en een bijdrage te leveren

 

Ons leven is ingekaderd.

Zodanig dat voor veel mensen alleen iets ingrijpends hen tot verandering kan brengen.

Bijvoorbeeld een ernstige ziekte, een burn-out, een ontslag.

 

 

Durf uit je kader te stappen.

Sluit het verleden af en kijk met nieuwe ogen wat de wereld je brengt.

En wie weet, blijkt onvoorspelbaarheid een van de mooiste dingen in het leven.

Ook voor jou.

 

 

Vind je het te spannend om op eigen houtje het avontuur aan te gaan?

Graag loop ik als gids met je mee.

Je weet hoe je me kunt contacten.

 

 

 

 

Intuïtief werken zonder voorbedacht concept

Lang niet iedereen kan het.

En al kun je het, dan wil dat nog niet zeggen dat je het doet.

Paloma Varga Weisz (Mannheim 1966) doet het.

 

Afgelopen weekend bezocht ik een tentoonstelling van haar oeuvre in het Bonnefantenmuseum in Maastricht.

Getriggerd was ik door een tweetal artikelen over haar werk, in NRC.

Voor het eerst is haar werk nu in Nederland te zien.

 

Bijzonder is dat veel van haar oeuvre houtsnijwerk is.

Graag had ze namelijk een opleiding gevolgd aan een Duitse kunstacademie, maar daar werd ze in eerste instantie afgewezen.

Als alternatief schreef ze zich in voor de traditionele opleiding tot houtsnijder, in het Beierse Garmisch-Partenkirchen.

Stel je voor, drie jaar lang zwoegen op het snijden van hout tussen wat zij noemt, ‘de knickerbockers en koekoeksklokken’.

Naar haar zeggen, is het net zo moeilijk als ‘het ragfijn schillen van een houten appel’.

Nu weet ik niet hoe moeilijk het schillen van een houten appel is.

Maar vroeger werd mij als kind voorgehouden dat het heel knap was als je een appel kon schillen in een lange ongebroken schil.

Zo knap, dat je dan kon trouwen.

En als het schillen van een gewone appel in één doorlopende beweging al knap gevonden wordt, hoe vaardig moet je dan wel niet zijn als je een houten appel ragfijn wilt kunnen schillen.

Volgens Varga Weisz vereist het zowel grote fysieke als mentale inspanning en concentratie.

 

Overigens werkt zij niet alleen met hout.

Ze werkt met diverse materialen. Bijvoorbeeld ook met klei, met textiel of met samengestelde materialen.

Zij maakt driedimensionaal werk, films, hele installaties en ze schildert en tekent op papier.

 

Ze laat zich onder andere inspireren door werk van andere kunstenaars. Bijvoorbeeld door een tekening van Rembrandt, maar ook door pre-christelijke, middeleeuwse verbeeldingen.

In die laatste afbeeldingen en verhalen kon iedereen een andere rol aannemen dan je zou verwachten op basis van identiteit en rolpatronen.

Lichamen van zowel mannen als vrouwen hebben in het werk van Varga Weisz dan ook geen vaste vorm en mensen en dieren werden gecombineerd tot magische wezens.

 

Intuïtief werken zonder voorbedacht concept

 

Ze werkt deels intuïtief en zonder voorbedacht concept. Als ze begint aan een beeld, weet ze nog niet wat het wordt.

Bijvoorbeeld bij ‘Wilde Leute’ zet ze de beelden neer op een bijna schetsmatige manier.

En de terracotta figuurtjes zien eruit als wonderlijke androgyne mensen met dierenoren.

 

Met betrekking tot werk kunnen mensen als Varga Weisz een mooie inspiratiebron zijn.

 

Het was voor haar geen makkelijke weg om te komen waar ze nu is.

Ze werd in eerste instantie afgewezen voor de kunstacademie, maar stond open voor een alternatieve route.

Uit haar uitlatingen over de opleiding tot houtsnijder blijkt wel dat die opleiding qua omgeving niet echt haar wereld was.

Zeker als je in aanmerking neemt, dat zij als dochter van een kunstenaar opgroeide in een heel creatieve context.

Maar zij heeft zich het ambacht van het houtsnijden meer dan eigen gemaakt.

Na haar opleiding als houtsnijder werd ze aangenomen aan de kunstacademie in Düsseldorf.

En het houtsnijden is nu voor haar een belangrijk unique selling point.

 

Ze durft het proces zijn gang te laten gaan en durft te vertrouwen op haar intuïtie.

Ook in een begeleidingstraject naar ander werk is dat een belangrijke factor, die van invloed is op het resultaat van het traject.

Durf het proces zijn gang te laten gaan.

Want een tot in detail voorbedacht concept kan het proces flink verstoren.

Dat geldt ook voor een interne (of externe) criticus die steeds weer zijn oordeel laat horen.

 

En zit je eenmaal in het uitvoerende proces, ga dan voor het werk dat je voor ogen hebt.

Ga door, ook al vraagt het zowel grote fysieke als mentale inspanning en concentratie.

 

Zoals een van mijn oud-coachklanten naar aanleiding van mijn vorige e-mail het verwoordde:

Je e-mail was weer een goede trigger om werk te maken van het product dat ik in de markt wil zetten.

Dan zie ik jouw mailtje en denk, oh ja, gas er op!”

 

En gas erop blijven houden, denk ik dan.

 

Zou je eigenlijk wel ander werk willen, maar voelt het ook wel lekker comfortabel om te blijven zitten waar je zit?

Durf kritisch in eigen spiegel te kijken en neem zelf de regie over je loopbaan.

Durf de stap naar buiten te zetten en maak werk van ander werk.

En kun je daar wel wat hulp bij gebruiken?

Neem gerust contact met me op.

 

 

 

 

Laat je horen en participeer als je de geest krijgt

Dominee James Cleveland nodigt alle bezoekers daartoe uit.

Dat is inmiddels al bijna vijftig jaar geleden, maar nu te zien in de concertfilm Amazing Grace.

De film Amazing Grace is de registratie van twee optredens van Aretha Franklin in de Afro-Amerikaanse New Temple Missionary Baptist Church in de wijk Watts van Los Angeles.

Bij die registratie was het niet helemaal goed gegaan.

Sydney Pollack, de regisseur, had geen ervaring met het maken van muziekfilms. Hij was vergeten de clapperboards mee te nemen.

Die heb je nodig als je later beeld en geluid wilt synchroniseren.

Je hebt zo’n clapperboard vast wel eens gezien. Je weet wel, zo’n beschrijfbaar bord met een scharnierend deel dat hoorbaar tegen het bord kan worden geklapperd.

Op zo’n board wordt bij een filmproductie aangegeven om welk camerastandpunt, welke scène en welke take het gaat. Soms ook om welke productie het gaat en welke regisseur erbij betrokken is.

 

Laat je horen en participeer als je de geest krijgt

 

Maar goed, die clapperboards was Sydney Pollack dus vergeten.

En het werd echt monnikenwerk om beeld en geluid goed gesynchroniseerd te krijgen.

Maar dat was nog niet alles.

Toen de film eenmaal klaar was, verzette Aretha Franklin zich tegen het alsnog uitbrengen van de film. Om onduidelijke redenen.

Maar nu kun je de film zien.

En het schijnt een revelatie, een openbaring te zijn.

 

‘Hoe Aretha Franklin de geest kreeg’; de kop van het artikel in NRC trok mijn aandacht.

Wellicht ken jij ook van die momenten dat je de geest krijgt. Bijvoorbeeld dat je ineens je huis gaat opruimen, terwijl je al tijden tegen de rommel aankijkt en er niets gebeurt.

Of dat je ineens gaat sporten of anderszins een gezonde wending aan je levensritme geeft.

 

Maar wat is dan die geest? Is het een moment van inspiratie of gewoon een spontane energie boost?

Een spontane energie boost alleen is volgens mij niet genoeg om de geest te krijgenDe geest krijgen heeft vooral te maken met inspiratie.

Waardoor energie vrijkomt.

In de film nodigt dominee James Cleveland bezoekers uit om zich te laten horen en te participeren als ze de geest krijgen.

Als ze geïnspireerd worden door het optreden van Aretha Franklin, het begeleidende koor, de musici en de hele entourage.

En als je de beelden ziet, dan is het meer dan inspiratie. Het is eerder vervoering.

 

Het krijgen van de geest; een moment van helder inzicht of een helder weten. Ineens zien, weten en voelen dat het anders kan of moet.

Dat kan ook op het gebied van werk.

Dat je ineens de geest krijgt en voor jezelf heel helder hebt dat je het huidige werk niet langer wilt doen. En dat het tijd is om jouw bakens te verzetten.

Of dat je tot de conclusie komt dat alleen het door werken van een zelfhulpboek jou niet gaat helpen om jouw koers naar de toekomst uit te stippelen.

Ik hoor het met regelmaat van potentiële klanten, die contact met me leggen. Gisteren zelfs drie.

 

Het is ook slim om je op zo’n moment mee te laten nemen in de flow en gebruik te maken van de energie die vrijkomt om zaken naar jouw hand te zetten.

Want grijp je het moment van helderheid niet, dan loop je het risico dat als vanzelf een verdedigingsmechanisme in gang wordt gezet. Een mechanisme met als doel om alles bij het oude te houden.

Daar zit je dan met je ingeving en direct begint een interne dialoog met een sluwe gesprekspartner. De interne saboteur die heel goed weet hoe die jou ertoe kan aanzetten om alle plannen te laten varen. Of op zijn minst uit te stellen.

Wees hem voor en gun hem geen spreektijd. Neem een besluit.

 

 

Maak je interesse kenbaar voor het programma ‘Bouw je ideale loopbaan’.

En twijfel je of een programma in een kleine groep aansluit bij jouw behoeften, of dat een individueel coachtraject misschien beter bij je past?

Bel (0575-544588/ 06-54762865) me gerust.

 

 

 

 

 

Succes door slim in te spelen op behoeften in de markt

Slim waren ze, Daan van Renselaar en Wilco van de Kamp.

Acht jaar geleden hebben ze Stella fietsen opgericht.

Met een omzet van honderd miljoen euro is Stella marktleider in e-bikes.

 

Zelf heb ik geen Stella en ook geen e-bike.

Ik heb een mooie, sportieve, snelle fiets, waarop ik op eigen kracht heel wat kilometers weg kan trappen.

 

Succes door slim inspelen op behoeften in de markt

 

Toch vind ik het mooi hoe van Renselaar en van de Kamp succesvol hebben ingespeeld op de behoeften in de markt.

Hoe zij hun business hebben opgezet en hoe ze gegroeid zijn tot wat ze nu zijn.

 

Het begon vanuit de schuur van de ouders van Daan van Renselaar in Nunspeet.

Daan’s moeder wilde graag een elektrische fiets. Maar ze liep aan tegen de hoge prijzen van de beschikbare e-bikes.

 

Bovendien had ze nog een ander probleem.

Want hoe laat je zo’n zware elektrische fiets van 30 tot 35 kilo, snel repareren als een reparateur ver weg zit?

Zeker als je zelf niet mobiel genoeg bent om die zware fiets weg te brengen.

 

Zo begon het en zo sleutelde Daan van Renselaar acht jaar geleden zijn eerste e-bike in elkaar.

En ja hoor, in het schuurtje achter z’n ouderlijk huis.

 

Nu verwachtte ik dat Stella de naam van zijn moeder is, maar dat is niet het geval.

‘Stella’ is ‘ster’ in het Latijn en het Italiaans.

Een ster blinkt en ‘ster’ staat ook voor uitblinken.

En uitblinken wil Stella met zijn e-bikes.

 

Om te beginnen blinken ze uit door de prijs.

In vergelijking met andere merken e-bikes.

Zij werken zonder tussenhandel (groothandel en fietsenwinkels).

Kennelijk scheelt alleen dat al, 40% op de prijs.

 

Maar ook blinken ze uit door hun service.

Je hoeft zelf niet te gaan slepen met je e-bike, als die onderhoud vraagt of gerepareerd moet worden.

Zij bieden service aan huis.

Ook al hebben ze inmiddels een aantal servicecentra, verdeeld over het land.

 

Service aan huis is duidelijk een van hun Unique Selling Points.

Die service kost hen wat, maar levert hen veel meer op, dan dat het hen kost.

 

Lef hebben en lef blijven hebben om door te gaan; dat is hun devies als ondernemers.

Evenals het hebben van een stip op de horizon.

En die stip, die hebben ze.

In Duitsland hebben ze al voet aan de grond. En België en Denemarken volgen nog.

 

En ze gaan door met handig inspelen op ontwikkelingen.

Eerder dit jaar zijn ze hun Bike Project gestart.

Daarmee spelen ze handig in op aandacht voor duurzaamheid en ontwikkelingen op het gebied van mobiliteit.

 

Hun Bike Project is een onafhankelijk e-bike leasebedrijf:

Onafhankelijk omdat iedereen bij welke fietsenwinkel dan ook, en dat geldt ook voor online, via Bike Project een e-bike kan aanschaffen.

De winkel, het merk, het maakt niet uit. De e-bike hoeft niet per se via Stella Fietsen gekocht te zijn”.

 

 

Ontwikkelingen bijhouden, zowel economisch, maatschappelijk, politiek, als op je vakgebied is cruciaal.

Wil je aan kunnen sluiten bij ontwikkelingen en behoeften in de markt.

En dus succesvol zijn in je loopbaan.

 

Dat geldt niet alleen voor ondernemers.

Maar voor professionals in zijn algemeen.

 

Naast inzicht in die ontwikkelingen moet je heel helder hebben wat jij als professional te bieden hebt.

Zodat je een koppeling kunt maken tussen wat de markt nodig heeft en wat jij met jouw kwaliteiten in de markt wilt zetten.

Of je nu wilt werken in loondienst of als zelfstandige.

Dat maakt in principe geen verschil.

 

 

In mijn programma ‘Bouw je ideale loopbaan’ leer je hoe je zicht krijgt op ontwikkelingen in de markt.

Hoe je scherp krijgt wat jij te bieden hebt, dus wat jouw kwaliteiten zijn.

En hoe je de koppeling maakt tussen wat jij te bieden hebt en waar de markt behoefte aan heeft.

 

Lees hier wat het programma jou te bieden heeft en uit welke opties je kunt kiezen.

 

En wil je eerst je vragen aan me voorleggen?

Maak een afspraak met me voor een oriënterend gesprek. Klik daarvoor op deze link.